Klassieke rijkunst afgetroefd

Anky van Grunsven is afgetekend Europees kampioen dressuur geworden. Maar haar vreugde werd getemperd door verdachtmakingen in de Duitse pers over onverantwoorde trainingsmethoden.

Duitsland won bij de Europese kampioenschappen dressuur in Hagen, in het idyllische Teutoburger Wald, voor de 21ste maal de landenwedstrijd. Maar na ruim veertig jaar wankelt die dominante positie. Dat zou de verklaring kunnen zijn voor de aanval die in de Duitse media werd geopend op Anky van Grunsven, de Nederlandse olympisch kampioene die de individuele Europese titel voor zich opeiste.

De beschuldigingen in het Duitse paardensportblad St. Georg betroffen aan dierenmishandeling grenzende trainingsmethoden die Van Grunsven en haar echtgenoot en trainer Sjef Janssen zouden toepassen. Er zou sprake zijn van touwen aan de benen binden om die bij de piaffe hoger te kunnen optrekken. Daarnaast werd gesuggereerd dat de amazone uit Erp gebruikmaakt van stroomstoten en haar paarden water onthoudt. Het Nederlandse stel was zeer aangedaan door de publicatie.

De kritiek komt voort uit het verschil in opvatting over de trainingsleer. Waar de Duitsers de klassieke rijkunst, die gebaseerd is op de werkwijze van de Spaanse rijschool uit Wenen, aanhangen, volgen Van Grunsven en Janssen moderne methoden. En die zijn in Duitse ogen omstreden.

Janssen, die ook bondsoach is van het Nederlandse dressuurteam, is een nieuwlichter die een eigen trainingsmethode heeft ontwikkeld. Hij gebruikt voor het paard de metafoor van een veer: die moet tot het uiterste gespannen kunnen worden om een maximaal resultaat te bereiken. Iedere paardenspier, van nek tot hak, moet volgens Janssen langzaam worden ontwikkeld totdat ze afzonderlijk maximaal gerekt kunnen worden. Deze methode maakt een paard volgens Janssen beduidend sterker, zodat de inspanningen hem of haar minder moeite kosten.

Janssen en Van Grunsven zijn zeer succesvol met hun aanpak. De toppaarden Bonfire (goud bij de Olympische Spelen van 2000 in Sydney) en Salinero (goud bij de Spelen van 2004 in Athene) kostte het ogenschijnlijk weinig moeite de zwaarste oefeningen uit te voeren. Door oneindige herhalingen bereiken volgens Janssen en Van Grunsven paard en ruiter een staat van harmonie waarin beiden gelijkwaardig zijn. Bij de Duitse combinaties is het paard volgzaam en ondergeschikt aan de ruiter; de commando's zijn ook duidelijk hoorbaar.

Van Grunsven is een begaafde amazone en Janssen een perfectionistisch ingestelde trainer, die een niveau hebben bereikt waar velen zich aan spiegelen. Ook in Duitsland zijn er trainers en ruiters die met minder technische vaardigheden hetzelfde trachten te bereiken. Zij moeten hun gebrek aan vaardigheden compenseren; daarbij gaat het er niet in alle gevallen zachtzinnig aan toe en bestaat het risico dat het paard slachtoffer wordt van de ambities van ruiter en/of trainer.

Niet voor niets hangt er in diverse Nederlandse maneges de waarschuwende spreuk: `Daar waar het verstand ophoudt, begint het geweld'. Topruiters worden geacht hun verantwoordelijkheid te kennen en de grenzen aan het vermogen van een paard in acht te nemen. Janssen en Van Grunsven stellen dat Bonfire geen tien seizoenen topsport zou hebben overleefd als zij die grenzen hadden overschreden.

Bij de beschuldigingen van Duitse zijde wordt er vanuit gegaan dat verantwoorde successen alleen mogelijk zijn als er volgens de klassieke opvattingen gewerkt wordt. Van Grunsven en Janssen werpen tegen dat een paardenlijf niet meer gelijk is aan die van 25 jaar geleden, maar door de fokkerij van andere kenmerken is voorzien. Fokkers hebben veel nieuwe zogenaamde exterieurkenmerken aangebracht, waardoor het paard in de loop der jaren fysiek aanmerkelijk geschikter is geraakt om extreme inspanningen onder het zadel aan te kunnen.

De kritiek uit Duitsland raakt een gevoelig punt. Toppaarden zijn tegenwoordig onbetaalbaar geworden. Talentloze paarden moeten daarom soms boven hun kunnen presteren en worden daardoor het slachtoffer van geldzucht. Volgens Janssen en Van Grunsven bezondigen zij zich niet aan dergelijke praktijken. Een bewering die volgens hen niet is gecheckt door kritische Duitse journalisten, omdat niemand is ingegaan op de uitnodiging om persoonlijk de trainingen in Erp bij te wonen.

NADER BEKEKEN pagina 13