De kwetsbare helden van Jan Hoet

Frank Gehry heeft opnieuw een verbluffend museum ontworpen, ditmaal voor het Duitse stadje Herford. Directeur is de Vlaamse kunstpaus Jan Hoet: ,,Gehry heeft gesmeekt of ie alsjeblieft één muur schuin mocht houden.''

MARTa, het nieuwste gebouw van de Amerikaanse architect Frank Gehry, maakt zich pas kenbaar als je het dicht genaderd bent. Het museum staat haast verdekt opgesteld tussen de herenhuizen en meubelshowrooms aan de hoofdstraat van het Duitse stadje Herford. MARTa is met zijn bakstenen muren niet zo oogverblindend als de Disney Concert Hall in Los Angeles of het Guggenheim Museum in Bilbao. Vergeleken met die twee andere beroemde ontwerpen van Gehry heeft het MARTa, dat 2.500 vierkante meter expositieruimte telt, zelfs een zeer bescheiden formaat.

Maar als je eenmaal voor het museum staat, met zijn transparante gevel waaropeen reusachtig logo prijkt, overdondert Gehry's zwierige architectuur toch weer. Aan weerszijden van de ingang, en erboven, torenen diverse cilinders van baksteen schots en scheef richting hemel, bekroond met een dak van plaatstaal. Ramen zijn er aan de buitenkant niet te ontdekken; het licht glijdt van bovenaf, via hoge schoorstenen naar binnen, direct de tentoonstellingszalen in.

Voor museumdirecteur Jan Hoet (volgende maand 69) is het MARTa de vervulling van een lang gekoesterde droom. Het liefst had de Vlaamse kunstpaus gezien dat Frank Gehry een gebouw had ontworpen voor het S.M.A.K. in Gent, het museum voor actuele kunst waar Hoet dertig jaar lang leiding aan gaf. ,,Maar in Vlaanderen heeft men geen geld over voor architectuur'', zegt Hoet. ,,Het laatste bijzondere gebouw in Gent is de Boekentoren van Van de Velde en die is in de jaren twintig neergezet.'' Het S.M.A.K. kreeg in 1999 uiteindelijk een plek in Gents voormalige casino. Hoet: ,,In het S.M.A.K. heb ik dertig jaar moeten knokken en vechten. Hier is het veel gemakkelijker gegaan.''

De 29 miljoen euro die het MARTa gekost heeft, is voor bijna de helft bijeengebracht door lokale fabrikanten. Herford, gelegen tussen Dortmund en Hannover, telt nog geen 65.000 inwoners, maar mag zich het hart van de Duitse meubelindustrie noemen. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat MARTa – de naam staat voor Möbel, ART en ambiente – een meubelmuseum zou worden. Toen Jan Hoet door Herfords vorige burgemeester bij het project werd betrokken, werd al snel duidelijk dat de nadruk op beeldende kunst zou komen te liggen.

De openingstentoonstelling heet (my private) Heroes en gaat over het heldendom. Het is een aaneenschakeling van werken van Hoets favoriete kunstenaars, onder wie Marcel Broodthaers en Joseph Beuys. Maar er zijn ook voorwerpen te zien van Hoets eigen helden, zoals de gele trui van Jan Ullrich, het dagboek van Anne Frank of de juwelen van Marlene Dietrich. Er staat een wassen beeld van Che Guevara (,,Ik droeg vroeger T-shirts met zijn beeltenis'') en een Motó Aprilia van Philippe Starck. Want behalve een gepassioneerd kunstliefhebber is Hoet volgens eigen zeggen ook een macho, die van boksen houdt, en van snelle motoren.

Hoet: ,,Het begrip held is, zeker in Duitsland, belast. Vandaar de Engelse titel. Eigenlijk zie je hier alleen nog helden in de sport. Ik heb kunstenaars ook altijd als helden gezien. Zij zijn de enigen in de maatschappij die zichzelf exclusief legitimeren door hun kunst. Die egocentrisch zijn en dus kwetsbaar. Dat is het verschil met vroeger. In de tijd van de nazi's draaide het alleen om macht en triomf. Nu heeft het begrip held ook een omgekeerde kant, een kwetsbare.''

Het middelpunt van de expositie vormt de zogenaamde Wunderkammer, waarin Hoet zijn meest dierbare kunstwerken en objecten toont, zoals zijn verzameling snuifdozen, tekeningen die hij van bevriende kunstenaars kreeg toen hij twee jaar geleden het S.M.A.K. verliet en enkele schilderijen uit de collectie van zijn ouders. Hij wilde het nieuwe museum openen, zegt hij, door terug te keren naar zijn wortels.

,,Dit is waarschijnlijk de meest persoonlijke tentoonstelling die ik ooit gemaakt heb'', zegt Hoet als we door de schaars verlichte Wunderkammer lopen. Hij wijst naar een donker landschap: ,,Dat schilderij van Permeke ken ik al vanaf mijn tiende, het hing bij ons thuis. Dat kleine doekje van Luc Tuymans, Body, heb ik ooit zelf gekocht en later aan het S.M.A.K. geschonken. En zie je dat portret van Marlene Dumas? Dat ben ik.''

Dat de charmante Vlaming hier nu zo energiek door de museumzalen stapt, orakelend bij ieder kunstwerk dat we passeren, mag een wonder heten. Hoet kampt al jaren met nierproblemen en hartklachten, hij overleefde longkanker en hersenbloedingen. Een maand geleden nog werd hij getroffen door een trombose en verloor hij enige tijd zijn spraakvermogen. Toch was hij op tijd hersteld om twee weken geleden de opening van MARTa bij te wonen. ,,Ik ben weer helemaal in orde hoor'', lacht hij. ,,Alleen had ik door die ziekenhuisopname maar anderhalve week de tijd om in te richten.''

Gemakkelijk moet het inrichten niet geweest zijn. De meeste zalen hebben lange witte wanden die aan de onderzijde recht zijn en naar boven toe golvend weglopen. Een enkele muur is zo gekromd dat de schilderijen sterk naar voren hellen of holle ruimtes achter zich laten. Hoet: ,,De architectuur vormt soms een probleem. In het oorspronkelijke ontwerp waren alle muren, ook degene die nu redelijk recht zijn, zo scheef als wat. Toen heb ik tegen Gehry gezegd: dit kan echt niet. Hij heeft gesmeekt of ie alsjeblieft één muur schuin mocht houden. Dat is deze geworden. De museumzalen ogen nu als klassieke ruimtes – white cubes – maar dan toch een beetje ontspoord. Er zit beweging in.''

Als een vis in het water voelt Hoet zich in zijn nieuwe museum. Iedere suppoost die we passeren schudt hij de hand. Wie geht's? Bezoekers krijgen spontaan uitleg bij de kunstwerken. ,,Wist u dat Marilyn Monroe die foto van haar naakte lichaam zelf bekrast heeft?'' Of, bij een zelfportret te paard van Marina Abramovic, de kunstenaar die samen met Meret Oppenheim een van Hoets `godinnen' is: ,,Ziet u hoe die welving van de witte vlag in haar hand meegaat met de welving van de muur? Prachtig hè?''

In zijn volgende tentoonstellingen zal Hoet zich meer richten op de relatie tussen wonen, design en kunst. ,,Je moet je profileren in Duitsland. Er zijn hier al zoveel musea. Het publiek komt echt niet hierheen om een Polke of Richter te zien.''

De plannen voor weer een nieuw museum liggen er ook al. Tijdens de opening van MARTa liet Hoet zich ontvallen dat hij een akkoord heeft gesloten met een rijke reder uit Hongarije. Deze mecenas wil 53 miljoen euro ter beschikking stellen voor een museum dat kan drijven en dat via de Europese rivieren belangrijke havensteden zal aandoen. De wedstrijd voor het ontwerp van deze museumboot zal volgens Hoet nog dit jaar uitgeschreven worden. Hoets derde, ,,en laatste'' museum zal in 2008 openen, als hij zijn contract in Herford heeft uitgediend. ,,Het gaat echt gebeuren'', verklaart hij met een twinkeling in de ogen. ,,Wacht maar af.''

MARTa, Goebenstrasse 4-10, Herford, Duitsland. Di t/m zo 11-18u. Inl: 0049- 5221994 4300, www.marta-herford.de. Tentoonstelling '(my private) Heroes' t/m 14 augustus.