Olivier en de taxi

Om fraude tegen te gaan en de kosten te drukken werd een jaar geleden het recht op ziekenvervoer beperkt. De zorgverzekeraars kregen de regie, net als nu bij de huisartsenzorg wordt beoogd. De afslankende verzorgingsstaat in de praktijk.

Olivier is een beweeglijke jongen van zeven met een dikke bos zwart haar. Op het eerste gezicht is er niets met hem aan de hand. Maar hij heeft een aandoening in het autistisch spectrum en Gilles de la Tourette. Hij begrijpt lange zinnen niet, is snel boos, kan niet tegen drukte en onverwachte gebeurtenissen. Hij kan niet naar een gewone school. 's Ochtends krijgt hij les en 's middags behandeling op het pedologisch instituut De Bascule in Duivendrecht.

Oliviers moeder Christel Deckers was dolblij toen Olivier daar in september vorig jaar terecht kon. Ze heeft een fulltime baan en zorgt in haar eentje voor Olivier en Catootje (5). Olivier stond ruim twee jaar op de wachtlijst voor het instituut. Het laatste half jaar was hij gedeeltelijk thuis met ontheffing van de leerplicht, omdat het op een gewone school niet meer ging.

Er is één probleem. Het instituut is 25,1 kilometer van hun huis in Amsterdam Osdorp. In de ochtendspits is dat een autorit van een half tot anderhalf uur. Zijn moeder zou Olivier het liefst zelf brengen. Maar dat lukt niet, omdat zijn school op dezelfde tijd begint als die van zijn zusje. Die is, vindt Deckers, te klein om elke dag te worden gehaald en gebracht door een vreemde. Een jongen van zeven kan ook niet in zijn eentje met de bus. Laatste mogelijkheid: een taxi. Dat kost zo'n twaalfhonderd euro per maand. Christel Deckers kan dat niet betalen.

Vóór 1 juni 2004 had Deckers Oliviers taxi vrijwel automatisch vergoed gekregen van haar zorgverzekeraar. Een brief van bijvoorbeeld zijn behandelend psychiater had volstaan. Maar van deze regeling werd misbruik gemaakt. Drie verzekeraars (Zorg en Zekerheid, Univé en Achmea) concludeerden in 2003 na onderzoek dat artsen hun patiënten veel te makkelijk met een taxi van en naar een ziekenhuis of ander behandelcentrum lieten gaan. De artsen zelf schatten volgens de verzekeraars dat 20 tot 40 procent van het patiëntenvervoer per taxi eigenlijk onnodig was. Ze rapporteerden dat mensen hun medische afspraken-per-taxi soms wel erg handig combineerden met dagjes uit in de stad.

Minister Hoogervorst (VWS) wilde eigenlijk de hele regeling schrappen. ,,Vervoer is een voorziening die bij uitstek tot de eigen verantwoordelijkheid van de verzekerde behoort'', schreef hij de Tweede Kamer in augustus 2003. Na protest van patiëntenorganisaties en Kamerleden besloot hij in plaats daarvan 50 procent te besparen. Op 1 juni 2004 ging de nieuwe regeling in. Vier categorieën patiënten komen nog voor een vervoersvergoeding in aanmerking: nierdialysepatiënten, kankerpatiënten die bestraling of chemotherapie krijgen, rolstoelers en slechtzienden.

Na verdere protesten voegde Hoogervorst hier nog een `hardheidsclausule' aan toe: alle anderen die aanspraak maken op vervoer, kunnen dit aanvragen bij hun verzekeraar, die de aanvraag beoordeelt en al dan niet toewijst. Hoogervorst stelde hiervoor 26 miljoen euro extra ter beschikking uit de Centrale Kas, die wordt gevuld uit de verzekeringspremies.

Na de invoering van de regeling zijn de kosten van het `zittend ziekenvervoer' gedaald. In 2003 gaven de ziekenfondsen circa 140 miljoen uit, de particulieren circa 42 miljoen. In 2004 was dit voor de ziekenfondsen zo'n 80 miljoen. De cijfers van de particulieren vallen naar verwachting ook lager uit.

Christel Deckers wist hier niets van toen ze haar zorgverzekeraar, IZZ, verzocht Oliviers taxi te vergoeden. IZZ schreef haar dat niet te zullen doen, omdat Olivier niet behoorde tot de vier categorieën. Christel Deckers wist niets van categorieën. Om welke categorieën het ging, stond ook niet in de brief. Ze belde op. De medewerkster die ze aan de lijn kreeg, wist het ook niet.

Toen dit was opgehelderd, begreep Deckers dat ze was aangewezen op de hardheidsclausule. Ze deed een beroep op de coulance van haar verzekeraar. Die moest daar maanden over nadenken. Na veel telefoontjes en brieven kreeg ze de taxivergoeding alleen toegezegd tot eind 2004, voor vier maanden. ,,Terwijl het pedologisch instituut de duur van Oliviers verblijf daar op ten minste anderhalf jaar schatte.''

Ruim een maand voor de vergoeding afliep, begon ze met het aanvragen van de verlenging. Als ze die niet kreeg, zou Olivier het instituut begin 2005 weer moeten verlaten. ,,Vanaf half december ben ik iedere dag gaan bellen. Dan krijg je iemand die zegt dat hij van het front office is. Die weet niets. Ik kreeg te horen dat ik geen medische indicatie had gestuurd. Die heb ik toen nog een keer en nog een keer en nog een keer gestuurd.'' Na ruim twee maanden, begin februari 2005, kwam de beslissing, wederom in haar voordeel. Olivier was al die tijd gewoon naar het instituut blijven gaan. Per taxi. ,,Ik heb de gok maar genomen.''

Nierdialysepatiënten krijgen hun taxivervoer wél automatisch vergoed. Waarom zij wel? Dat, zegt Dietske van der Brugge van de Nierpatiënten Vereniging Nederland, is een kwestie van lobbyen. ,,Afschaffing van de regeling voor ziekenvervoer, zoals eerst het plan was, zou voor een flink aantal nierpatiënten letterlijk het einde hebben betekend. Zelfs `mazzelaars' die in hun eigen woonplaats terechtkunnen om te spoelen, zijn al gauw drie keer per week 40 euro kwijt aan vervoer. De meesten hebben geen andere optie: op de heenweg zitten ze vol gifstoffen en op de terugweg hebben ze een `dialysekater', waardoor zelf rijden onverantwoord is.''

Toen het plan voor de afschaffing bekend werd, kwam de vereniging direct in actie. Eerst werden andere belangenorganisaties gemobiliseerd, zoals de CG-raad (chronisch zieken en gehandicapten) en de NFK (kankerpatiënten). Ze zochten en kregen publiciteit en kregen steun van enkele Kamerleden. Van der Brugge: ,,Er zijn politici genoeg die denken: ik moet op de eerste rij zitten, anders kom ik ook in de schijnwerpers als iemand die die arme mensen dat afneemt. Zo werkt het natuurlijk wel.''

De organisaties kregen de gelegenheid hun standpunt toe te lichten in een vergadering van de Kamercommissie Volksgezondheid. ,,Er was al snel bereidheid, ook bij de regeringspartijen, om uitzonderingen te maken voor degenen die het in hun ogen écht nodig hadden'', zegt Van der Brugge.

Achteraf vindt ze het makkelijk politiek bedrijven: ,,Gewoon roepen en wachten wie er piept, om dan vervolgens nog eens te kijken of je voor die groepen iets kan doen. Heeft een groep gedupeerden geen sterke belangenorganisatie: tant pis.'' Wat politici zich volgens haar niet realiseren is dat alleen al het lanceren van een idee voor mensen bedreigend kan zijn. ,,Als je in de krant leest dat binnen een paar maanden de toegang tot jouw levensreddende behandeling wordt afgesneden, dan is dat dus zoiets als je doodvonnis vernemen. En die politici maar denken dat ze een goeie daad stellen door daarna de zaak deels terug te draaien.''

In de loop van het jaar dat de nieuwe regeling geldt, is hij verfijnd. Mensen die een beroep doen op de hardheidsclausule, moeten voldoen aan drie voorwaarden (zie kader). Deze voorwaarden staan niet in de regeling zelf. Waar komen ze vandaan?

Woordvoerder Van der Pas van het College voor zorgverzekeringen (CVZ), het zelfstandig bestuursorgaan dat gaat over de financiering van de regeling, is stellig: ,,Dat is door de minister bedacht.''

De woordvoerder van het ministerie twijfelt. ,,Volgens mij hebben Zorgverzekeraars Nederland en het CVZ die opgesteld. Maar bel het CVZ even.''

Dat zegt dus: de minister.

Peter Niesink, coördinator vervoer van Zorgverzekeraars Nederland, laat per e-mail weten dat zijn organisatie het voortouw heeft genomen. Zonder die extra criteria vonden de zorgverzekeraars de nieuwe regeling te vaag. Zij zouden dan per geval hebben moeten beslissen, wat, schrijft Niesink, tot ,,willekeur'' zou leiden en ,,juridisch geen vastheid biedt in bezwaarprocedures''.

Volgens Tweede-Kamerlid Agnes Kant (SP) is deze gang van zaken niet zuiver. Door de extra criteria van de verzekeraars vallen méér mensen buiten de boot dan bedoeld door de minister, zei ze in de Tweede Kamer.

Nee, dat is niet waar, zegt de woordvoerder van het ministerie, want de criteria hebben niet de status van wet. Patiënten die niet aan alle extra criteria voldoen, kunnen best nog een vergoeding krijgen, als hun verzekeraar daarin toestemt.

Volgens directeur Paul Willems van pedologisch instituut De Bascule is de ene verzekeraar coulanter dan de andere. IZZ, de verzekeraar van Christel Deckers, stelt zich volgens hem vaak onwrikbaar op, al werd Oliviers taxi uiteindelijk vergoed. Een woordvoerder van IZZ zegt dat IZZ gewoon de afgesproken regels toepast. ,,Als het goed is, zijn alle verzekeraars even strikt.''

Wie het niet eens is met een weigering om vervoer te vergoeden, kan bezwaar maken bij de verzekeraar. Als deze het bezwaar ongegrond verklaart, is beroep mogelijk bij het College voor zorgverzekeringen. Dat gebeurde in 2003 gemiddeld tien keer per maand, in 2004 94 en in 2005 tot nu toe gemiddeld 120 keer per maand. Maar zo'n beroep levert meestal niets op. In slechts vier procent van de 940 gevallen sinds juli vorig jaar oordeelde het CVZ dat de weigering van de zorgverzekeraar onterecht was of meer onderzoek behoefde. Uit dit lage percentage kan worden afgeleid, stelt Peter Niesink van Zorgverzekeraars Nederland, ,,dat de zorgverzekeraars de regeling goed toepassen''.

Wat Christel Deckers te doen staat, is duidelijk. Ze moet op zoek naar een soepele zorgverzekeraar, die inziet dat Olivier zonder taxivervoer niet naar school kan en het vervoer zonder dralen vergoedt. Helaas: Deckers' werkgever, een ziekenhuis, draagt alleen bij aan haar premie als ze verzekerd is bij IZZ, dé verzekeraar van de zorgsector. Ze kan het zich niet veroorloven van verzekeraar te veranderen.

Is het dan wel in de haak dat de ene verzekeraar de regeling coulant interpreteert en de andere streng? Ja hoor, zegt woordvoerder Van der Pas van het College voor zorgverzekeringen, dat is zelfs de bedoeling. ,,Zo krijg je de concurrentie die de minister zo graag wil. De verzekeraars moeten in ieder geval aan de wet voldoen. Willen ze die ruim interpreteren, en daar vanuit hun eigen middelen coulant mee omgaan, dan mag dat.''

En als ze de wet krap willen interpreteren, zodat ze minder geld kwijt zijn, dan mag dat ook. Maar, troost de woordvoerder van het ministerie, ,,de minister heeft de verzekeraars wel opgeroepen ruimhartig te zijn. Daar is voldoende financiële ruimte voor.'' Ruimhartig, jawel, maar met de hand op de knip, voegt hij eraan toe. ,,Tegelijk moeten ze scherp controleren op oneigenlijk gebruik.'' Anders rijzen de kosten weer de pan uit.

Volgens Zorgverzekeraars Nederland zijn de verzekeraars het afgelopen jaar in elk geval niet uitgekomen met het budget voor de hardheidsclausule. Het verschil moeten de verzekeraars zelf bijpassen.

Directeur Paul Willems van De Bascule vindt het ,,een misser'' dat de nieuwe regeling alleen uitzonderingen maakt voor bepaalde lichamelijke aandoeningen, terwijl er ook binnen de geestelijke gezondheidszorg patiëntengroepen zijn die volgens hem op taxivervoer zijn aangewezen. Kinderen bijvoorbeeld. Waarom is niet bepaald dat zieke kinderen het vervoer ook automatisch vergoed krijgen? Dat kan juridisch niet, deelt Peter Niesink van Zorgverzekeraars Nederland mee, ,,in verband met leeftijdsdiscriminatie. Het moet echt om de mate van beperking gaan.''

Volgens Paul Willems zijn vorig jaar in verschillende instellingen behandelingen van kinderen gestaakt of, ,,nog belangrijker'', niet begonnen omdat de ouders het vervoer niet geregeld kregen. Hij voert namens de hele jeugd-GGZ (geestelijke gezondheidszorg) de Haagse lobby aan om de regeling te versoepelen. Maar deze lobby, in tegenstelling tot die van de nierpatiënten, heeft tot nu toe geen succes.

Christel Deckers denkt dat dit misschien komt doordat de ouders van kinderen met psychiatrische aandoeningen nog niet zo goed georganiseerd zijn. Zelf heeft ze geprobeerd de ouders van De Bascule te mobiliseren. ,,Toen Olivier daar net op zat, gingen de kinderen op kamp. Dan zie je alle ouders. Ik heb gevraagd of ze na konden denken over hoe we het vervoer goed konden regelen. Dan blijkt dat iedereen zelf al iets geregeld heeft. Het gezamenlijk belang is niet zo groot.''

Het Kamerlid Schippers (VVD) vatte vorig jaar in een overleg samen wat er is veranderd in het ziekenvervoer: ,,Als iets in een wet staat, heb je er recht op en kun je het afdwingen. Bij een individuele afweging is het niet van tevoren duidelijk of je er recht op hebt.''

En dan begint het bidden en smeken, weet Christel Deckers nu. ,,Het is nog erger dan het Oostblok. Ik ben in Rusland wel eens geweigerd in een theater omdat er geen lusje aan mijn jas zat. Toen wilde ik mijn jas in de foyer achterlaten. Dat mocht ook niet. Daar doet het me vaak aan denken.''

Wilt u reageren? Stuur uw reactie naar zbrieven@nrc.nl of schrijf het Zaterdags Bijvoegsel, Postbus 8987, 3009 TH Rotterdam