`Turkije zou weer genocide kunnen plegen' (Gerectificeerd)

De Europese Unie wil graag dat Turkije zich verzoent met zijn verleden en de massaslachtingen onder Armeniërs aan het begin van de twintigste eeuw erkent. Maar zo'n verzoening zit er op korte termijn niet in.

Op het eerste gezicht is het niets meer dan zomaar een kamer in zomaar een archief, vol met archiefkasten en de zure lucht van papier dat decennia oud is. Maar pak een ordner en sla een dossier open en een universum van gruwelen komt je tegemoet – martelingen, verkrachtingen, hele kerken die met vrouwen en kinderen erin in brand werden gestoken, het is er allemaal.

Dit is het staatsarchief van Armenië en de dossiers bevatten de getuigenissen van Armeniërs die de massaslachtingen aan het einde van het Ottomaanse Rijk overleefden. ,,Hun verhalen vertonen zoveel overeenkomsten dat je wel moet concluderen dat er een vast patroon in het geweld zat'', zegt Amatuni Virabian, directeur van het archief in Jerevan. ,,En dat bewijst dat de slachtingen georganiseerd waren en je dus wel degelijk van een genocide kunt spreken.''

De slachtpartijen onder Armeniërs barstten in volle hevigheid los in 1915, 90 jaar geleden. Desondanks is de kwestie van de Armeense genocide van een ongekende actualiteit geworden. Turkije, dat de genocide tegen Armeniërs ontkent, wil immers lid worden van de Europese Unie. Veel Europese leiders zijn echter van mening dat Ankara dat pas kan als het in het reine is gekomen met zijn verleden. En dus sprong Europa enthousiast op toen de Turkse premier, Erdogan, onlangs met een voorstel kwam om een officiële Armeens-Turkse commissie in te stellen die nu eens en voor altijd moest vaststellen of er zo'n genocide is geweest. Dit was de manier, zo vinden veel Europese politici, om Turkije te laten beseffen wat er in het verleden is gebeurd. Archieven liegen immers toch niet?

In Jerevan is directeur Amatuni Virabian echter beduidend minder enthousiast over zo'n commissie. Zo heeft hij twijfel over wat er in de Ottomaanse archieven in Istanbul te bestuderen is. ,,Ik werk mijn hele leven al in deze sector'', zegt hij. ,,En laat ik je één ding zeggen: in archieven is niets gemakkelijker dan stukken laten verdwijnen.''

Daarnaast, zo geeft hij toe, is er in de archieven in Jerevan geen enkel document te vinden waar zwart op wit staat dat er sprake was van een officiële opdracht om alle Armeniërs uit te moorden. ,,Maar de geschiedenis bewijst dat zulke bevelen vrijwel nooit schriftelijk worden gegeven, altijd mondeling.''

Ook Virabian beseft dat Turkse leden van een verzoeningscommissie zich door zo'n argument niet zullen laten overtuigen. Tenslotte bevatten de archieven in Jerevan ook gevallen van Armeense wreedheden.

Zo kent Virabian het verhaal van een jongen van 15 die negen maanden door de Ottomanen gevangen werd gehouden. Toen de Russen hem bevrijdden, ontdekte hij dat zijn hele familie was uitgemoord. Hij werd vrijwilliger in het Russische leger en toen hij een Ottomaans dorp binnenkwam, nam hij wraak. In het dorp leefden nog drie mensen, een Koerdische vrouw en twee meisjes van vijf. Het kostte hem moeite, maar hij vermoordde hen. ,,Zulke wraakmoorden vind je in onze archieven'', aldus Virabian. ,,Natuurlijk zijn ze fout, maar je kunt ze niet vergelijken met de genocide van een geheel volk.'' In Europa zal iedereen het daarmee eens zijn, maar zullen ook Turkse historici daarmee instemmen?

En welbeschouwd ligt het probleem nog dieper. Volgens Turkse historici begonnen de problemen pas toen de Armeniërs wat al te veel tegen de Russen aan begonnen te schurken en zich los wilden maken van het Ottomaanse Rijk. Elke staat, zo vinden zij, heeft recht zich te wapenen tegen separatisme.

Maar veel Armeniërs denken daar anders over: Armeniërs hadden en hebben recht op een eigen land, vinden zij, juist zoals iedereen in de wereld dat heeft. Nog altijd vinden veel Armeniërs diep in hun hart dat het huidige Armenië te klein is en bijvoorbeeld het symbool van Armeense nationale identiteit, de berg Ararat, zou moeten omvatten. Deze ligt in het huidige Turkije, maar Turken hoor je nauwelijks over de berg. ,,Vind je het gek'', zegt Lena, die mobiele telefoons verhuurt in Jerevan, ,,De Ararat is van ons, niet van hen, vandaar dat ze er niets over zeggen.''

En alsof het verleden al niet genoeg is, staat ook het heden verzoening in de weg. Turkije steunt immers Azerbajdzjan in zijn conflict met Armenië over de enclave Nagorno-Karabach. ,,Armenië heeft zoveel martelaren gehad in die oorlog dat er tegenwoordig voor elke Armeense man een heel dorp aan vrouwen is'', zegt Ashot, een inwoner van Jerevan die internationale betrekkingen heeft gestudeerd. ,,Beseffen jullie wel wat voor aderlating dat conflict voor ons was?''

Voor Armeniërs bewijst het conflict opnieuw dat de wereld eigenlijk altijd Armenië te grazen wil nemen. Natuurlijk heeft Turkije een heel andere visie: Nagorno-Karabach hoort bij Azerbajdzjan, zo vinden veel Turken, dat Armenië dat niet kan accepteren is een nieuw bewijs van Armeense agressie en expansionisme. Zelfs al zouden Turkije en Armenië het eens worden over de genocide, dan zal de kwestie Nagorno-Karabach de twee landen blijven verdelen. Nog steeds voelen Armeniërs er dag in dag uit de gevolgen van dat Turkije de grens in 1993 sloot. ,,Onze import moet via Georgië of Iran en is mede daardoor zo'n 20 à 25 procent duurder'', zegt Arsen Ghazarian, voorzitter van Verbond van Armeense Industriëlen en Zakenlieden. ,,Turkije dacht dat, als het de grens zou sluiten, Armenië geen stappen vooruit zou zetten. Maar nu zijn ze daar (in Turkije red.) in shock, want de economie van Armenië groeit wel degelijk.''

En zo lijkt een interstatelijke verzoeningscommissie bij voorbaat kansloos: het wederzijdse wantrouwen is er simpelweg te groot voor. ,,Een tijd geleden had je ook zo'n commissie (dat was toen overigens een niet-gouvernementele, red.)'', zegt Dr. Ashot Melkonian van het Armeense Instituut voor Geschiedenis. ,,Turkije kwam daar toen mee omdat een groeiend aantal landen de genocide begon te erkennen. Turkije hoopte door dit voorstel die erkenning stop te zetten. Zoiets zullen ze ook nu wel weer willen.''

Melkonian heeft weinig hoop. Toen hij een bezoek bracht aan dorpjes in Turkije, waar ooit een meerderheid van de bevolking Armeens was, wachtte hem een onaangename verrassing. De dorpsbewoners ontkenden de genocide. Maar toen Melkonian een beetje `Armeense' grond mee terug wilde nemen naar huis en in de grond begon te graven , ,,vroegen ze direct'', aldus de wetenschapper, ,,of daar het goud van Armeniërs lag dat ze hadden verborgen voordat ze werden weggevoerd.''

En zo gelooft Melkonian dat er in de grond van de zaak nog weinig verschil is tussen 1915 en nu. ,,Turkije heeft een blokkade tegen ons ingesteld, het wil geen diplomatieke betrekkingen met ons, het steunt de Azeri's tegen ons en het erkent de genocide niet.'' Hij zucht. ,,Als je het aan mij vraagt zijn de Turken in potentie in staat om de genocide te herhalen.''

Rectificatie

In het fotobijschrift boven het artikel `Turkije zou weer genocide kunnen plegen' (25 mei, pagina 5) staat dat Turkse soldaten in 1951 poseren bij opgehangen Armeniërs. Het jaartal is 1915. De rechterfoto toont een jongen die tijdens de Armeense deportatie stierf.