Grenzeloze populariteit

Art.I-1(2) De Europese Unie staat open voor alle Europese staten die haar waarden eerbiedigen en zich ertoe verbinden deze gezamenlijk uit te dragen.

Typisch Europese paradox: bij landen die in de Europese Unie zitten, groeien de reserves ten aanzien van het lidmaatschap; bij landen die er niet inzitten, is de Unie grenzeloos populair.

`Europese staten' die voldoen aan de toelatingseisen en worden `goedgekeurd' door alle lidstaten kunnen toetreden. Voor uittreden is tot dusver niets geregeld. Dat verandert als de Grondwet doorgaat, want daarin is de procedure voor vrijwillige terugtrekking opgenomen. Een land dat de EU wil verlaten moet over de voorwaarden overeenstemming zien te bereiken met de achterblijvers. Voor zo'n akkoord is een gekwalificeerde meerderheid onder de overblijvende EU-landen vereist.

Ook schorsing van een EU-lid is in de Grondwet geregeld. Vijf jaar geleden kregen verscheidene landen problemen met Oostenrijk, waar de conservatieve ÖVP een coalitie met de rechtspopulistische FPÖ had gesloten. De Europese Unie kon niets uitrichten, want zij had er geen instrumentarium voor. Wel kwam het tot een diplomatieke boycot tegen Wenen door de veertien andere EU-landen. Bemiddeling door `drie wijzen' maakte een eind aan die boycot. Bovendien stelde de Unie een speciale procedure op voor lidstaten die in de fout gaan.

In de Grondwet keert deze regeling terug (art.I-59). Op initiatief van eenderde van de lidstaten, het Europees Parlement of de Europese Commissie kan een lidstaat die zich schuldig dreigt te maken aan ,,ernstige schending'' van de Europese waarden (art.I-2) de wacht worden aangezegd. Dit kan bij ,,ernstige en voortdurende schending'' uitmonden in schorsing.

Dit is de laatste aflevering van deze rubriek, die in de aanloop naar het referendum in Nederland op 1 juni, artikelen uit de Europese Grondwet belichtte.