David Bade: 'Ik dacht, Jezus, zo kan het dus ook'

In deel 3 van een serie over beeldend kunstenaars en de kunst die hen inspireert beeldhouwer David Bade over de Amerikaanse kunstenaar Paul Thek (1933-1988).

'Uren heb ik gisteren gezocht naar de catalogus die bij de tentoonstelling van Paul Thek in het Rotterdamse kunstcentrum Witte de With verschenen is. Mijn hele atelier heb ik overhoop-gehaald, iedere doos omgekeerd. Ik had graag nog even door het boek gebladerd, het is alweer tien jaar geleden dat ik zijn werk voor het eerst zag in Rotterdam. Maar ik heb het niet gevonden. En eigenlijk is dat ook wel weer heel symbolisch. Ik heb Paul Thek gezocht maar hem niet gevonden. Dat ongrijpbare had hij ook toen hij nog leefde.

'Ik zat nog op De Ateliers toen Chris Dercon, destijds directeur van Witte de With, mij vroeg om mee te doen aan de groepstentoonstelling WATT. Dercon was op dat moment bezig met de voorbereidingen voor een expositie van Paul Thek. Hij was het die me in aanraking heeft gebracht met zijn werk. ”Daar moet je eens naar kijken”, zei Dercon, ”dat heeft wel wat met jou te maken, met die fragiele beelden die je maakt.”Ik bouwde in die tijd veel assemblages van vergankelijke materialen. Die dingen flikkerden altijd om. Het was heel teer en dun wat ik maakte, maar doordat ik er zoveel tegelijk van toonde, waren het toch altijd hele volle installaties.

'De impact van de Paul Thek-tentoonstelling was groot. Jezus, zo kan het dus ook, dacht ik voortdurend. Hele ruimtes had hij ingenomen met zand. Hij had de natuur naar binnen gehaald. Overal lagen takken. Ik kende wel van die Land Art-werken uit de kunstgeschiedenis, maar dit was een soort Land Art die het museum ingebracht werd. Dat was behoorlijk revolutionair. Zeker wanneer je bedenkt dat de meeste werken die in Witte de With te zien waren al in de jaren zeventig door Thek gemaakt waren. Ik wil niet zeggen dat mijn eigen werk door die eerste ontmoeting met Theks oeuvre, dat ik tot dan toe alleen op plaatjes had gezien, veranderd is. Maar het heeft wel mijn spectrum verbreed van de mogelijkheden in de kunst.

Bad painting

'Ik was overdonderd door de directheid van Theks werk. Het had een bepaalde ruigheid, een heel andere esthetiek dan ik gewend was. Ik kan me een tafel herinneren die aan een plafond hing. En aan de muur was een hele rij lullige, bijna monochrome schilderijtjes gespijkerd. Op zithoogte, en met een stoeltje ervoor, zodat de toeschouwers ze zittend konden bekijken. Dat vond ik prachtig. Thek kon volgens mij helemaal niet schilderen. Het was een soort bad painting, maar dat sprak mij juist wel aan.

'Nu, tien jaar later, is mijn waardering voor Thek van een heel andere orde. Wat me nu vooral fascineert, is dat die tentoonstelling een reconstructie was van oudere installaties. Thek was namelijk al een aantal jaren dood. Ik weet nog dat toen een discussie ontstond over de vraag hoe je als museum of als collectioneur om zou moeten gaan met dit soort vergankelijke installaties. Met werk van kunstenaars die hele environments gemaakt hebben en er bij het inrichten van de expositie niet meer bij zijn? Hoe doe je dat? Dat stelde Dercon met die tentoonstelling aan de orde.

Vergankelijkheid

'Destijds kon die vraag me niet zo boeien. Ik was 24, en vooral bezig met produceren. Als je zo jong bent, wil je in de eerste plaats tonen dat je er bent. Maar als ik nu terugdenk aan Paul Thek, is het vooral dat vergankelijke aspect van zijn werk dat me bezighoudt. Mijn beelden hoeven geen eeuwigheidswaarde te hebben. Maar soms krijg je de vraag van een museum om een oude installatie opnieuw op te bouwen. En dan schiet er wel eens door je hoofd: hoe doen ze dat, als ik er niet bij ben? Je wilt toch dat jouw werk, visie en gedachtegangen goed verkondigd worden. Galeries pikken vaak de tekeningen uit mijn installaties, want die zijn verkoopbaar. Of ze zetten een los beeld op een voetstuk. Laatst wilde een museum alleen een deel van een installatie kopen. Toen heb ik maar niet al te moeilijk gedaan. Dan zagen we dat stuk er toch gewoon uit? Het ding is nu een autonoom beeld geworden.

'Een held zou ik Paul Thek niet willen noemen. Helden heb ik niet. Ik ben niet zo dweepziek. Ik heb me ook nooit verdiept in zijn persoonlijke leven, zou je niet eens kunnen vertellen hoe hij is gestorven. Mijn verhouding met mijn voorbeelden is nogal dualistisch. Natuurlijk moet je in je werk kennisnemen van andere kunstenaars. Het is goed dat ze er zijn. Maar ik hanteer graag het standpunt: weten om weer te vergeten. Dat heeft, denk ik, te maken met een soort eigenwijsheid. Het belangrijkste is dat je dicht bij jezelf blijft.

'Ik denk dat ik, heel onbewust, wel een soort grondhouding bij Thek herkende. Hij had humor, ging niet zo pretentieus met kunst om. Hij beperkte zich ook niet tot één discipline. En hij werkte vaak met grote groepen mensen aan zijn environments. Thek liet anderen toe in het maakproces, durfde de dingen los te laten. Dat doe ik ook. Voor het project Onze Vader Ons Moeder in Oss bijvoorbeeld, heb ik samengewerkt met 300 Vmbo-leerlingen. En nu ga ik samen met de inwoners van Vlissingen bouwen aan vier nieuwe permanente beelden voor het Stadhuisplein. Die sociale projecten zijn een steeds belangrijker onderdeel geworden van mijn kunstenaarschap. Kunst, niet alleen de mijne, moet verder komen dan de witte muren van het museum.'

Werk van David Bade is in augustus te zien bij galerie Sabine Wachters in Knokke en in de tuin van het Zoutekerkje in Knokke, België. Vanaf half september werkt David Bade ter plekke, en met publiek, aan vier nieuwe permanente beelden voor Vlissingen. Inl: www.arteswa.com

Biografie David Bade

1970 Geboren in Willemstad, Curaçao

1987-1991 Nederlandse Lerarenopleiding, tekenen en handvaardigheid, Diemen

1991-1993 De Ateliers, Haarlem/ Amsterdam

1993 Basisprijs Prix de Rome, tekenen

1994 'Couplet III', Stedelijk Museum, Amsterdam

1995 'Among Others', Biennale Venetië

2000 Solotentoonstelling 'Badezimmer', Centraal Museum, Utrecht

2001 Oplevering sculptuur op Blaak/ Skatepark, Rotterdam

2002 Oplevering sculptuur bij entree GEM, Den Haag

2003 Solotentoonstelling 'Uw Kenmerk', Museum De Hallen, Haarlem

2003 Oprichting Stichting ArteSwa

2000-2004 gastprofessor Hochschule für Kunste, Bremen

    • Sandra Smallenburg