De woede overwonnen

Een selectie uit de toespraken van Nelson Mandela is vertaald in het Nederlands. Hoe kan het toch dat zijn woede zo plotseling verdween?

Wie een reis boekt naar Kaapstad en op de website van Magical Cape Town Vacations terechtkomt, krijgt een slogan over Nelson Mandela te zien: `Léés niet alleen over hem – maar bezoek Robbeneiland zelf ook eens!'

Het is een van de vele manieren waarop de legende Mandela wordt gebruikt: de man van wie lange tijd elke afbeelding verboden was, is nu een van de meest afgebeelde figuren in Zuid-Afrika op kussenslopen, horloges en wat al niet meer. De Mandela Foundation is in talloze processen verwikkeld tegen de `verdisneysering' van de oud-president, maar keurde onlangs zijn afbeelding op souvenirmuntjes nog goed. Tegelijkertijd toont de slogan van het reisbureau slechts een van de vele kanten van de persoon Mandela. Niemand lijkt greep te kunnen krijgen op deze man, die uitgegroeid is van het symbool van verzet tot het toonbeeld van verzoening – de vleesgeworden `streep eronder' als het ware.

Symbolisch is dan ook een beeld van Mandela in een museum buiten Johannesburg. Het kunstwerk is opgebouwd uit losse delen en er is niets aan gedaan om ze tot één geheel te maken. Integendeel: de kracht van het beeldhouwwerk bestaat erin dat Mandela uit allemaal losse stukken is opgebouwd. De brokstukken vormen samen een verzameling van wat de tijd van hem heeft gemaakt: Nelson Mandela als historische collage. Het probleem om hem te omvatten, is mooi verwoord door Antjie Krog in Een andere tongval. Hierin vertelt zij over een televisie-interview met hem, waarin elke vraag die ze stelt verkeerd valt. Wat Krog in dat gesprek probeert, is inzicht te krijgen in de persoon Mandela, terwijl het hem in de eerste plaats te doen is om de collectiviteit: hij is onderdeel van het ANC en als individu ondergeschikt aan de massa. Een voorbeeld hiervan blijkt uit wat hij zei in een toespraak op Vrijheidsdag in 1998: `Wij komen bijeen om opnieuw te benadrukken dat we één volk zijn, met één bestemming, en om ons opnieuw te verbinden aan het bereiken van de doelstellingen die ons tot een volk maken. De geschiedenis van wat nu de Westkaap is – net als die van de rest van ons land – heeft ons geleerd dat je vrijheid niet kunt verdelen. De vrijheid van één mens is de vrijheid van de anderen, en waar ook maar één mens niet vrij is, is niemand vrij.'

Die nadruk op de collectiviteit is eigenlijk niet te bevatten, maakt misschien zelfs een beetje wantrouwig. Ieder mens vindt het toch prettig om af en toe gestreeld te worden in zijn ijdelheid en ieder mens zou toch met een flinke dosis rancune van Robbeneiland afkomen? Wat ligt er dan meer voor de hand om in toespraken of interviews, desnoods semi-zijdelings, in te gaan op het eigen leed, in het besef dat je de verontwaardiging die dat oproept nu zelf kan aanschouwen.

Maar Mandela spreekt tijdens monumentendag op `erfgoed' Robbeneiland alsof hij er zelf nooit gezeten heeft, de gevangenis dient alleen als illustratie van wat er is geweest en wat in de toekomst ligt. `Wanneer we denken aan de politieke gevangen die hier zaten, beseffen we dat die idealen een concrete inhoud moeten hebben om werkelijk iets te betekenen. Ze moeten tot rechtsbescherming leiden en schoon water, adequate gezondheidszorg en huisvesting brengen.' Wat is hier aan de hand? Is het onmogelijk om over jezelf te praten tijdens zo'n bijeenkomst of staat Mandela niet alleen boven alle partijen, maar ook boven zichzelf?

Wellicht kan je jezelf volledig wegcijferen wanneer de ijdelheid vanzelf vaak gestreeld wordt, omdat je bij een Live Aid-concert langer en luidruchtiger bejubeld wordt dan alle optredende artiesten bij elkaar, wanneer er al meer dan dertig biografieën en citatenbundels over en van je zijn gepubliceerd, wanneer men in Leeds (Engeland) een tuin voor je ontwerpt, wanneer er een museum in Soweto en een `Centrum voor herinnering en herdenking' naar je is vernoemd, wanneer je kortom bent verworden tot de `ruggengraat' van de Zuid-Afrikaanse nieuwe geschiedenis, zoals correspondent Bram Vermeulen het in deze krant omschreef.

Het accent op het belang van de collectiviteit en verzoening in de toespraken van Mandela – waarvan nu een selectie is verschenen in Nederlandse vertaling – is ongetwijfeld de reden dat hij tot een instituut is verworden en waardoor, onbedoeld, andere anti-apartheidsstrijders uit het verleden terzijde zijn geschoven. Daar doen de redes die Mandela heeft gehouden over zijn kameraden, die zijn opgenomen onder het kopje `Helden', niets aan af.

Een veelzeggende redevoering uit 1992 gaat over Ruth First – tien jaar nadat zij vermoord werd door de Zuid-Afrikaanse geheime dienst. In dit stuk wordt niet alleen een beeld gegeven van haar activiteiten (zoals in de toespraken over Steve Biko, Joe Slovo en Desmond Tutu), maar er spreekt ook persoonlijke verontwaardiging uit over de moorden die volgens hem een duidelijke systematiek vertonen en alleen maar bedoeld zijn `om de spanningen op te voeren en wraakacties uit te lokken'. De Zuid-Afrikaanse veiligheidstroepen wordt de hand boven het hoofd gehouden, terwijl `amnestie moet samengaan met de volledige openbaarmaking van de misdaden uit het verleden en met de bekendmaking van wie deze hebben gepleegd. Dit is niet bedoeld om wraak te kunnen nemen, maar om ervoor te zorgen dat we dat soort etterende wonden niet naar de toekomst meenemen. Een zuiveringsproces betekent niet simpelweg een proces van vrijpleiting.'

De woede die Mandela hier nog uit, wordt omgezet in verzoenende woorden na 1994 wanneer hij president is. De angst voor een situatie als in Zimbabwe is groot, zo blijkt onder meer uit een toespeling die Mandela maakt als het gaat om aanvallen op boeren in Bothaville: `De ingewikkelde problemen van de misdaad op onze boederijen en elders roepen om langetermijnoplossingen. Voor het zover is, moeten wij ons allemaal inzetten om dergelijke geweldsuitbarstingen te stoppen. Daartoe zullen we de plattelandsgebieden stabieler moeten maken door de arbeidsverhoudingen te normaliseren en de veiligheid van de arbeiders te garanderen.'

Vanaf 1994 kan je ruwweg stellen dat de verwijten naar extreem-rechts en president De Klerk plaatsmaken voor verzoenende woorden. In 1993 zegt Mandela nog: `Een van de belangrijkste redenen waarom extreem-rechts een ernstige bedreiging vormt, is omdat de regering-De Klerk altijd heeft gedaan alsof het niet bestond. Hetzelfde geldt voor de wijze waarop de regering-De Klerk altijd heeft geweigerd op te treden tegen hen die geweld propageren.' Daarna worden de redes abstracter, vaker gevuld met een anekdote (dat geldt niet voor zijn toespraken over aids, die worden juist feller). En daarmee is de legende definitief: wie zich niet meer boos maakt, is onaantastbaar geworden.

Het uitschakelen van de eigen emotie is misschien wel de enige manier geweest om tot verzoening over te kunnen gaan. Maar het blijft verbazingwekkend dat die overgang zo snel is gegaan: er zit maar twee jaar tussen de kwaadheid die nog spreekt uit de amnestie die de regering voor zichzelf had bedacht in 1992 en de aanvaarding daarvan bij de inaugurele rede van 1994: `Als bewijs van haar inzet voor de vernieuwing van ons land zal de nieuwe interim-regering van nationale eenheid met voorrang het amnestievraagstuk voor verschillende categorieën gevangen bespreken.' Deze overgangsfase is interessant. Bij de vraag waar de grens ligt tussen verzoening en historisch besef raak je namelijk niet alleen een kern van de hedendaagse geschiedenis van Zuid-Afrika, maar ook een belangrijk aspect van de mens Mandela.

Amandla! biedt helaas weinig uitkomst in deze kwestie. De redevoeringen die zijn opgenomen, geven een bij vlagen hoopvol maar ook vertekend beeld van vijftien jaar democratie in Zuid-Afrika, omdat de meeste zijn geschreven naar aanleiding van een opening of viering van een en ander. De bundeling is wat dat betreft een treffend voorbeeld van de `verANC-isering van de Zuid-Afrikaanse geschiedenis' (Bram Vermeulen). Wie echter ook wat meer te weten wil komen over de mens Mandela komt na lezing van deze bundel bedrogen uit. Daarvoor zijn er veel te weinig teksten van voor 1990 beschikbaar. Misschien is het ook wel helemaal niet mogelijk om een helder beeld te krijgen van de man die verworden is tot een icoon – zowel voor onze visie op Zuid-Afrika als voor de souvenirmuntjes.

Nelson Mandela: Amandla! Nelson Mandela in zijn eigen woorden. Uit het Engels vertaald door Onno Kosters. Contact, 288 blz. €19,90