Mesloos onderzoek naar verstopt bloedvat is al vrij betrouwbaar

Coronaire angiografie is een veel toegepaste operatie bij hartpatiënten om verstoppingen op te sporen in de kransslagaderen die het hart van bloed te voorzien. Duitse artsen hebben met een nieuwe CT-scanner een techniek ontwikkeld waardoor bij deze diagnostische ingreep het chirurgenmes niet langer nodig is. Ze vergeleken beide methoden. Hun conclusie is dat de mesloze methode al redelijk betrouwbaar is (Journal of the American Medical Association, 25 mei).

Percutane coronaire angiografie is een flinke operatie, waarbij een arts door een sneetje naar een slagader in de lies een lange dunne, buigzame katheter inbrengt en die door de buikaorta omhoog duwt naar de kransslagaders van het hart (coronairvaten). Vervolgens spuit hij door de katheter een contrastvloeistof en maakt hij een serie röntgenfoto's. De contrastvloeistof in de bloedvaten maakt de vernauwingen in de bloedvaten zichtbaar. Voor het maken van beelden met de MSCT (multi slice computer tomografie) is geen operatie nodig. De patiënt krijgt weliswaar ook een contrastmiddel ingespoten maar dat komt binnen via een gewone injectie in een bloedvat in arm of been. Het behandelvoordeel (geen operatie, veel sneller) van MSCT heeft nog nadelen: de ouderwetse coronaire angiografie maakt kwalitatief nog duidelijk betere beelden.

MSCT heeft meer nadelen. De techniek is erg gevoelig voor bewegingen die de patiënten tijdens de opnamen maken. Daarom werkt de MSCT-scanner op geleide van het elektrocardiogram: de foto's worden gemaakt tijdens de rustfase van het hart, zodat het hart steeds in dezelfde stand wordt `gefotografeerd'. Bovendien moet de patiënt tijdens de opname zijn adem inhouden. De techniek is alleen geschikt voor patiënten met een regelmatige en niet te snelle hartslag. De patiënten krijgen voorafgaand aan MSCT een bèta-blokker toegediend om de hartfrequentie wat te verlagen.

De Duitsers hebben ruim 100 patiënten die met pijn op de borst bij de afdeling Eerste Hulp bij het universiteitsziekenhuis in Ulm binnenkwamen met beide technieken onderzocht en de resultaten vergeleken. Met MSCT misten de artsen twee van de 58 patiënten die bij percutane coronaire angiografie een vaatafsluiting vertoonden. Bij nog eens zeven andere patiënten diagnosticeerden zij met MSCT ten onrechte een vaatafsluiting. Ruim zes procent van de beelden was onbruikbaar, meestal wegens bewegingsartefacten en enkele omdat er zoveel verkalking was dat de eventuele vernauwing niet goed zichtbaar werd.

Dan waren er nog 25 andere mogelijke hartpatiënten buiten dit vergelijkend onderzoek gehouden omdat ze niet geschikt waren voor MSCT, bijvoorbeeld omdat de patiënten een onregelmatige hartslag hadden of omdat ze hun adem niet lang genoeg konden inhouden (bij een test op de brancard).

Hoewel MSCT nog niet een echt alternatief lijkt voor het inwendige hartonderzoek, vinden de Duitse artsen het een redelijk betrouwbare methode om snel patiënten met mogelijke vaatafsluitingen in de kransslagaders te beoordelen.

De CT-scanner die Duitse artsen gebruikten is een geavanceerd apparaat dat details van 0,75 tot 1,0 millimeter in het hart kan weergeven. De meeste CT-scans die nu in ziekenhuizen staan opgesteld geven detaails van 5 tot 10 millimeter weer. Binnen niet al te lange tijd komt de volgende generatie CT-scanners beschikbaar. Dan wordt MSCT waarschijnlijk een goed alternatief voor de operatieve ingreep.