Stilistische nonchalance in verhaal over jongens

Bleke beelden. Drie jongens duwen elkaar plagerig weg. Alessandro, Castronovo en Toni noemen ze elkaar en binnen een paar minuten weten we dat ze onafscheidelijk zijn, dat ze in een vaal industriestadje in Noord-Italië wonen, waar ze met een brommertje doorheen scheuren of dat ze soms ontvluchten om bij een ondiep riviertje stenen te gooien en goedkope wijn te drinken. We weten dat ze het thuis niet makkelijk hebben, dat de moeder van Alessandro wel lief is, maar ook snel uit balans, en we zien dat Castronovo woedend maar geroutineerd de stoelpoten onder zijn dronken vader vandaan schopt. We snappen dat ze er alledrie van dromen deze wereld achter zich te laten, maar wij weten ook dat zíj weten dat het hun niet zal lukken.

Maar verwacht van Nemmeno il destino geen lichte weemoed à la Fellini's Amarcord. De bleekheid van de beelden, het scherpe geluid dat met die beelden niet altijd synchroon loopt, dat geeft al aan dat deze film grimmiger zal worden. Op het laatst is er nog maar één van de jongens over en dan blijkt dat het geduw aan het begin ook een meer dan letterlijke betekenis heeft gehad.

De film ontleent zijn titel aan een weemoedig liedje dat Alessandro's moeder zingt: ,,Niemand, niemand, zelfs het lot niet (nemmeno il destino) kan ons uit elkaar krijgen.'' Het zinnetje is een bezwering, een geruststelling en een beklemmende profetie tegelijk. Even uiteenlopend verfilmde de Italiaanse regisseur Daniele Gaglianone zijn verhaal. Hij kan zijn jongens pontificaal in de camera laten acteren. Hij kan ze terloops opvangen als ze door de school of door de stad zwerven, doelloos als het vuil, het verkeer en de wolken. Hij zet sommige scènes heel bewust als kleine melodrama's op, andere weer gewelddadig surrealistisch.

Misschien is het de tastende hand van een nog betrekkelijke jonge (39 jaar) en onervaren (dit is zijn tweede speelfilm) regisseur. Toch voelt het niet zo. De stilistische nonchalance van Gaglianone overtuigt als een stijl op zichzelf. Hij voegt zich naar zijn spelers. De etherische beelden van Alessandro's moeder als ze weer eens in het vervloekte en geliefde verleden glijdt, de bleekheid van het verruïneerde stadsleven, de snelle beelden die de vitaliteit van de schooljongens onderstreept en de harde stijl die zo goed aansluit bij de woede en de ellende van Ferdi Castronovo (Fabrizio Nicasto, met gemak de beste speler van de film, met een wilde kracht als Tygo Gernandt in Van god los).

Gaglianone wist dit jaar op het International Film Festival Rotterdam ook te overtuigen: hij won er een Tiger Award.

Nemmeno il destino. Regie : Daniele Gaglianone. Met: Mauro Cordella, Fabrizio Nicasto, Sanna Giuseppe, Lalli, Stefano Cassetti. In: The Movies, Amsterdam; Filmhuis, Den Haag; Lantaren/Venster, Rotterdam.