Cholesterolsensor speelt belangrijke rol in vethuishouding

Het eiwit Liver X Receptor, dat het cholesterolgehalte van het bloed regelt, blijkt ook een centrale rol in de vetstofwisseling te spelen. Het bewaakt het evenwicht tussen verbranding van vetten en de opslag ervan in lever en vetweefsel. Volgens onderzoekers van de University of Texas in Dallas biedt deze ontdekking aanknopingspunten voor de bestrijding van vetzucht (Cell Metabolism, april).

Het verband tussen vet en cholesterol ligt minder voor de hand dan men zou denken. Want cholesterol en vet hebben totaal verschillende biologische functies. Cholesterol is nodig voor de opbouw van membranen, de aanmaak van hormonen en de spijsvertering, terwijl vetten vooral het lichaam van energie voorzien. Liver X Receptor (LXR) is een soort sensor die in grote aantallen op levercellen zit en het cholesterolgehalte in het bloed meet. Als dit toeneemt, activeert LXR de genen voor een groot aantal transporteiwitten die helpen bij de opname van cholesterol uit het bloed, de verwerking ervan in de lever en het transport naar de gal, zodat het uiteindelijk met de ontlasting kan worden afgevoerd. Dit mechanisme is al lang bekend. Dat LXR ook invloed heeft op de vethuishouding van het lichaam werd wel vermoed, maar nog niet helder aangetoond. Dat is nu gebeurd.

De onderzoekers werkten met muizen waarbij het LXR-gen was weggehaald. Als ze deze diertjes op een `westers' vet- en cholesterolrijk dieet zetten, werden ze ook na weken nauwelijks zwaarder. Wel liep het cholesterolgehalte van het bloed extreem op. Voerden zij alleen vetten en géén cholesterol, dan nam het gewicht duidelijk toe. Dit bleek te komen doordat de dieren onder invloed van de hoge cholesterolwaarden meer vet verbranden.

Het lichaamsgewicht wordt echter ook bepaald door de opslag van vetten. De onderzoekers stelden zich dan ook de vraag of en in hoeverre LXR deze arm van de vetbalans beïnvloedt. Met name keken zij naar het eiwit SREBP-1c. Deze stof reageert op de verhoogde insulinegehaltes die na een maaltijd optreden en zet dan de opslag van vet in lever en onderhuids vetweefsel in gang. Zij ontdekten dat LXR hiervoor zelfs nog belangrijker is dan insuline. Het zorgt er namelijk voordat het gen voor SREBP-1c tot expressie kan komen. Alleen dan kan dit eiwit überhaupt aangemaakt worden.

Volgens onderzoeksleider dr. David Mangelsdorf stelt LXR het lichaam in staat om het cholesterol uit een vetrijk `westers' dieet af te voeren terwijl het de vetvoorraden in het lichaam op peil helpt houden. Zo ontstaan energiereserves voor moeilijke tijden. Therapeutische toepassingen, bijvoorbeeld door bij te dikke mensen via LXR de vetverbranding te stimuleren en de opslag te remmen, zijn denkbaar, maar vragen wel om een subtiele aanpak. Er zijn namelijk twee vormen van LXR. De alfa-vorm, zo blijkt uit een artikel in het meinummer van Cell Metabolism, beïnvloedt de activiteit van diverse andere genen die een rol spelen in de vetstofwisseling, terwijl de functie van LXR-bèta nog niet echt duidelijk is. Voorlopig lijkt een aangepast dieet veiliger en goedkoper.