Allochtone vaders voeden moderner op

De huidige jonge migrantenvaders voeden hun kinderen meer op volgens het westerse model dan vorige generaties. De vaders zijn meer betrokken bij hun kinderen, minder autoritair en opener.

De Nederlandse manier van opvoeden vinden ze echter van te weinig respect getuigen en overassertief.

Dat blijkt uit het rapport Diversiteit in vaderschap van het Verwey-Jonker Instituut dat vanmiddag wordt overhandigd aan de Amsterdamse wethouder Ahmed Aboutaleb (Pvda). Het instituut verricht onderzoek naar sociale vraagstukken.

Voor het eerst is in Nederland kwalitatief onderzoek gedaan naar de invulling van het vaderschap onder Chinese, Creools-Surinaamse en Marokkaanse mannen in Nederland – 24 uit elke groep werden uitgebreid ondervraagd. De meeste onderzoeken naar opvoeding in migrantengemeenschappen zijn gericht op moeders.

Uit het rapport blijkt dat allochtone vaders moderner worden. Tweede-generatie allochtone vrouwen werken vaker buitenshuis dan hun moeders. Hun mannen zeggen meer tijd en aandacht te willen besteden aan de kinderen. Belemmeringen hiervoor zijn de werkdruk bij Chinezen, die veelal in de horeca actief zijn en de algemene opvattingen over mannelijkheid bij Creoolse Surinamers en Marokkanen. Daarnaast is in veel gezinnen sprake van de `macht van de traditie': moeders geven de regie over het huishouden niet graag uit handen. Dat weerhoudt vaders een grotere bijdrage te leveren aan de opvoeding en zorg van de kinderen.

De meeste vaders die hebben meegedaan aan het onderzoek menen dat zij de opvoeding goed aan kunnen. Opvoeden in Nederland heeft positieve, maar ook lastige kanten, vinden zij. Als positief geldt de hogere levensstandaard. De Marokkaanse en Creoolse vaders vinden dat ze veel kunnen leren van de betrokkenheid van Nederlandse ouders bij hun kinderen en bij schoolzaken. Tegelijkertijd ervaren de vaders uit alle drie de groepen de losse omgang tussen jong en oud in Nederland als een nadeel. Kinderen wordt te weinig geleerd dat ze hun ouders moeten respecteren, vinden ze, zijn brutaal en overassertief.

De vaders geven aan dat zij graag hulp krijgen bij de opvoeding. Ze denken onder andere aan gespreksgroepen of pedagogische programma's op televisie. De Chinese vaders vinden het belangrijk dat dergelijke hulp in het Chinees wordt aangeboden.