Tijd om kritisch naar vwo-examen te kijken 2

Ad van Hout wijst terecht op het grote belang van een stevig centraal vwo-examen als toelatingscriterium voor de universiteit. Hij vreest dat de huidige gewichtsverdeling (fifty-fifty) tussen centraal examen en schoolexamen ten gunste van het tweede zal verschuiven. Ook al lijkt die vrees voorlopig ongegrond, de minister heeft daarentegen wel plannen die ontregelend en niveauverlagend zullen uitpakken. Ontregelend is het project Compex. Dit behelst de inzet van de computer bij alle vakken op het centraal examen. Een geld- en energieverslindend project dat grote organisatorische problemen en een grote fraudegevoeligheid belooft, terwijl de meerwaarde klein zal zijn.

In Amerika en Canada was de fraudegevoeligheid reden om bij examens van enig niveau weer terug te keren naar pen en papier. Een ander ministerieel plan zal stellig leiden tot ondermijning. Onder het motto `flexibel examineren' moet de leerling de gelegenheid krijgen zijn centraal examen te spreiden over twee jaar. Afgezien van allerlei organisatorische problemen, zal met zekerheid zo'n bij elkaar gesprokkeld diploma minder voorstellen dan een diploma dat in één korte periode is behaald.

De derde maatregel bedreigt het niveau het meest en is ook het verst gevorderd in de beleidspijplijn. Deze maatregel zal zonder twijfel het niveau verlagen. Het gaat om een reductie van 40 procent van de stof voor het centraal examen bij de economische en exacte vakken. Weliswaar komt die 40 procent bij de schoolexamens aan de orde, maar daar is de kwaliteitsborging niet afdoende geregeld. Erger is nog, dat bij de herziening van de tweede fase in 2007 de exacte vakken in omvang sterk zullen worden gereduceerd. Een gevolg van beide reducties is dat voor de grote exacte vakken 50 tot 60 procent van de oorspronkelijke stof niet meer aan de orde komt op het centraal examen.

Van Hout wijst er op dat uit onderzoek is gebleken, dat leraren veel meer dan hun schooldirecties gehecht zijn aan behoud van een degelijk centraal examen. Zou dat misschien komen doordat schooldirecties vaak de neiging hebben zonder veel kritiek vernieuwingen te omhelzen? Zo hadden velen te laat in de gaten dat met de invoering van de tweedefasestructuur een organisatorisch monstrum in huis zou komen.