Duisenberg leek op Reagan

Bij het overlijden van Wim Duisenberg zoekt men onwillekeurig naar parallellen met andere politieke figuren van formaat uit de recente geschiedenis. Verrassend genoeg dringt zich Ronald Reagan op – verrassend, omdat het hoofd van De Nederlandsche Bank en de Amerikaanse president politiek zo sterk verschilden.

Politieke verschillen verhullen soms dieper liggende, meer fundamentele overeenkomsten, en dat is hier het geval. Zowel Duisenberg als Reagan was een visionair – zij waren mensen met eenvoudige, rechtlijnige opvattingen, waaraan zij koppig vasthielden en die zij in hun beleid altijd lieten meewegen.

Zij waren mannen van de `grote lijn', heel anders dan de kortzichtige `experts' en technocraten die – zonder veel visie, en nodeloos arrogant en neerbuigend – ten onrechte meesmuilden dat deze grote mannen niet `slim' waren; anderen moesten dan maar uitmaken hoe het mogelijk was dat deze `domkoppen' zulke verheven posities hadden bereikt. Zoals alle grote mannen zijn beiden, terwijl zij aan de macht waren, het mikpunt geweest van felle persoonlijke aanvallen.

Maar Duisenberg en Reagan zouden het laatst lachen, want de historici en de publieke opinie hebben een spectaculaire ommezwaai gemaakt in hun voordeel. De tomeloze vastberadenheid waarmee zij ieder hun eigen visioen najaagden, heeft uiteindelijk reusachtig geloond: de euro blíjft en de Sovjet-Unie is voorgoed verdwenen. Beide uitkomsten zijn zeer gunstig voor Europa.

Ook in karakter en uiterlijk vertoonden deze twee leidersfiguren opvallende overeenkomsten. Beiden waren zelfverzekerd en aantrekkelijk, maar niet arrogant. Met zijn rijzige gestalte, indrukwekkende witte haardos en diepe stem stak Wim Duisenberg af tegen de doorgaans zo grauwe massa der centrale bankiers. Bij Reagan hebben zijn knappe voorkomen, zijn zelfverzekerde optreden en zijn achtergrond als acteur bijgedragen tot zijn succes als politicus. Beiden stonden bekend om hun toeschietelijke aard en hun meesterlijke one-liners. Van Duisenberg is bijvoorbeeld ,,Ik hoor het wel maar ik luister niet'', en van Reagan ,,Meneer Gorbatsjov, sloop die muur.''

Duisenberg gold echter, anders dan Reagan, niet als een goede communicator. Hij was zeker niet glad of gehaaid of iemand die zich goed wist te `verkopen' – daar was hij te eerlijk voor. Toch lijken de financiële markten en de media zijn stijl nu te missen. Hij leerde ook van zijn vergissingen, en in zijn laatste jaren als bankpresident is zijn bekwaamheid nog toegenomen.

Duisenberg en Reagan hadden ook een vergelijkbare manier van werken. Beiden wisten zich buitengewoon knap te omringen met zeer kundige, loyale en toegewijde adviseurs en medewekers, die hun overtuigingen deelden en die gezamenlijk het beleid vorm gaven.

Geen van beiden was bang om te delegeren, wat hun politieke tegenstanders zo nu en dan het verwijt van luiheid in de mond heeft gegeven. Dat was uiteraard nonsens. Die onbillijke persoonlijke aanvallen waren bedoeld om hen af te houden van hun historische missie. De geschiedenis laat zien dat de critici jammerlijk hebben gefaald.

De laatste, en wellicht meest fundamentele oveeenkomst tussen Wim Duisenberg en Ronald Reagan was dat zij allebei veel geluk hadden. Zoals alle groten waren zij de juiste mannen op het juiste moment op de juiste plaats. Toen Ronald Reagan ten tonele verscheen, stond de Sovjet-Unie op instorten. Hij kreeg een unieke kans, en die greep hij. Evenzo had Wim Duisenberg het geluk dat juist toen hij op het toppunt van zijn kunnen als centraal bankier stond, Europa klaar was voor de euro en voor de Europese Centrale Bank. Ook hij heeft zijn kans gegrepen.

Melvyn Krauss is senior fellow aan Hoover Institution van Stanford University.

    • Melvyn Krauss