Svoi

De correspondenten van NRC Handelsblad spraken voor www.nrc.nl/wereld een videocolumn in over het leven in `hun' buitenland.

Het duurde ruim drie jaar, maar ik denk dat we er bijna bijhoren. Dat we svoi zijn in portiek nummer vijf. Niet meer `die Nederlanders van de zevende verdieping', maar onze Nederlanders. Dat ze onze deur in de gaten houden nu we op vakantie zijn. Nou ja, dat hoop je dan.

Het zit hem in kleine dingen. De lieve praatjes met onze kinderen, die vroeger bejegend werden als schadelijk ongedierte. Het omatje van de elfde verdieping die mij alweer vraagt om haar geïllustreerde sprookjesboek van Hans Christiaan Andersen te komen bekijken, want dat moet toch interessant zijn voor een Nederlander.

Sinds november 2001 leven we buiten het buitenlandersgetto van Moskou. De regels begrijpen we nog steeds niet helemaal, maar het hoogst noodzakelijke hebben onze Russische buren ons prompt en hardhandig ingeprent. Zo deponeerden we onze vuilniszakken op de verkeerde plaats: de volgende ochtend had iemand onze deurpost met ze dichtgemetseld. Stond de auto verkeerd, dan vonden we een briefje onder de ruitenwisser: de volgende keer snijden we uw banden door!

Ondanks de vestingmuren die de appartementen van ons Stalinhuis van elkaar scheiden, bleek geluidsoverlast een enorm punt. We moesten een tapijt in de woonkamer leggen, want onze kinderen sprongen zo hard op de vloer. Wat een hooligans, was dat het westerse idee van opvoeding? Het volgende verzoek: of ik 's avonds niet zo met de stoel over het parket in de keuken wilde schrapen. Snurken was nog net geen item.

Dat is nu voorbij. Volgens mij zijn we nog even lawaaiig als altijd, maar niemand klaagt, zelfs niet na het extreem rumoerige feest van vorige maand. Ze horen ons gewoon niet meer, denk ik. Als dat geen teken is dat we svoi zijn!

Het ligt aan alle kleine dingetjes die we samen hebben beleefd. De overstroming, de stroomuitval, het grote vuurwerk dat we vanaf de balkons bekeken en de twee broeierige jongens van 18 jaar die 's avonds plots voor onze deur opdoken met slappe tekst en verborgen stiletto's: ,,Recherche! We komen uw appartement doorzoeken!'' In zo'n geval gooi je de deur met een harde klap voor hun neus dicht en bel je de starsje, de regelneef van de portiek, om te waarschuwen voor bandieten. Een effect dat zoiets heeft! Nog geen twee minuten later was het trappenhuis een soort Escher-prent vol buurmannen die met knuppels en gebalde vuisten naar boven en naar beneden liepen. ,,Geen paniek.'' ,,We nemen ze te grazen!'' De jongens waren allang weg.

Wat ook hielp was onze gemeenschappelijke vijand: het bordeel op de zesde. Plots was het er, vol luxe hoeren en ongure pooiers. De portiek verzette zich. Er werd een videocamera opgehangen met de tekst: ,,U staat op video. De beelden gaan naar de politie.'' De pooiers verwijderden camera én opschrift, de klanten bleven komen. We zagen een buurman een klant molesteren. Dat vonden we niet echt nodig, want we hebben Russische hoerenlopers leren kennen als timide vogeltjes of joviale dronkelappen. Maar in naam van het collectief prezen we zijn assertieve optreden.

De stemming verslechterde in de herfst van vorig jaar, het werd een en al geklaag in de lift. In de winter leek deze voormalige eliteportiek zelfs even reddeloos: het slot met cijfercode op de voordeur was maandenlang kapot. Een teken van naderende anarchie, want in portieken zonder slot slapen bomzji – daklozen – en viert de jeugd haar bierfeestjes (hoogtepunt: benzine in de brievenbus, sigaret erachter aan. Kroeta!)

Maar het is lente en de orde is terug in de vorm van een vers slot met magneetsleuteltjes. Portiek nummer vijf heeft zich vermand en zich bij het bordeel neergelegd. ,,De FSB is hun dak'', fluistert mijn onderbuurman. Aha, de gevreesde Russische veiligheidsdienst beschermt dit bordeel! Poetin zelf! In zo'n geval kan je slechts veelbetekenend grimlachen, de schouders ophalen en accepteren. Dit gaat veel verder en dieper en hoger.

Enfin, we hebben drie jaar lief en leed gedeeld en nu horen we er bijna bij in portiek vijf aan de Pottenbakkerstraat in Moskou.