Surinaamse patstelling

Oud-legerleider, voormalig dictator, zakenman en vermeend drugshandelaar Desi Bouterse heeft het 'm weer gelapt. Zoals het een echte overlever betaamt. In de versnipperde Surinaamse politiek boekte zijn Nationaal Democratische Partij gisteren bij de parlementsverkiezingen forse winst. Met vijftien van de 51 zetels zal Bouterse waarschijnlijk geen president kunnen worden, maar de zetelaanwas van de NDP is veelbetekenend. Bouterse blijft een sleutelrol spelen in de politiek in Suriname, hoezeer ook tot ongenoegen van Nederland, dat een zakelijker betrekking met zijn voormalige kolonie wil maar er niet in slaagt die tot stand te brengen. Suriname is voor Nederland geen gewoon buitenland. Omgekeerd geldt dat ook. De verkiezingsuitslagen zullen in de belaste relatie geen verandering brengen. Daarvoor zijn ze te onevenwichtig. Op papier is er geen coalitie mogelijk en de politiek blijft gegijzeld door een generatie politici die uit lijfsbehoud voor de status quo kiest. Voor Suriname betekent dit stilstand of in het beste geval doorsudderen op een laag pitje. Een pragmatische samenwerking met Nederland is ver weg.

De regerende coalitie van het Nieuw Front onder leiding van president Ronald Venetiaan verloor gisteren eenderde van haar electoraat. Het is Venetiaan ondanks een redelijk stabiele economie niet gelukt om 's lands eeuwige problemen van corruptie, bureaucratie, verloedering door drugshandel en algemeen verval aan te pakken. De ingewikkelde verkiezingsuitslag, die kan leiden tot politieke en maatschappelijke instabiliteit, is hoofdzakelijk Venetiaans coalitie te verwijten. Met haar krachteloze beleid heeft ze de weg vrijgemaakt voor de spectaculaire groei van Bouterses partij.

Suriname is een land met potentie, dat desalniettemin voortdurend in een neerwaartse spiraal dreigt te komen. Het is ongehoord dat de regering na een geslaagde sanering van de overheidsfinanciën en bij aantrekkende grondstofprijzen, de kans op verdere vooruitgang door hervorming van de overheidssector heeft laten liggen. Natuurlijk, de leegloop is een probleem. De fine fleur van de natie zit in Nederland, maar met dit voldongen feit wordt te weinig gedaan om de toestand in het thuisland te verbeteren.

Het vraagstuk dat in alles meespeelt – van de internationale betrekkingen tot de informele sector en de witwasoperaties – blijft Suriname's reputatie als doorvoerland van cocaïne. Het volk heeft gekozen, daar valt weinig op af te dingen, maar het is treurig dat een veroordeelde drugsdealer die ook nog eens weinig oog heeft voor de democratie, zo lang al zo'n belangrijke rol speelt in de politiek. Het is allereerst aan Suriname zelf om hiermee in het reine te komen. Dat Nederland niet kan wegkijken, laat zich raden. Juist in een ernstiger scenario van toenemende instabiliteit en democratische achteruitgang, zal van Den Haag betrokkenbeid en visie worden verlangd, zodat figuren als Bouterse niet in de kaart worden gespeeld.