Macedonië en Servië sussen hun ruzie

In Servië en Macedonië hebben politieke leiders gisteren geprobeerd, de opgelopen spanningen tussen beide landen te sussen – met één uitzondering.

De betrekkingen tussen de twee landen zijn de afgelopen week onder druk gekomen als gevolg van de veroordeling en hechtenis van de Servisch-orthodoxe aartsbisschop van het Macedonische Ohrid, Bisschop Jovan. Hij is door een Macedonische rechtbank veroordeeld wegens het zaaien van nationale, raciale en religieuze haat tegen de Macedoniërs. In Servië is zijn vrijlating geëist.

De presidenten van beide landen, Boris Tadić en Branko Crvenkovski, legden gisteren in een telefoongesprek de nadruk op de goede relaties tussen Belgrado en Skopje en onderstreepten dat religieuze conflicten niet door de staat, maar door de kerk dienen te worden opgelost. Tadić feliciteerde gisteren Crvenkovski met de Macedonische nationale feestdag. Beiden waren het met elkaar eens dat beide landen op vriendschappelijke voet met elkaar omgaan en samenwerken op basis van niet-inmenging in elkaars aangelegenheden. Het conflict over Bisschop Jovan mag daar volgens de twee presidenten geen verandering in brengen. Later sprak Crvenkovski tegen dat de Servische leiders hebben verhinderd dat hij de Macedonische feestdag als gebruikelijk in een klooster in Zuid-Servië zou vieren.

Ook andere Servische en Macedonische ministers wezen gisteren op de traditioneel goede relaties tussen beide landen. Daarbij werd van Servische kant ook gewezen op het belang van Macedonië als handelspartner.

De enige uitzondering was de Servische minister van Kapitaalinvesteringen, Velimir Ilić – de minister die de afgelopen dagen het conflict over de bisschop voortdurend heeft opgeblazen. Hij zei gisteren dat Macedonië ,,zich onbeschaafd gedraagt'' en dat Servië ,,zijn tanden moet laten zien aan diegenen die mensenrechten en vrijheden vertrappen''. ,,Het Servische volk is altijd waardig en trots. We mogen niet toestaan dat we een dolkstoot in de rug krijgen. We mogen niet toestaan dat iemand ons vernedert. Als we hun toestaan onze patriarch te arresteren lacht de hele wereld ons uit'', aldus Ilić.