WTO stelt EU in ongelijk in bananenzaak

De Wereldhandelsorganisatie (WTO) heeft de Europese Unie in het ongelijk gesteld wegens een nieuw invoertarief voor bananen. (Latijns-)Amerikaanse exporteurs worden hierdoor benadeeld, aldus de WTO.

Een arbitragecommissie van de WTO deed gisteren uitspraak in een zaak die in het voorjaar aanhangig was gemaakt door een aantal Latijns-Amerikaanse landen. Zij reageerden op een beslissing van de Europese Commissie om per 1 januari 2006 een nieuw invoertarief van 230 euro per ton bananen in te stellen. Het nieuwe tarief moet een gecompliceerde tariefstructuur van heffingen en quota's vervangen.

Ruim 60 procent van de bananen op de Europese markt is afkomstig uit Latijns-Amerika, waar grote Amerikaanse bedrijven als Chiquita werkzaam zijn. Twintig procent komt uit de EU zelf en 20 procent wordt ingevoerd uit zogenoemde ACP-landen, veelal voormalige Europese kolonieën in Afrika, het Caraïbisch gebied en de regio rond de Stille Zuidzee. Deze landen mogen hun bananen heffingvrij invoeren in de EU. Daartegen maken de Latijns-Amerikaanse bananenlanden bezwaar, omdat het leidt tot een ongelijke markttoegang.

De arbitragecommissie van de WTO in het bananendispuut oordeelde gisteren dat het nieuwe Europese tarief ,,niet zal leiden tot algehele markttoegang'' voor Latijns-Amerikaanse bananenproducenten. De WTO heeft de Europese Commissie nu tien dagen de tijd gegeven om het gesprek met de Latijns-Amerikaanse landen te hervatten over een nieuwe invoerheffing per 1 januari 2006.

In een reactie liet eurocommissaris Fischer Boel (Landbouw) weten dat het altijd de bedoeling is geweest ,,de tariefstructuur te veranderen, maar niet om het beschermingsniveau (ten bate van Europese en ACP-bananen) te verhogen''. Haar collega van Handel, Mandelson, riep alle betrokken partijen op ,,binnen de krappe deadline van de WTO tot een onderling acceptabele overeenkomst te komen''.

In een ander handelsconflict stelt Japan sancties in tegen de Verenigde Staten uit vergelding voor een omstreden antidumpingbepaling, zo meldt het ANP. Op 1 september worden invoerheffingen van kracht voor vijftien Amerikaanse producten, waaronder staal.

Japan mag de strafheffingen opleggen op grond van een uitspraak van de WTO. Die heeft na klachten van onder meer Japan het zogeheten Byrd-amendement in de Amerikaanse handelswetgeving veroordeeld. Dit amendement bepaalt dat strafheffingen op onder de kostprijs verkochte buitenlandse goederen toevloeien aan de Amerikaanse bedrijven die daarover hebben geklaagd.

Ondanks de WTO-uitspraak is de omstreden wetgeving nog steeds van kracht. Eerder dit jaar vloeiden miljoenen dollars terug naar Amerikaanse bedrijven. Canada en de Europese Unie gingen al eerder over tot het instellen van handelssancties tegen de VS. Ook zij hebben bij de WTO geklaagd.