Xenakis' Oresteia: wachten waard

Omdat er asbest werd gevonden in het oude Energiehuis van Dordrecht, moest Muziektheater Hollands Diep de productie van Oresteia op muziek van Iannis Xenakis, vorig jaar op het laatste moment afblazen. Nu ging ging de productie, met een klein jaar vertraging, alsnog in première in het inmiddels volledig asbestvrije Energiehuis.

Dat de locatie het wachten waard was, blijkt direct bij binnenkomst: stalen balken, hier en daar een roestige haak uit het plafond, en verschillende niveaus van balustrades en platforms vormen de ideale setting voor post-industrieel muziektheater.

Regisseur Cilia Hogerzeil volbracht met glans de schijnbaar onmogelijke taak om muziek, dans, acteerwerk, videokunst en poppenspel tot een geheel te smeden. Ze doet dat zonder krampachtigheid: er zijn duidelijk passages waarin één aspect overheerst, zoals de gezongen monologen van Kassandra en Athene, of het derde deel waarin juist veel meer wordt geacteerd.

Aeschylos' klassieke trilogie handelt over het ontstaan van de rechtspraak na een bloedige spiraal van mensenoffers en bloedwraak. De voorstelling voltrekt zich deels in het oud-Grieks, deels in het Nederlands. Coupures in de toneeltekst lijken juist gekozen. Kassandra's onverkorte monoloog bleef wat lang, maar wie durft er aan het gevoel voor proportie van Xenakis te tornen, die behalve componist ook wiskundige en architect was.

De triomf van recht en vergeving over wraakzucht werkt in alle aspecten van de voorstelling door. Zo maakt de ritualistische, haast primitieve gestiek van de Grieken in de choreografie van Jan Stroeve langzaam plaats voor de beheerste noblesse van beschaafde rechters, compleet met toga.

Muzikaal zijn grote solo's weggelegd voor Kassandra (sopraan Jannie Pranger) en Athene (bas Hubert Claessens). Xenakis oriënteerde zich voor zijn melodische stijl op het Japanse nôh-theater, met een voor westerse oren onwezenlijke, archaïsche expressie. De manier waarop de zangers hun partijen vol snikken, sprongen en glissando's uitvoeren, doorklieft de trommelvliezen, maar ook de ziel. Van de musici, wiens partijen niet minder virtuoos en onalledaags zijn, maken vooral de percussionisten indruk met diepte en accuratesse. De door Xenakis later toegevoegde percussie-proloog Rebonds verwierf op het repertoire met recht een plaats als autonoom werk. De partij van het koor is veel minder complex, met invloeden uit orthodoxe kerkmuziek en soms Balkan-achtige dissonanten. Vreemd dus, dat juist in dit makkelijkste onderdeel wat slordigheden klonken.

Wat het meest blijft hangen, is echter het poppenspel van Neville Tranter en zijn Stuffed Puppet Theatre. Eenvoud van handeling gaat hierin samen met een onvermoede zeggingskracht. Een verbitterde koningin, een aarzelende prins: het zijn beelden die zich voorgoed op het netvlies branden.

Voorstelling: Oresteia door Muziektheater Hollands Diep. Regie: Cilia Hogerzeil; muzikale leiding: Jurjen Hempel. Gezien: 26/5 Energiehuis, Dordrecht. Herh.: 28/5, 2/6, 3/6 en 4/6. Inl.: 078-6397979 of www.kunstmin.nl