De bars zijn vol, stembureaus leeg in Beiroet

Pre-verkiezingsnacht in de Libanese hoofdstad Beiroet. Wiebelend op hoge hakken laveren vier meisjes langs een geparkeerde Porsche. Verderop belt een jongen in een duur Italiaans pak met de nieuwste Nokia, nog niet verkrijgbaar in Nederland. Zware beats klinken uit verschillende clubs en kroegen. De uitslag van de verkiezingen in Beiroet staat al praktisch vast, misschien dat daarom niemand zich ermee bezig houdt. Maar gefeest wordt er des te meer in Beiroet.

In de Dragonfly-bar in het uptown district Gemaize dragen de barmannen witte doktersjassen met stropdassen en mixen met serieuze gezichten gin-tonics en screwdrivers (wodka/jus d'orange). De jonge schoonheden die iedere uitgaansgelegenheid lijken te bevolken, kijken niet op of om van de barmankunsten. Zij zijn meer bezig met constante make-up checks en het scannen van de andere gasten. Want, in Beiroet dient te worden geflirt en iedereen, christen, moslim of druus, houdt zich aan deze regel.

Onze vrouwelijke tafelgenoten, beide knap; één single, krijgen links en rechts drankjes aangeboden van willige Libanese mannen die zo het gezelschap instormen. ,,Ben je getrouwd?'', vraagt een dertiger van anderhalve meter aan degene met een ring om haar vinger. Dat het antwoord bevestigend is maakt niet uit. ,,Ik ben al zo lang op zoek'', verontschuldigt hij zich, terwijl hij zijn arm om haar middel slaat. Hoffelijk verwijdert hij deze weer als blijkt dat de dame er niet van is gediend. ,,Ik probeer het gewoon'', geeft hij toe en loopt naar een ander tafeltje.

Een man met een staartje pakt het slimmer aan. Hij nodigt iedereen uit om in zijn vintage Mercedes naar een club te rijden. Natuurlijk heeft hij zijn zinnen gezet op de enige vrijgezelle dame in ons gezelschap, maar dat maakt niet uit. Met een ruim gebaar leidt staartje ons de BO18 binnen, een van Beiroets bekendste clubs. ,,Binnen één uur is het hier stampend vol'', lispelt hij.

De BO18 is een bunker onder de grond. Tijdens de Libanese burgeroorlog (1975-1990) was het een martelkamer van een van de vele milities die huishielden in Beiroet. Nu staan er stoelen met rugleuningen van twee meter hoog en kost een drankje er bijna evenveel als tegenwoordig in Nederland. Staartje verwacht dan ook wel dat wij de drankjes kopen, en minder kunnen we natuurlijk niet doen nadat hij ons hier heeft afgeleverd.

De tent blijkt een verzamelplaats voor Libanese paradijsvogels. Homo's trekken om de haverklap hun t-shirts uit, vrouwen in schaarse kleding dansen spontaan op de bar en jongens met lichtgevende brillen rennen door de zaak. Als de temperatuur tot een hoogtepunt is gestegen begint een man in een Schotse kilt op zijn vingers te blazen. Langzaam maar zeker draait vervolgens het gehele dak open. De man met de kilt is zo blij dat hij omstanders bewijst écht geen onderbroek te dragen.

Beiroet is hard op weg om weer de uitgaansstad van het Midden-Oosten te worden. Magische verhalen over de feesten in het Libanon van vóór de burgeroorlog worden de laatste jaren verdrongen door nieuwe legendes.

Hoofdkwartier van het Libanese uitgaansleven is Monotstraat, jarenlang midden in de vuurlinie tussen de verschillende partijen. Voor Libanezen met heimwee naar die tijd – en die zijn er – is er de 1975, vernoemd naar het begin van de burgeroorlog. De obers dragen er legerhelmen en de hele tent is versierd met zandzakken en nep-inslagen van mortieren. Bezoekers mogen spelen met bazooka's en mortiergranaten zonder lading. Als er wordt gedanst is dat altijd op de maat van strijdliederen uit de oorlog.

Maar Monotstraat kent bijvoorbeeld ook de Pacifico, een ultra-hippe cocktailbar en de Hole in the Wall, voor expats met heimwee naar platte voetbalcultuur.

Als de zon door het open dak van de BO18 opkomt en de verkiezingsdag is aangebroken, maakt niemand zich klaar om te gaan stemmen. Twee homo's hebben ruzie over de jongen in de kilt. De DJ zet nog maar een techokraker op. Staartje staat er sip bij. De single dame uit ons gezelschap heeft wat met hem gepraat en hun interesses liggen ver uit elkaar. ,,Hij wil maar dat ik met hem ga praten in de auto, maar dat lijkt me niet zo'n slim plan. Ik ga liever dansen'', zegt ze.

Uiteindelijk blaast de jongen de aftocht. Morgen is er weer een nieuwe dag. Een van de ruziënde homo's wordt door de uitsmijters naar buiten gedragen. In de taxi naar huis rijden we langs een leeg stembureau. ,,Iedereen slaapt nog'', constateert een van de dames in de taxi. ,,Zeker te lang gefeest.''