Nathalie Granger

In Nathalie Granger doet Jeanne Moreau haast niets. Ze zit. Ze rookt – met overgave, dat wel, ze zuigt met doodsverachting in haar ogen het leven uit de ene na de andere filtersigaret. Ze praat af en toe, in zuinige, afstandelijke zinnetjes. En ze klust wat: ze maakt een vuur, ruimt een tafel af of breit, zonder dat ze er ooit huiselijker of gemoedelijker van wordt.

De titelrol uit Nathalie Granger (1972) van auteur en regisseur Marguerite Duras is die van het meisje Nathalie, het filmdochtertje van Lucia Bosé en haar wederhelft Moreau, voor wie Duras de rol van de moeder in tweeën splitste. Maar de meeste aandacht gaat naar het huis waarin de film zich loom en fotogeniek voltrekt. Duras' eigen huis was dat, gekocht na het succes van haar roman Un barrage contre le Pacifique (1950), in het plaatsje Neauphle-le-Château bij Parijs. Duras bracht er graag de warme maanden door.

Het huis houdt het midden tussen een hoeve, een villa en een burcht. Binnen worden lichte, spaarzaam ingerichte kamers verbonden door een eindeloze, zwart-wit betegelde gang, buiten is er een park met een sloot, waar Moreau op een van haar schaarse momenten van fysieke activiteit een roeibootje doorheen peddelt.

Duras zelf bestempelde Nathalie Granger later in een interview als ,,le cinéma de la maison''. Het huis was haar acteur. Waarom bevolkte ze het dan met vrouwen, vroeg de interviewer haar. Mannen kopen huizen, antwoordde Duras, vrouwen worden erin gezet. Zíj leven er. En dat heet dan geluk.

De twee moeders uit Nathalie Granger behandelen hun huis als een echtgenoot die je nauwelijks meer opmerkt, zo gewoon is hij geworden. Ze houden het netjes en nestelen zich op elke daartoe ingerichte plek, maar hun hoofd is elders: ze piekeren over Nathalie, die op school onhandelbaar wordt gevonden en van wie men nu eist dat ze naar een heropvoedingsinstituut gaat. Haar koffertje wordt de halve film lang gepakt, maar ze hoeft niet weg.

Bezoek komt er zelden. Als de deur een keer openstaat, treedt Gérard Depardieu binnen, een blakende jonge reus nog. Hij is handelsreiziger en komt om een wasmachine aan te prijzen. Midden in zijn technische verhaal onderbreekt Moreau, buiten beeld, hem met een zacht: ,,U bent geen handelsreiziger.'' Mais si, zegt Depardieu, en rommelt in zijn aktetas om het te kunnen bewijzen. Moreau herhaalt: ,,U bent geen handelsreiziger.'' De reus stort langzaam in. Ten slotte huilt hij.

Dit is het vijftiende deel van een serie over de films van Jeanne Moreau, naar aanleiding van een retrospectief in het Filmmuseum Amsterdam. `Nathalie Granger' (Marguerite Duras, 1972) wordt daar vertoond op 22 en 28 augustus. Eerdere afleveringen van deze serie zijn te lezen via www.nrc.nl.