Polsbandjes taboe op het voetbalveld

De populaire rubberen polsbandjes zijn voortaan taboe op de Nederlandse voetbalvelden. Voetballers moeten de bandjes die in bijna alle kleuren verkrijgbaar zijn en waarvan de opbrengst vaak naar een goed doel gaat, achterlaten in de kleedkamer.

De maatregel is onderdeel van een verbod dat de Nederlandse voetbalbond (KNVB) heeft uitgevaardigd op het dragen van sieraden op het veld. Ook het intapen van bijvoorbeeld (trouw)ringen of oorbellen wordt niet langer toegestaan. De voetbalbond wil ook geen piercings zien.

De hausse aan bandjes werd vorig jaar ingezet met de gele bandjes van de kankerstichting van de Amerikaanse wielrenner Lance Armstrong. Er kwamen onder meer ook bandjes voor respect (oranje) en tegen geweld (rood). De Franse voetballer Thierry Henry introduceerde een bandje (zwart-wit) tegen racisme.

Ook verschillende regels worden aangescherpt, bijvoorbeeld voor het beledigen `in woord en gebaar' van scheidsrechters. ,,Dit betekent dat voor handtastelijk optreden tegen een scheidsrechter of zijn assistent, maar ook bij protesten waarbij grove of beledigende taal wordt gebruikt, de rode kaart moet worden getoond'', zei Jaap Uilenberg, hoofd scheidsrechterszaken van de KNVB, gisteren op de scheidsrechtersdag in Zeist. ,,Ook bij massale protesten worden spelers met minimaal een gele kaart bestraft. En spelers die protesteren en daarbij komen aangerend naar de scheidsrechter, krijgen minimaal een gele kaart. Het gaat dus om de wijze van protesteren.''

Wat het spel zelf betreft geldt vanaf het nieuwe seizoen, dat volgende week begint, voor het eerst een afstandsbepaling bij een inworp. In het nieuwe seizoen moet een tegenstander ten minste twee meter van de speler gaan staan die de bal ingooit. Wie de nieuwe regel overtreedt, krijgt een gele kaart.