Aanklacht Omagh: 29 keer moord

Een Noord-Ierse elektriciën is gisteren officieel in staat van beschuldiging gesteld in verband met een bomaanslag in de plaats Omagh van augustus 1998. Daarbij kwamen 29 mensen om het leven en raakten meer dan 300 personen gewond.

De aanslag, de bloedigste van de afgelopen decennia in Noord-Ierland, was naar algemeen wordt aangenomen het werk van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), dat het vredesproces wilde verstoren. Niemand is tot dusverre in verband met de aanslag veroordeeld.

Tijdens een korte zitting in de rechtbank van Craigavon, die ook door nabestaanden van de slachtoffers werd bijgewoond, las een rechter 61 beschuldigingen voor tegen Sean Hoey (35). Daaronder waren 29 afzonderlijke aanklachten wegens moord, maar ook de beschuldiging dat hij Brits militair personeel had willen doden.

Hoey, de eerste verdachte die terechtstaat voor de aanslag, vertoonde geen enkele emotie. Hij keek slechts strak naar de grond bij het voorlezen van de beschuldigingen.

De advocaat van Hoey stelde dat de rechten van zijn cliënt waren geschonden doordat er geen sprake is van nieuwe feiten. Het openbaar ministerie baseert zich slechts op getuigenverklaringen, die al bestonden. Bovendien hekelde Hoeys raadsman het feit dat de aanklachten tegen zijn cliënt onlangs al naar de media uitlekten.

De rechter legde de klachten van de advocaat echter naast zich neer en bepaalde dat de volgende zitting volgende week in Belfast zal worden gehouden. Hoey zal de zaak dan per videoverbinding uit de streng bewaakte Maghaberry-gevangenis kunnen volgen.