Vervuiling water met medicijn aanpakken

Het kabinet gaat een speciale werkgroep instellen die het probleem van medicijnen in het drinkwater moet verkleinen. Dat heeft staatssecretaris Van Geel (Milieu, CDA) geantwoord op vragen van D66 in de Tweede Kamer.

In de werkgroep nemen deskundigen van de ministeries van Landbouw, Volksgezondheid, Verkeer en Milieu zitting. Zij moeten volgend jaar voorstellen doen voor het terugdringen van restanten van medicijnen in water. Het gaat dan om geneesmiddelen voor mensen en dieren. De deskundigen moeten volgens de staatssecretaris uitzoeken ,,langs welke verschillende routes de stoffen in het milieu komen'', om vervolgens voor te stellen op welke plaats het best kan worden ingegrepen om vervuiling te verminderen of te voorkomen.

Tijdens een milieudebat in Den Haag, begin vorige maand, liet Van Geel blijken ,,bijzonder verontrust te zijn'' over de vervuiling van drinkwater met resten van medicijnen. ,,Het gaat om de diffuse verspreiding van gevaarlijke stoffen zoals zware metalen en hormonen, zowel in de bodem als in ons oppervlakte- en drinkwater.''

Volgens de staatssecretaris komen er steeds meer signalen dat deze verspreiding groot is: ,,Op dit moment moeten Britse drinkwaterbedrijven reeds alert zijn op sporen van Prozac, het bekende antidepressivum in hun water.'' Ook in Nederland zal daar meer aandacht aan moeten worden geschonken, vindt Van Geel. Een maand eerder had de Waterleidingmaatschappij Limburg gewaarschuwd dat de chemische vervuiling van het Maaswater te sterk was, waardoor het water ongeschikt bleek als drinkwater.

Tweede-Kamerlid Van der Ham (D66) was verbaasd over de bezorgdheid van Van Geel, omdat deze een jaar eerder op grond van een rapport van het Rijksinsitituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) aan de Kamer had gerapporteerd dat ,,het risico voor de consument verwaarloosbaar klein is''. Van der Ham: ,,Voldoet dat RIVM-rapport nog wel?'' Volgens Van Geel is er wat dit betreft nog niet zoveel veranderd. ,,Volgens de huidige wetenschappelijke kennis is dit risico verwaarloosbaar klein, aangezien de aangetroffen hoeveelheden zeer ver liggen onder het niveau waarbij enig effect verwacht kan worden.''