Parlement Turkije past strafwet aan

Het Turkse parlement heeft gisteren onder druk van de Europese Unie een aantal wijzigingen van het strafrecht aangenomen.

De wijzigingen zouden de weg vrij moeten maken voor het openen van onderhandelingen tussen Turkije en de EU op 3 oktober aanstaande. De nieuwe wetgeving wordt, na ondertekening door president Sezer, op 1 juni aanstaande van kracht.

EU-diplomaten waren in beginsel positief over de wetswijzigingen maar wezen erop dat Turkije nog verder moet gaan om de rechten van de mens te waarborgen. ,,Over bepaalde zaken blijven we ons zorgen maken. Maar het goede nieuws is dat de wetgeving er nu is. De sleutel ligt in de toepassing van de nieuwe wetgeving'', aldus een EU-diplomaat.

De nieuwe strafwetgeving, de eerste grote hervorming op dit gebied in 79 jaar, betekent een verbetering van de rechten van vrouwen en kinderen. Verkrachting binnen het huwelijk en ongewenste intimiteiten worden strafbaar gesteld. Verder wordt er harder opgetreden tegen verkrachting, pedofilie, mensensmokkel en marteling.

De nieuwe wetgeving had eigenlijk al op 1 april van kracht moeten worden. Maar de stemming in het parlement werd opgeschort nadat van de media en mensenrechtenorganisaties kritiek was gekomen op de persvrijheid. De regering van premier Erdogan schrapte daarop onder meer een artikel dat het schenden van `nationale belangen' strafbaar stelde. De OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa) had de omschrijving te vaag genoemd. `Belediging van de Turkse identiteit' blijft wel strafbaar met drie jaar gevangenisstraf. De voorzitter van de Turkse journalistenbond Dogan Tilic, reageerde kritisch. ,,De aangebrachte wijzigingen zijn onbevredigend. Onze wensen zijn voor het merendeel niet gehonoreerd.'' Hij voorspelt dat na 1 juni in Turkije een periode van `zelfcensuur'zal aanbreken

In totaal 346 van de 550 parlementsleden stemden voor het wetsvoorstel, drie stemden tegen. De centrumlinkse oppositie onthield zich van stemming. De Republikeinse Volkspartij protesteerde daarmee tegen een wijziging die de regering op het laatst had ingevoerd en die lagere straffen voorziet voor onofficiële godsdienstlessen. Volgens oppositieleider Deniz Baykal wil premier Erdogan zo het seculiere karakter van Turkije ondermijnen.