`Met `nee' schieten we in onze eigen voet'

Hans van den Broek, voorheen eurocommissaris, verbaast zich over het debat in Nederland. ,,Het was ook een stommiteit om het een grondwet te noemen.''

Met een mengeling van verbijstering en ongeloof volgt Hans van den Broek de campagne voor het Nederlandse referendum over de Europese Grondwet. De oud-minister van Buitenlandse Zaken (1982-1993) en voormalig Europees Commissaris (1993-2000) zegt zijn eigen oren en ogen vaak niet te geloven. ,,Tal van sentimenten zijn een rol gaan spelen die met de Europese Grondwet totaal niets te maken hebben.'' Staccato: ,,Turkije, euro, superstaat – allemaal knetterende onzin.''

Van den Broeks verbijstering geldt de stemming in het land zoals die via peilingen en media tot hem komt. ,,Het is bijna modieus geworden om sceptisch en ironisch over Europa te doen. Het lijkt warempel wel of we vergeten zijn dat we met onze open economie geweldig afhankelijk zijn van Europese samenwerking en dat we onze welvaart juist voor een zeer belangrijk deel aan de Europese integratie te danken hebben.''

Zelfs zijn ,,goede vrind Lubbers'' deelt volgens Van den Broek (68) in de malaise, getuige diens uitlating van begin deze week dat hij wel ,,begrip'' kon opbrengen voor tegenstemmers. ,,Nee, dat was geen gelukkige opmerking. Als weinig anderen behoort hij te weten hoe het is wanneer je als dwarsligger te boek komt te staan.''

Want dat is volgens Van den Broek onvermijdelijk het Nederlandse lot bij afwijzing van de Grondwet. ,,Het wordt verdraaid lastig om dan nog iets gedaan te krijgen. Dat is geen dreigement, maar de pure politiek-diplomatieke realiteit. Met een `nee' schieten we in de allereerste plaats in eigen voet. Het schaadt niet alleen ons imago, maar ook onze belangen.''

Van den Broek zegt ,,vrijwel dagelijks'' gebeld te worden door buitenlandse journalisten die van hem willen weten wat er met Nederland aan de hand is. ,,Ze vragen hoe het kan dat in een land dat aan de wieg van de Europese integratie heeft gestaan, dat decennialang een trouwe en loyale partner in Europa is geweest, en dat zó afhankelijk is van Europese samenwerking, kortom hoe het kan dat in zo'n land de stemming zich zo tegen Europa kan keren?''

En wat antwoordt hij dan? ,,Dat ik het zelf ook curieus vind dat de overgrote meerderheid van de Tweede Kamer vóór de Grondwet is, terwijl de bevolking naar afwijzing lijkt te neigen. En verder dat ik het een stommiteit van de eerste orde vind dat ze het een grondwet hebben genoemd. Gewoon Tweede Verdrag van Rome, dat was veel beter geweest.''

Daarnaast wijst Van den Broek, ook tegenover buitenlandse media, op drie factoren die ,,waarschijnlijk een rol spelen''. In de eerste plaats is volgens hem het vertrouwen in `Europa' aangetast door ,,de diepe verdeeldheid'' over de oorlog in Irak en ,,het weinig verheffende gedoe'' rond het Stabiliteits- en Groeipact, waarbij gemaakte afspraken door grote landen niet zo nauw werden genomen. Daarnaast is er de onervarenheid met referenda. ,,Het klinkt pretentieus, maar dit onderwerp is misschien toch iets te ingewikkeld voor een eerste referendum.''

,,Zo moeilijk als het is voor voorstanders om de bevolking te overtuigen van de voordelen, zo gemakkelijk is het voor Wilders en Marijnissen om vrees in te planten. Zij doen snerend over de komst van een vaste voorzitter van de Europese Raad en een Europese minister van Buitenlandse Zaken, alsof dat functionarissen zijn die op een lijn zijn te stellen met president Bush en minister Rice van de Verenigde Staten. Maar dat is echt klinkklare nonsens. Dat zit er absoluut niet in.''

Ten slotte is volgens Van den Broek van betekenis dat de campagne ,,betrekkelijk laat'' op gang is gekomen en dat ,,ongelukkige bijdragen'' niet van de lucht zijn, niet alleen van ex-premier Lubbers, maar ook van kabinetsleden. ,,Maar goed, dat zou er eigenlijk allemaal niet toe moeten doen'', zegt Van den Broek, want de Grondwet bevat ,,evidente verbeteringen – niet revolutionair, maar wel relevant'' ten opzichte van bestaande verdragen.

De belangrijkste? ,,De Grondwet is democratischer doordat zowel het Europees Parlement als de nationale parlementen meer te zeggen krijgen over het beleid van de Unie. Er zitten in de Grondwet praktische verbeteringen in de besluitvorming, waaronder het terugdringen van vetorechten. En ten slotte wordt het Europese bestuur met deze Grondwet een stuk inzichtelijker en overzichtelijker door opschoning van eerdere verdragen.''