Soms is een D66-congres gewoon rustig...

Het eerste D66-congres na het aftreden van Thom de Graaf als minister van Bestuurlijke Vernieuwing. Een list van de partijtop voorkomt een motie over asielzoekers.

Het was eigenlijk een heel gewoon D66-congres, afgelopen zaterdag in Nijkerk. Geen spanning over het al dan niet voortzetten van regeringsdeelname, geen `gedoe' over een coup van de partijtop door een nieuwe D66-minister als een voldongen feit te presenteren. Nee, het ging weer eens gewoon over het milieu, over energie, over asielzoekers en over het functioneren van de interne partijdemocratie.

Op het ingelaste congres vorige maand in Den Haag behandelden de leden de nasleep van het opstappen van minister Thom de Graaf (Bestuurlijke Vernieuwing). Die moest het veld ruimen toen duidelijk werd dat de gekozen burgemeester deze kabinetsperiode niet kon worden ingevoerd. D66 kwam met CDA en VVD tot een aanpassing van het regeerakkoord (het zogenoemde paasakkoord), maar de leden moesten daar nog wel mee instemmen.

De schaduw van 2 april hing nog over het Nijkerkse-congres. Toen had het partijbestuur immers te elfder ure een motie ingediend die direct in stemming gebracht moest worden en die voor voortgang van kabinetsdeelname pleitte. Veel leden ervoeren dat als een coup, maar stemden uiteindelijk toch in, na interventies van partijprominenten als Van Mierlo en Terlouw. D66'er Noortje van Kleef diende daarom zaterdag in Nijkerk een motie in die bepaalt dat het landelijk bestuur moties die tijdens het congres ingediend worden eerst moet voorleggen aan de leden alvorens de motie inhoudelijk te gaan behandelen. Ondanks bezwaren van het bestuur werd de motie aangenomen.

Toen kon het congres echt beginnen. In de wandelgangen werd veel gesproken over het koers-pamflet (Op weg naar nieuwe solidariteit) dat fractievoorzitter Boris Dittrich vorige week presenteerde. Veel leden waarderen het dat Dittrich het lef toont een dergelijk pamflet op eigen titel tot discussiestof te maken. Anderen, vooral leden van de oude stempel, missen een analyse van de noodzaak tot bestuurlijke vernieuwing of vinden dat de term `solidariteit' teveel naar de PvdA ruikt.

Dittrich kreeg uit handen van `De Rebellenclub', een gelegenheidscombinatie van ,,overwegend verontruste lokale vertegenwoordigers'' een manifest uitgereikt met de titel `De Linker buitenboordmotor'. De boodschap daarin was helder: zorg dat D66 inhoud geeft aan echte nieuwe solidariteit. Dittrich nam het in ontvangst met de mededeling dat hij op meer rebellenclubs hoopt, zodat er discussie binnen de partij komt over de koers. Op het congres in november kan de partij dan kiezen waar D66 voor moet staan, aldus Dittrich.

Dat de door Dittrich bepleitte nieuwe solidariteit de leden erg aansprak, bleek wel uit de ingediende moties om de fractie op te roepen nog iets te doen aan de 26.000 uitgeprocedeerde asielzoekers die het land moeten verlaten, varierend van een beperkt tot een algemeen pardon voor alle in Nederland verblijvende asielzoekers.

Lange rijen leden riepen het congres aan de interruptiemicrofoons op ,,het hart te laten spreken in plaats van het verstand''. De fractie moest begrijpen dat het de leden echt hoog zat. ,,Een excuus aan de asielzoekers is op zijn minst op zijn plaats'', aldus een lid. En: ,,Als we dan niet voor een generaal pardon voor alle 26.000 stemmen, laten we dan op zijn minst de gematigder motie aannemen'', zei een lid. Dat standpunt oogstte veel bijval.

Kamerlid Ursie Lambrechts probeerde tot twee keer toe de leden te bewegen geen motie in te dienen. Zij stelde voor samen met de indieners van de moties een nieuwe tekst te schrijven die ,,het gevoel van het congres verwoordde en die de fractie niet voor voldongen feiten plaatste''.

Maar de partijtop bedacht wederom een list. Om te voorkomen dat vlak voor de speech van Dittrich een (eventuele) aangepaste motie zou worden aangenomen, werd het programma omgegooid en werd eerst de speech van Dittrich over de partijleden uitgestort. Dittrich: ,,Ik ben zelf zoon van een asielzoeker en ik weet uit ervaring hoe belangrijk het is om zorgvuldig met asielzoekers om te gaan. (...) Ik roep daarom hier minister Verdonk op om over al die zaken die nog bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst liggen, te beslissen voor 1 januari aanstaande.'' Applaus van de zaal. ,,En ik roep haar op om de onafhankelijke rechters in staat te stellen snelle beslissingen te nemen. Zorg ervoor dat binnen één jaar over alle zaken definitief uitspraak is gedaan.'' Wederom applaus. Na de speech van Dittrich verschenen de twee indieners van de asielmoties beurtelings op het grote podium. Zij trokken hun moties, ,,gezien het gezegde'' in.