De krant zegt wat de lezer moet stemmen

Alle kranten vinden wat van de Europese grondwet. Ze zijn tamelijk open voor of tegen. Maar zo lopen ze wel het risico andersdenkende lezers tegen de haren in te strijken.

De Volkskrant is voor. NRC Handelsblad is voor. Het Nederlands Dagblad is voor. Maar Elsevier is tegen. En de Groene Amsterdammer vindt het ,,de beste van twee kwaden''.

Net als vrijwel alle Nederlanders worstelen ook media met de vraag of en zo ja hoe zij stelling moeten nemen in het debat over de Europese grondwet. Ja, lijkt het antwoord op de eerste vraag. Vrijwel alle opiniebladen en kranten spreken zich uit in hun (hoofdredactionele) commentaren. En sommigen, zoals Elsevier, benadrukken die keuze ook in de stukken van de redactie.

Bij parlementaire verkiezingen is het ongebruikelijk dat media commentaar geven dat opgevat kan worden als stemadvies – media willen onafhankelijk zijn van politiek. Maar dit is anders, zegt Peter Bergwerff, de hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad. ,,Dit is een inhoudelijke vraag aan de bevolking, die dwars door politieke verhoudingen loopt.''

Het antwoord op die inhoudelijke vraag stelt commentatoren en hoofdredacties wel voor dilemma's. Omdat er maar twee antwoorden op de vraag mogelijk zijn, kan het commentaar niet al te genuanceerd eindigen. En een keuze voor of tegen kan een groot deel van de lezers tegen de haren instrijken. Dat risico neemt bijvoorbeeld het Nederlands Dagblad. De krant verdedigt vandaag een ,,ruim ja'' in het hoofdredactioneel commentaar, terwijl een groot deel van de abonnees ChristenUnie stemt. Die partij voert fel campagne tegen de grondwet, onder meer omdat er geen expliciete verwijzing naar het christendom in staat. Maar Bergwerff voelt zich ,,vrij'' in het schrijven van zijn commentaar, zei hij deze week. ,,We voelen ons wel verwant met de ChristenUnie, maar formele banden zijn er niet.'' De hoofdredacteur ziet de Grondwet als logische volgende stap in de Europese eenwording. ,,Als christen zou ik het mooi gevonden hebben als er een ruimhartige erkenning van de christelijke wortels in had gestaan. Maar het was toch niet meer geweest dan een formele erkenning in een werkelijkheid van een zich sterk seculariserende samenleving.'' Bergwerff verwacht niet veel discussie bij lezers over het hoofdartikel (,,alle denkbare opinies zijn behandeld op onze opiniepagina's'') maar ingezonden brieven zijn ,,zeer welkom''.

De stellingname van Elsevier tegen leidde wel tot boze reacties. Niet zozeer bij lezers, zegt hoofdredacteur Arendo Joustra, maar wel bij politici. Zo verwonderde staatssecretaris Nicolaï (Europese Zaken, VVD) zich in zijn weblog over de weerstand van het opinieblad. ,,Als er één deel van de samenleving is, dat overtuigd moet zijn van de voordelen van Europese samenwerking, dan toch wel de lezers van Elsevier.'' Maar juist omdat Elsevier Europa serieus neemt, is het blad tegen de Grondwet, zegt Joustra. ,,Nederland heeft slecht onderhandeld.'' Het is net als met het koningshuis, legt hij uit: Elsevier is voorstander van de monarchie en vindt daarom dat Mabel er niet in thuishoort.

Elsevier beperkt zich met de nee-campagne niet tot de commentaren en columns. In april luidde het cover-artikel: Waarom nee beter is dan ja. Joustra: ,,Wij zijn een opinieblad, en dat laat je ook in de redactionele stukken zien.''

De meeste media beperken het tonen van hun keuze evenwel tot het (hoofdredactioneel) commentaar, dat door hoofdredacteuren, commentatoren of vakredacteuren geschreven wordt. De presentatie verschilt. In deze krant ondertekent de auteur het niet, in het Nederlands Dagblad wel. In beide gevallen wordt over de lijn van de hoofdartikelen nagedacht door betrokken commentatoren. NRC Handelsblad ondertekent niet, omdat het commentaar de mening van de krant uitdraagt (wat niet hetzelfde is als de mening van de redactie, staat in het stijlboek van de krant). Er wordt geredeneerd vanuit de liberale beginselen van de krant en gezocht naar consistentie, schreef hoofdredacteur Folkert Jensma in februari in deze krant.

Eén van de redenen voor het Nederlands Dagblad om wel te ondertekenen is dat het commentaar daardoor een meer columnachtig karakter krijgt. ,,Aan commentaren die niet ondertekend zijn, zie je soms erg af dat iedereen het er mee eens moest zijn'', zegt Peter Bergwerff. Enkele Franse kranten, die liever geen `stemadvies' wilden geven, kozen er voor de hoofdcommentaren over de Europese Grondwet bij uitzondering wél te ondertekenen. Vrij Nederland had weer een andere oplossing. Deze week kregen twee individuele redacteuren de ruimte hun voor- of tegenstem toe te lichten, terwijl de hoofdredacteur zich in zijn – ondertekende – commentaar op de vlakte hield.

Inhoudelijk stellen de meeste geschreven media zich op het ja-standpunt, zij het met veel mitsen en maren, genuanceerd en uiterst voorzichtig opgeschreven. Elsevier is één van de weinigen die een stellige nee-campagne voert. Als de Nederlandse bevolking woensdag een krachtig `nee' laat horen, moeten media zich dat dan aantrekken? Duidt dat op een kloof tussen burgers en media zoals die na de moord op Fortuyn regelmatig benoemd is? Hoofdredacteuren vinden van niet. Folkert Jensma: ,,Wij zijn geen volksvertegenwoordigers.'' Peter Bergwerff: ,,Ik zal door een ferm `nee' niet van standpunt veranderen. Ik ben niet onder de indruk van het niveau van de discussie. Als dit referendum misbruikt wordt als Fortuyniaanse uitlaatklep, imponeert mij dat niet.''