Inhoudelijk en soms bot

Els Unger is een vrouw. En dat is een belangrijke reden voor haar benoeming, vorige maand, tot deken van de Nederlandse Orde van Advocaten, weet Unger. Zij is de eerste vrouw in die functie sinds de oprichting van de beroepsorganisatie van advocaten in 1952. ,,De tijd is er kennelijk rijp voor'', constateert Unger, verwijzend naar de recente benoemingen van vrouwelijke voorzitters door FNV vakcentrale en de beroepsvereniging van apothekers.

Maar haar vrouwzijn is beslist niet de enige reden, weet Koos de Blécourt, advocaat bij het kantoor De Brauw Blackstone Westbroek en lid van de Algemene Raad, het bestuur van de Orde van Advocaten. Unger zat al in de Raad voor ze deken werd. ,,Unger heeft gevoel voor politieke verhoudingen. Ze is diplomatiek en geduldig.'' Dat móét je ook zijn bij het soort werk dat ze doet, weet De Blécourt. Unger doet als advocaat vooral bestuurs- en arbeidsrecht. Ze staat vaak ondernemingsraden van grote ondernemingen bij. ,,Dan moet je je ook kunnen inleven in de belangen van het bedrijf, en niet uitsluitend van de werknemers die je vertegenwoordigt. Dan weet je wel wat er speelt in de wereld'', zegt De Blécourt.

Net als de vorige deken, Jeroen Brouwer, komt Unger van een klein kantoor en heeft ze affiniteit met de sociale advocatuur. Unger begon haar loopbaan in 1982 bij het Buro voor rechtshulp in Amsterdam. Na een paar jaar als advocaat in loondienst te hebben gewerkt, richtte ze in 1991 haar eigen kantoor op: Unger Hielkema Advocaten. ,,Het kantoor waar ik werkte hield op in die vorm te bestaan. En ik had ook veel zin om eigen baas te zijn'', verklaart ze die stap.

Unger was in de Raad de afgelopen jaren verantwoordelijk voor de sociale advocatuur. Toen liet ze zien niet terug te schrikken voor impopulaire beslissingen, zegt Joop Seegers. Hij is advocaat in Amsterdam en lid van de Raad van toezicht van de Amsterdamse Orde van Advocaten, en kent Unger al sinds hun rechtenstudie aan de Universiteit van Amsterdam. Volgens de advocaten die gefinancierde rechtshulp leverden aan mensen met lage inkomens, betaalde de overheid daarvoor een te lage vergoeding, zegt Seegers. De regering wilde de beloning alleen verhogen als sociale advocaten een kwaliteitscertificaat zouden invoeren. ,,De kosten van die certificering – in geld en tijd – zijn hoog, en lang niet iedereen was overtuigd van de voordelen'', zegt Seegers, die zich herinnert dat Unger de uitruil als onvermijdelijk zag. ,,Volgens veel mensen is de Orde te snel akkoord gegaan met die verplichting, voor een paar euro per uur meer. Maar Unger is niet bang om te handelen volgens de realiteit zoals zij die ziet.''

Seegers is blij met haar benoeming. ,,Besturen zit haar in het bloed. Ze is heel gedecideerd en duidelijk over wat ze wil.'' En daar is volgens Seegers behoefte aan nu de advocatuur onder vuur ligt. Het exclusieve recht van advocaten om personen in rechtszaken te vertegenwoordigen staat onder druk. Net als het verschoningsrecht, dat bepaalt dat advocaten justitie geen informatie hoeven te geven over hun cliënten. ,,De bewaking van die essentiële rechten is bij haar in goede handen.''

Niet iedereen zal volgens Seegers begrip hebben voor haar directe stijl. ,,`Tactvol' zou niet mijn eerste typering van haar zijn.'' Advocaat en medeoprichter van het kantoor van Unger, Huib Hielkema, bevestigt dat Unger soms ,,bot'' over kan komen. Dat zou tot problemen kunnen leiden als mensen haar niet kennen. ,,Maar ze is inhoudelijk zo sterk, dat mensen het accepteren. En ze weet wanneer ze die eigenschap moet inzetten.''

Dat `natuurlijk gezag' is ook de belangrijkste eigenschap die maakt dat Unger een goede deken zal zijn, zegt Hielkema. Naast haar diepgang (,,ze kent haar klassiekers'') en haar perfectionisme (,,niet altijd prettig voor haarzelf'') prijst hij ook haar rust.

Al dan niet deken worden is een van de moeilijkste beslissingen die ze ooit heeft moeten nemen, zegt Unger zelf. De Orde heeft haar dan ook twee keer moeten vragen. ,,Aanvankelijk vond ik dat er meer redenen waren om nee te zeggen dan ja. Vooral het niet kunnen uitvoeren van de praktijk, en het beslag op mijn privé-leven wogen zwaar.'' Toen de Orde haar nogmaals vroeg, stemde ze alsnog toe. ,,Mijn man steunt me volledig en wees me erop dat het wel in mijn ambitie past. Ik hou ervan ook bestuurlijk betrokken te zijn bij de dingen die ik doe. De gedachte aan het glazen plafond gaf de doorslag. Ik ben wel een vechtertje.''

    • Elsje Jorritsma