Het gaat nu nog slechter met Frankrijk

Na het `nee' van gisteren moet Frankrijk ofwel opnieuw gaan stemmen, ofwel het is afgelopen met het politieke Europa, meent Serge July.

Kreten van pijn, van angst, van ellende en van woede hebben de linkse kiezers bij dit referendum in de stembussen geslaakt in reactie op de krankzinnige loop van de wereld en op de nonchalance van de mensen die ons nu al meer dan twintig jaar lang regeren. Zoals in dit soort gevallen gebruikelijk hebben zich de nodige gelegenheidsleiders opgeworpen om de nationale ontreddering nog te vergroten. Sommigen overtroefden elkaar met stommiteiten, anderen met schaamteloze leugens. De finish bracht tenslotte een algehele catastrofe en een explosie van populisme die alles met zich mee sleurden: het Europese bouwwerk, de uitbreiding, de elites, de regulering van het liberalisme, de hervormingen, het internationalisme en zelfs de generositeit.

Al die aan elkaar gekoppelde referenda zijn door Europa verloren.

Het referendum over de uitbreiding:

Van het Turkse spook, waarmee gewoon de islam werd bedoeld, tot aan die arme Poolse loodgieter, is alle vreemdelingen verzocht om maar thuis te blijven. Le Pen is xenofoob – dat is zijn vak – maar dat de leiders van links op dat gebied campagne voeren zoals Chirac dat in 2002 deed over de onveiligheid, díe xenofobie zou je toch niet voor mogelijk hebben gehouden.

Het referendum over de elites: De bestuurselites, de Brusselse elites, de media (niet één uitgezonderd) en iedereen die pleitte voor een besluitvormingsstructuur die het ontstaan van een politiek Europa mogelijk zou maken – ze kiezen allemaal partij voor het hoge Frankrijk, en het lage Frankrijk wil het hoge uiteraard bijsturen of zelfs kortwieken. Het hoge Frankrijk en het lage Frankrijk, dat duo kennen we uit alle populistische tijdperken.

Het referendum over het liberalisme:

Dat de leiders van links, en bijna de hele politieke klasse, met eindeloze verkooppraatjes de boodschap van Attac uitdragen, zoals François Mitterrand in de jaren zeventig voor een breuk met het kapitalisme pleitte, dat is – meer dan dertig jaar later en met het bekende succes – toch te gek voor woorden. Deze keer ging het niet over het kapitalisme maar over een woord dat zonder meer als synoniem ervan bedoeld was: het liberalisme. Ditmaal moesten wij ons uitspreken voor of tegen de concurrentie, voor of tegen de globalisering.

Het referendum over Frankrijk:

Frankrijk bestaat, want het kan op eigen kracht Europa onderuithalen! Op de knieën, Europeanen, voor ons `nee'! De leugen dat heel Europa bereid moest zijn om opnieuw te onderhandelen, is mede door politiek verantwoordelijke figuren aangeprezen. Ofwel Frankrijk gaat opnieuw stemmen, ofwel het is afgelopen met het politieke Europa, want het gevaar dat men zal afzien van het Europese politieke streven is levensgroot.

Het referendum over de maatschappijvorm: Het socialisme in één land komt eraan! Toch is Europa de enige sociale zone op aarde die door het handvest van de sociale rechten zou worden versterkt. Vergeet het maar! Als je sommigen mocht geloven was het in werkelijkheid het hoofdkwartier van het ultraliberalisme, dat nu is ontmaskerd. Om dit meesterwerk van masochisme tot stand te brengen waren behalve de gewone aanhangers van het soevereinisme ook een politieke klasse nodig die in de leer is geweest bij de struisvogels, die zich sedert vele jaren overgeeft aan leugens; voorts berucht incompetente stuurlieden, onder wie een president in functie, en gestaalde cynici, onder wie een socialistische oud-premier.

De Fransen weten uit ervaring dat het niet goed gaat met ons land. Vandaag gaat het helaas nóg slechter.

Serge July is hoofdredacteur van Libération. Hij schreef dit commentaar voor zijn krant van vandaag.