Euthanasiewetten en de Raad van Europa

In NRC Handelsblad van 28 april trof ik een kort bericht waarin onder meer staat: ,,De mensenrechtenorganisatie Raad van Europa heeft geen goed woord over voor de euthanasiewetten in Nederland en België.'' Het bericht zit er op drie punten naast:

1) Het bericht suggereert dat het gaat om een opvatting van de Raad van Europa als zodanig. Maar het gaat om een discussie in een onderdeel van de Raad: de Parlementaire Assemblee, die vooral een opiniërende functie heeft; de Assemblee is samengesteld uit leden van de nationale parlementen. Bindende besluiten in de Raad kunnen alleen worden genomen door het zogeheten Comité van Ministers, in de praktijk de diplomatieke vertegenwoordigers van de 46 lidstaten.

2) De Raad van Europa is meer dan een mensenrechtenorganisatie; ik doel daarbij met name ook op de bevordering van democratie en de inrichting en het functioneren van de rechtsstaat. Volgens het Statuut waarbij de organisatie in 1949 in het leven werd geroepen, houdt de Raad van Europa zich bezig met vrijwel alle aspecten van het menselijk bestaan, ter bevordering van grotere eenheid in Europa.

3) De Parlementaire Assemblee heeft gedebatteerd over een ontwerpresolutie inzake ,,Assistance to patients at end of life'' waarin in essentie onder verwijzing naar wetenschappelijke artikelen wordt opgeroepen tot discussie over het onderwerp.

Tegenstanders hebben een aantal amendementen voorgesteld waarbij euthanasie werd gekwalificeerd als strijdig met de fundamentele mensenrechten; een stelling die niet is terug te vinden in een eerdere verklaring van de Parlementaire Assemblee noch in de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

Het resultaat was dat zowel de voorstanders (een aanzienlijk aantal) als de tegenstanders van de oorspronkelijke resolutietekst tegenstemden: de voorstanders van de resolutie omdat de amendementen de oorspronkelijke richting van de resolutie ondermijnden en de tegenstanders omdat zij vonden dat de resolutie nog steeds te positief was.

De vermelding in het artikel dat ,,de Raad (lees de Parlementaire Assemblee) met overgrote meerderheid een rapport (lees: een resolutie)'' heeft verworpen, dient dan ook in deze context te worden gelezen. Voor een goed begrip: er is dus geen resolutie aangenomen, ook niet tegen het Nederlandse euthanasiebeleid.

Deze discussie laat wel zien dat over euthanasie nog zeer verschillend gedacht wordt en dat is ook begrijpelijk: de situatie in de verschillende lidstaten loopt te zeer uiteen, ook op het punt van de kwaliteit van de gezondheidszorg. Bij de tegenstanders speelt, naast algemeen ethische motieven, begrijpelijkerwijs ook de vrees een rol dat in andere landen, anders dan in Nederland, een gebrek aan palliatieve zorg dan wel domweg economische motieven tot euthanasie kunnen leiden. Laten we ook niet vergeten dat er in Nederland 25 jaar is gediscussieerd (en jurisprudentie is ontwikkeld), voordat het tot wetgeving kwam.