Knutselen, uit noodzaak geboren

Onze correspondenten gaan deze zomer op de nostalgische toer. Zelfredzaamheid was in Oost-Europa belangrijk toen het systeem de burger de meest noodzakelijke zaken onthield.

Die tandenborstel zonder haren deed het hem. Iemand had de tandenborstel gesmolten, kunstig krom gebogen en van een haakje voorzien. In 1994 hing Vladimir Archipov bij een vriend zijn jas op aan dit tandenborstel-knaapje en besefte in een flits een nieuwe kunstvorm te hebben ontdekt, waaraan hij zijn leven zou wijden.

Archipov heeft inmiddels ruim 2.500 Russische voorwerpen opgeslagen in zijn `Volksmuseum voor Huisgemaakte Objecten' (nu nog slechts een vochtige kelder in Moskou) en een prachtig boek gepubliceerd: `Uit noodzaak geboren'. De voorwerpen zijn niet uniek voor Rusland, stelt Archipov. ,,Maar bij westerlingen gaat het om het pure genot van het scheppen, terwijl het bij ons meestal een kwestie van armoede of schaarste is.''

Archipovs verzameldrift richt zich op het knutselwerk waarmee de Sovjetmens zijn leven onder het reëel bestaand socialisme dragelijk hield: van simpele gebruiksvoorwerpen en speelgoed tot complexe apparatuur. Het Sovjetsysteem werkte zowel schaarste van de meest basale goederen als verkwistende overvloed in de hand, omringde burgers met lelijke, inferieure of waardeloze voorwerpen en legde de meest bizarre beperkingen op. Maar, zoals een van zijn kenners zegt, als je goed om je heen kijkt, heb je alles wat je nodig hebt. Zo heeft Archipov een badstop gevonden die uit een vork en een de hak van een damesschoen is vervaardigd, een onderzetter voor plantenpotten van gebogen langspeelplaten en verfrollers van haarkrullers.

Wat de cultuur van socialistisch knutselen ten zeerste stimuleerde was de goed geschoolde, zeer technische bevolking, denkt Archipov. ,,De Sovjet-Unie produceerde miljoenen ingenieurs, de Rus had en heeft een intiemere relatie met techniek dan de westerling. Kijk maar waartoe hij in staat is als zijn auto met pech langs de weg staat.'' Ook was er de wijdverbreide praktijk van nesoeni, waarbij de arbeider zonder enige gewetensnood van zijn fabriek stal wat hij nodig had. Archipov: ,,De productiemiddelen waren toch van het volk?''

In de Sovjet-Unie ging achter de façade van gelijkvormigheid een wereld van anarchisme en afwijking van de standaard schuil. Vladimir Archipov heeft exemplaren van de bekendste en meest wijdverbreide Sovjetimprovisaties in zijn collectie. Zoals `platen op botten', oude röntgenfoto's die werden gebruikt om illegaal muziek op te nemen, of de `Conman'. In de jaren twintig en dertig kregen dorpshuisjes uit zuinigheid slechts één sokkel voor een gloeilampje: de Conman bouwde die om tot stopcontact. Andere improvisaties zijn soms ontroerend stuntelig: een deurmat van bierdoppen, een mierenval van ragfijne draadjes onder 220 volt. De mier diende geëlectrocuteerd te worden door op twee draadjes tegelijk te staan, maar bleek dat in praktijk wijselijk te vermijden. Kakkerlakken zijn dommer, ontdekte de schepper.

Vanwaar Vladimirs obsessie met dit soort huisvlijt? Het lijkt geen toeval dat zijn vader Vasili Archipov (75), een elektrisch ingenieur, zijn flat vulde met dit soort uitvindingen. In 1965 maakte vader Vasili een verboden kortegolfradio voor zijn collega's om in de rookpauze stiekem naar Voice of America te luisteren; toen de collectieve antenne van zijn flat het begaf maakte hij van vorken een nieuwe. Ook de listen van het ontluikende kapitalisme kregen vader Archipov er niet onder. Hij kocht een stokoude Opel Record om daarna te ontdekken dat onderdelen schandalig duur zijn. Geen nood: metalen onderdelen namaken was voor vader Archipov een peulenschil, voor rubberen onderdelen ontwierp hij een smeltkamer.

Nostalgie is de zoete pijn van verlies, een terugkeer naar een gekoesterde tijd in het volle besef dat terugkeer onmogelijk is. Geen volk koestert dit sentiment inniger dan Russen, die altijd snakken naar iets goeds en simpels dat helaas voorbij is. In zijn huidige incarnatie is dat uiteraard Sovjetnostalgie, en sommige westerlingen zijn daarover bezorgd. De Russische televisie stroomt dagelijks over van Sovjetfilms en documentaires, sinds kort is er een televisiezender die Nostalgia heet. De kijker kan daar ontsnappen naar de jaren 1961-1991, elke avond op het Sovjetjournaal Vremja zien hoe partijleider Brezjnev alweer een medaille opgespeld krijgt, de katoenoogst de verwachtingen ruim overtreft en het Afghaanse broedervolk het Rode Leger met groot enthousiasme binnenhaalt.

,,Bijna niemand wil echt terug naar de Sovjet-Unie'', zegt directeur Vladimir Ananitsj van Nostalgia, die óók The Beatles uitzendt. ,,Nostalgie werkt als je nooit meer terug kunt, anders wordt het heimwee. Maar we leven in een harde, grove, kille samenleving en willen soms even met een fles wodka ontsnappen.'' Nostalgie wordt niet opgewekt door een abstract begrip als de Sovjet-Unie, legt hij uit. Het gaat om de geur van je eerste Zjigoeli-auto, de smaak van het ijsje in speelgoedwinkel Detski Mir, het geruis van het bandje waarop je voor het eerst Led Zeppelin hoorde.

Is de jacht van kunstenaar-verzamelaar Archipov op Sovjetknutselwerk ook niet een vorm van nostalgie? Pronkstukken uit zijn collectie zijn te zien in musea in Helsinki, Berlijn en Norilsk: onder museale belichting nemen ze vaak een vertederende, stuntelige schoonheid aan. Roept het nostalgie op? Bij stadsintellectuelen, denkt Archipov. Gewone mensen begrijpen niet wat het in een museum doet. Maar zelf voelt Archipov zich niet helemaal thuis in het heden waarin je alles `Made in China' voor een prikje op de markt koopt, een tijdperk van hebzucht, cynisme en vals patriottisme.

Dus blijft Archipov liever gewapend met cassetterecorder en camera Rusland doortrekken op zoek naar dingen die uit noodzaak geboren zijn. Datsja's zijn de rijkste jachtgronden: nergens wordt driftiger gehamerd, gezaagd en geknutseld dan daar.

Archipov hoopt dat er ooit een permanent `Volksmuseum voor Zelfgemaakte Kunst' komt. Het zou ook fijn zijn als hij de verzameling kon opslaan in een uitvinding die hij tot zijn spijt nooit aan zijn eigenaar kon ontfutselen: de garage op wielen. Veel Russen hebben een garage om te knutselen, de auto in te parkeren of zaken in op te slaan. Archipov: ,,In Tambov zetten zij die garages elk jaar illegaal op een lapje grond en verwoestte de overheid ze ieder jaar met bulldozers. Deze man bouwde daarom een metalen garage op wielen. Als er gevaar dreigt graaft hij de wielen uit, haakt de garage achter de auto en rijdt weg.'' Een monument voor de Sovjetmens, vindt Archipov. ,,Altijd klaar om te wijken voor de macht en zó te improviseren dat hij toch kan doen wat hij wil.''

Eerdere delen zijn na te lezen op www.nrc.nl/nostalgie

    • Coen van Zwol