Gerhard SchRÖder kiest de vlucht naar voren

De nederlaag van de SPD in Noordrijn-Westfalen maakt op landelijke niveau de levensvatbaarheid van de roodgroene coalitie onzeker.

Met een manoeuvre die het midden houdt tussen genialiteit en blufpoker heeft bondskanselier Gerhard SchRÖder (SPD) gisteren voor een kleine aardbeving gezorgd in de Duitse politiek. In het nauw gedreven door elf verkiezingsnederlagen achtereen, koos SchRÖder de vlucht naar voren: vervroegde nationale verkiezingen.

Gisteren moest zijn partij de tot nu toe bitterste pil slikken: in de grootste deelstaat, Noordrijn-Westfalen, verloor ze de verkiezingen en moet ze na bijna veertig jaar de macht afstaan aan christen-democraten en liberalen. De nederlaag stelt de levensvatbaarheid van een machtsconstellatie ter discussie die het land de afgelopen zeven jaar richting gaf: het progressieve roodgroene project, de samenwerking tussen arbeiderspartij SPD en milieupartij De Groenen.

Twintig jaar geleden vond de traditionele SPD in de jonge actiepartij een nieuwe coalitiepartner. Sindsdien regeerden in 8 deelstaten 15 roodgroene coalities. In 1998 kreeg Duitsland bovendien een roodgroene bondsregering, de opstandige generatie van 1968 greep de macht. Sinds gisteren wordt geen enkele regio meer door een progressieve coalitie bestuurd. De roodgroene regering in Berlijn heeft zichzelf gediskwalificeerd tot een zaakwaarnemer in afwachting van een nieuw mandaat.

Na decennia christen-democratie wilde roodgroen het land `moderniseren'. Zo kreeg Duitsland een nieuw staatsburgerschap en begon het land afscheid te nemen van kernenergie. Er kwam meer aandacht voor de rechten van minderheden en de maatschappelijke positie van vrouwen. Biologische landbouw kreeg een impuls, evenals kinderopvang. In de afgelopen jaren werden al die projecten echter overschaduwd door twee hardnekkige problemen. De werkloosheid stijgt en de verzorgingsstaat wordt mede onder druk van de enorme kosten van de Duitse hereniging steeds moeizamer te financieren. Roodgroen verloor steeds meer aan glans en elan. Sinds maart 2003 probeert Gerhard SchRÖder de in Duitsland in brede kring zeer geliefde verzorgingsstaat te hervormen. Zijn maatregelen, bekend onder de noemer `Agenda 2010', konden op de steun rekenen van ondernemers en economen, maar vielen slecht bij vakbonden en SPD-kiezers. Vooral de verlaging van werkloosheidsuitkeringen werd de SPD zwaar aangerekend. SchRÖder verkocht bittere medicijn, maar de patiënt werd niet zichtbaar beter. De economie kwakkelt, de werkloosheid schoot door de psychologisch belangrijke barrière van 5 miljoen werkzoekenden. In de eigen partij leidde de koers keer op keer tot harde confrontaties. Uiteindelijk droeg SchRÖder noodgedwongen het voorzitterschap van de SPD over aan Franz Müntefering, een sociaal-democraat van de klassieke school. Müntefering moest de partij bijeenhouden en SchRÖder verdedigen. De nederlaag van gisteren is aanleiding voor nieuwe twisten tussen de verschillende vleugels.

Binnen de SPD bestaat verschil van mening tussen de neoliberaal getinte rechtervleugel en de behoudende linkervleugel, die het afschaffen van verworvenheden uit sociaal oogpunt niet acceptabel acht. Hoe groot dat verschil is bleek begin deze maand. Terwijl SchRÖder zich in het buitenland inzet voor het Duitse bedrijfsleven, lanceert Müntefering thuis een debat over de uitwassen van het kapitalisme. Müntefering omschreef de beleggers als een sprinkhanenplaag.

De CDU profiteerde intussen van SchRÖders tegenwind, ook al ondersteunde ze zijn hervormingskoers. Nationaal stonden de christen-democraten weliswaar buitenspel, maar regionaal wonnen ze geleidelijk steeds meer invloed. Ze vergaarden zoveel macht dat ze de roodgroene regering via de deelstatenkamer, de Bondsraad, aanzienlijk tegenspel kon bieden. Die overmacht werd met de overwinning in Noordrijn-Westfalen nóg groter.

SchRÖder zag zich daarom geconfronteerd met een onaantrekkelijk scenario: onrust in de eigen partij gecombineerd met een zowel feitelijk als psychologisch gesterkte oppositie. De reguliere Bondsdagverkiezingen stonden op de agenda voor september 2006. SchRÖder moest dus vijftien maanden doormodderen. Van die nachtmerrie wilde hij zich gisteravond in één klap bevrijden. Bovendien zoog hij met een verklaring van twee minuten alle aandacht weg van de overwinning van de CDU.

Daar staat tegenover dat hij vanuit een moeilijke positie aan de start verschijnt. In Noordrijn-Westfalen behaalde de SPD gisteren 37 procent van de stemmen. In de landelijke peilingen komt ze slechts op 29 procent. Bovendien is net aangetoond dat de partij in de grootste deelstaat geen enkele uitstraling heeft, ondanks een kandidaat die zelfs in CDU kring als sympathiek te boek stond. De linkervleugel in de partij meldde zich vanochtend prompt met nieuwe eisen, zoals een versterking van het antikapitalistische profiel.

Kan de partij na de mokerslag van gisteren snel genoeg opkrabbelen? De tijd is krap. De verkiezingscampagne 2005 gaat vermoedelijk vier maanden duren, waarvan een maand verloren gaat omdat Duitsland tussentijds ook nog op vakantie wil.

In het Apollo-theater in Düsseldorf wisten SPD-partijbonzen gisteravond niet goed wat ze van SchRÖders manoeuvre moesten denken. Voor de smadelijke nederlaag was verwerkt, werden ze al opgeroepen voor het volgende gevecht. Hans Glasner, al 25 jaar actief lid: ,,Ik kan alleen maar Heinrich Böll citeren: So help us God.'' Stafmedewerker Stefan Mühlhofer ziet voordelen: ,,De partij krijgt nu niet de kans om wonden te likken en weg te zakken. Ze moet. Onder de druk van het nieuwe gevecht zal ze zich sneller bij elkaar rapen.'' Mühlhofer verwacht een korte maar harde strijd. ,,Voor langdurige geplande strategieën is nu helemaal geen ruimte. De tijdsdruk werkt polariserend.''

De christen-democraten staan, met dank aan SchRÖder, eveneens onder druk. CDU en CSU moeten nog een kanselierskandidaat aanwijzen en twisten onderling voortdurend over de politieke koers. Waarschijnlijk zal CDU-voorzitter Angela Merkel snel op het schild worden getild, maar ook de christen-democraten moeten dan nog een hele reeks inhoudelijke en personele problemen oplossen.

De Duitse kiezer reageerde opgetogen op een spoedige stembusgang, bleek uit een peiling. De alternatieven zijn helder: een pijnlijke maar behoedzame hervorming onder leiding van SchRÖder of een hardere, maar wellicht succesvollere sanering onder leiding van de eerste vrouwelijke bondskanselier.

hoofdartikelpagina 7