AzG staakt hulp in deel Ituri

Meer dan honderdduizend mensen in de Oost-Congolese regio Ituri moeten het voorlopig zonder gezondheidszorg stellen, omdat hulporganisatie Artsen zonder Grenzen haar activiteiten in de buitenposten staakt. Ze vindt het werk gezien de veiligheidssituatie niet langer verantwoord. Alleen in het centrale ziekenhuis van de hoofdstad Bunia blijft de organisatie actief.

Aanleiding tot die ingreep is de ontvoering van twee stafleden op 2 juni. Het tweetal werd tien dagen later weliswaar weer bevrijd, maar Artsen zonder Grenzen vindt de situatie voor haar personeel toch te gevaarlijk.

De aard van het geweld in Ituri is aan het veranderen, constateert Artsen zonder Grenzen. Aanvankelijk streden gewapende groepen met elkaar, nu richten ze zich steeds meer tegen burgers. In het rapport Niks nieuws in Ituri constateert de organisatie dat het geweld in de regio onverminderd doorgaat, ondanks de aanwezigheid van bijna 5.000 VN-militairen.

Het rapport geeft een groot aantal voorbeelden van moorden, gevallen van marteling, verkrachting en ontvoering. Benden die dorpen overvallen, nemen de mannen mee als dragers van de buit. Gevangen vrouwen worden ingezet als kok, huishoudelijke hulp en seksslaaf. Artsen zonder Grenzen heeft in Ituri 3.500 vrouwen behandeld die seksueel waren misbruikt. Hun leeftijden variëren van acht tot tachtig. In de meeste gevallen werden ze met geweren of kapmessen bedreigd.

De burgeroorlog in Congo is officieel ten einde. Maar in het oosten van het land is de orde nooit hersteld. Inzet van de strijd zijn meestal de vele bodemschatten in het gebied.