Meer geld van EU voor arme landen

De landen van de Europese Unie hebben afgesproken de komende tien jaar de uitgaven voor ontwikkelingshulp fors te verhogen.

Het akkoord tussen de betrokken ministers betekent dat de komende vijf jaar 20 miljard euro extra wordt uitgetrokken voor armoedebestrijding. De uitbreiding van de hulp past in een afspraak binnen de Verenigde Naties om de armoede in de wereld in 2015 te hebben gehalveerd.

Concreet komt de afpraak binnen de Unie erop neer dat de vijftien oude lidstaten tot 2015 de hulp opvoeren naar 0,7 procent van hun bruto nationaal product. In 2010 moet een percentage van 0,56 zijn bereikt.

De forse verhoging in de ontwikkelingshulp betekent een opsteker voor de Britse premier Tony Blair. Deze heeft in het bijzonder de hulp aan Afrika uitgeroepen tot een van de prioriteiten van het huidige Britse voorzitterschap van de G7, de groep van de belangrijkste geïndustrialiseerde landen. Nu hij de EU op dit punt achter zich weet, kan Blair op de top van de G7 in juli in het Schotse Gleneagles ook de Amerikaanse president Bush met meer overtuigingskracht voor dit beleid proberen te winnen.

De afspraak van de Unie heeft vooral gevolgen voor Duitsland, Italië, Portugal en Griekenland die hun uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking flink zullen moeten verhogen. Nu besteedt Duitsland bijvoorbeeld 0,28 procent aan dit doel. Als de Duitsers de tussentijdse doelstelling voor 2010 willen halen, is al een extra uitgave van 5,7 miljard euro nodig. Voor Nederland heeft de afspraak geen gevolgen, er gaat al 0,8 procent van het bruto nationaal product naar ontwikkelingssamenwerking.

,,De EU kan internationaal een goed figuur slaan door deze inbreng'', stelde minister Van Ardenne voor Ontwikkelingssamenwerking gisteren na afloop van overleg met haar Europese collega's. Zij vindt dat het extra geld vooral bestemd moet worden voor wegenbouw, telecommunicatie en technologische verbeteringen om de ontwikkelingslanden meer kans te geven in de internationale handel.

Europees commissaris Louis Michel hoopt dat de afspraak ertoe zal leiden dat de Verenigde Staten en Japan meer gaan uitgeven aan armoedebestrijding in de wereld.

Voor de nieuwe lidstaten van de Europese Unie is een aparte regeling getroffen. Zij zullen in 2010 0,17 procent en in 2015 0,33 procent van hun bruto nationaal product aan ontwikkelingssamenwerking moeten uitgeven.