Het beeld

Gelukkig prikte de Franstalige zender TV5 het programma van Antenne2 door, en kon de historische kentering in Europa rechtstreeks gevolgd worden. Interessant om te zien waarin zo'n avond vol kwetterende politici zich onderscheidt van een vergelijkbare Nederlandse gelegenheid.

Om te beginnen werd klokslag tien uur, bij het sluiten van de laatste stembureaus, direct de uitslag bekendgemaakt en door niemand meer in twijfel getrokken of gerelativeerd. Aan een ronde tafel zaten twee presentatoren en een steeds wisselend gezelschap politici. Als er een nieuwe bijkwam, moest een ander weg. Elke politicus werd duidelijk geïntroduceerd met een titel: naam, partij, voor of tegen. Andersoortige deskundigen, zoals vakbondsleiders, popzangers of passanten in een winkelstraat, kwamen niet aan het woord. Er waren meer vrouwen in beeld dan bij ons, en alle mannen droegen nog een stropdas.

Net als in Nederland waren vooral extreem-links en extreem-rechts tegen, centrum-rechtse regeringspartijen, socialisten en groenen voor. Een struise blondine, die Marine Le Pen heette, trok twee conclusies uit het feit dat 55 procent van de kiezers tegen was en 92 procent van het parlement voor: president Chirac moest onmiddellijk aftreden en het districtenstelsel afgeschaft worden. Zij gelooft kennelijk dat de kloof tussen kiezer en gekozene door de evenredige vertegenwoordiging juist bestreden zou kunnen worden.

Een ander verschil vormen de grote aantallen openlijk dissidente sociaal-democraten. Ze interpreteren het non als een uitspraak tegen het liberale Europa en het afbreken van protectionisme, zowel van goederen als van arbeidsplaatsen. De angst voor Poolse loodgieters en Italiaanse wijn wordt door voorstanders niet ontkend. Er wordt zelfs beweerd dat de Fransen de welvaart van Spanje en Portugal hebben bekostigd.

Het Franse nee is deels de triomf van een reactionair verlangen van de bevolking van oude koloniale mogendheden – Frankrijk, Nederland, Engeland, voor Duitsland en de Scandinavische landen geldt het minder – naar de blanke machtspositie en onbeperkte welvaart van weleer. Als er minder werk is in het noordwesten, dan gaan we dat toch zeker niet delen met mensen uit het oosten en het zuiden? En de macht in Europa al helemaal niet! Het voordeel van het Franse debat is dat die opvattingen niet verbloemd worden in een wolk van casuïstiek en drogredenen.

Ook wordt de sociale component duidelijk van in ieder geval het Franse ressentiment. De elektriciens die Bolkesteins stroom afsneden zijn ook woedend over bonussen aan de top van energiebedrijven. Je kunt voorspellen dat Europese socialisten de komende tijd, in navolging van Schröder, anti-kapitalistische taal zullen gaan uitslaan. Als ze zich dan maar realiseren waar de armste sloebers wonen. Ik ben blij dat het nieuwe sociaal-nationalisme geen sterke Duitse wortels heeft. Daar weten ze wat het kost om voormalige Oost-Europeanen op gelijke voet mee te laten doen, en dat stemt nederig. Hoop ik.