Een pilletje tegen de angst om te falen

In het hele land zijn vandaag scholieren aan hun eindexamens begonnen. Om de spanning te onderdrukken worden steeds vaker pillen geslikt. Vooral bètablokkers zijn populair. Studenten slikken ze geregeld bij tentamens.

Een hard bonkend hart en trillende handen, koud zweet en kramp in je buik, dat zijn de kenmerken van angst. Veel mensen die vandaag aan hun eindexamen zijn begonnen, hadden er last van. Het enige dat helpt, vaak maar een heel klein beetje, is: ontspannen. Rustig ademhalen. Even je ogen dicht. Schouders laten zakken. Spieren ontspannen. Je hoofd even soepel voorover laten vallen en het rustig heen en weer laten rollen. De spanning in je romp en benen weg laten vloeien en voelen hoe je even helemaal zwaar wordt. Een paar keer rustig ademhalen. Dan rustig je ogen openen en de examenopgaven met een nieuwe blik bekijken.

Nog beter was geweest: het studeren voor het examen realistisch plannen, op tijd naar bed gaan, de dag voor het examen níét koortsachtig door de boeken bladeren, niet 's morgens vroeg opstaan om de stof nog even door te nemen. Deskundigen beweren dat de letters die je in de uren voor het examen nog leest niet in je hersenen beklijven.

Ongeveer 1 op de 200 eindexamenkandidaten onderdrukt het trillen en bonzen in het lichaam met een bètablokker. Dat medicijn is met een recept van de dokter in de apotheek verkrijgbaar.

Bètablokkers worden massaal geslikt door mensen met hoge bloeddruk, maar ze zijn ook populair bij beroepsmusici die er hun bevende handen mee tot rust brengen.

Bètablokkers onderdrukken alleen lichamelijke verschijnselen, maar de pure examenangst in het hoofd blijft bestaan. Toch kan zo'n medicijn helpen, namelijk wanneer angstige mensen extra bang worden door dat bonzende hart en hun oncontroleerbaar trillende handen. Als het lichaam uiterlijk kalm is, helpt dat de geest soms ook.

Wie die angst in zijn hoofd kwijt wil, zou naar echte kalmerende middelen grijpen. Maar kalmerende middelen maken suf. Dat kan iemand die examen doet niet gebruiken, dus daar moeten eindexamenmensen niet aan beginnen. Dokters weten dat ook, want ze schrijven in mei niet meer benzodiazepinen voor. De benzodiazepinen zijn de bekendste kalmerende middelen.

Er zijn ook nog oude rustgevende middelen. De stofjes uit de wortel van de valeriaanplant zijn al eeuwenlang beroemd. Valeriaantinctuur, Valdispert en valeriaandragees zijn zonder recept te koop. Maar in het kritische Farmacotherapeutische Kompas staat dat de werking onvoldoende is aangetoond. Vergeleken met de gewone medicijnen is er naar homeopathische middelen niet veel wetenschappelijk onderzoek gedaan. Soms komt er een positief resultaat uit, maar het is dan altijd een klein effect.

De samenstellers van het in Nederland gezaghebbende Kompas vinden overigens dat lichte vormen van nervositeit en spanning – zoals de meeste examenangst – niet met pillen moeten worden bestreden. Punt is: een beetje spanning is helemaal niet verkeerd. Een mens gaat er beter van presteren. Er is niets tegen stress als je er maar goed mee omgaat.

[Vervolg EXAMENSTRESS: pagina 3]

EXAMENSTRESS

Meisjesstudenten slikken het meest

[vervolg van pagina 1]

Het slikken van bètablokkers door de eindexamenscholieren blijkt uit de overduidelijke piek in de bètablokkerrecepten die dokters in de maand mei voor 16- tot 18-jarigen uitschrijven. Het aantal recepten ligt nog onder de 1.000. Jaarlijks doen meer dan 150.000 scholieren een eindexamen, dus het aantal scholieren dat zich gebètablokt aan de eindexamenopgaven zet is beperkt.

De gegevens over de bètablokkerrecepten komen van de Stichting Farmaceutische Kengetallen die van bijna alle Nederlandse apotheken bijhoudt welke geneesmiddelen aan welke klanten worden meegegeven. Meiden slikken het meest: driekwart van de recepten is voor hen. Opvallend aan de bètablokkergrafiek is dat het gebruik onder 18- en 19-jarigen veel hoger ligt. Dat zijn de mensen in het eerste jaar van hun hbo- of universitaire opleiding. Zij hebben het hele jaar door tentamens. En het aantal recepten piekt dan ook niet in mei, maar het begint in de eerste tentamenperiode en houdt dan niet meer op. Na het vwo begint de stress pas echt, lijkt het wel.

Behalve de bètablokkers bestaat er geen bewezen werkzaam middel tegen examenangst. De valeriaanpillen zijn al zo oud dat er nooit op een goede manier wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de werking. Wetenschappelijk verantwoord onderzoek naar de werking van geneesmiddelen gebeurt pas een jaar of veertig. Medicijnen van voor die tijd worden voorgeschreven omdat artsen of patiënten de indruk hebben dat ze werken. Maar zeker is het dan niet. Pas als een medicijn in onderzoek is vergeleken met een nepmedicijn (placebo) dat er net zo uit ziet, maar niet de stof met de vermeende helende werking bevat, is bekend of een middel echt werkt. Mensen die beter worden van een pil waar geen actieve stoffen in zitten (de placebo) profiteren van het placebo-effect.

Wie op zoek is naar alternatieve therapieën wordt door vele internetsites bediend. Het LAKS (Landelijk Aktie Komitee Scholieren) geeft bijvoorbeeld nuchtere voorlichting op zijn website, maar is soms dubbelzinnig. Sommigen, schrijft LAKS, ,,hebben baat bij bijles of enige pepmiddelen''. Maar ,,bij dit laatste is voorzichtigheid geboden''.

Wat moet je met zo'n advies? Een halve peppil? Of het examen volgend jaar overdoen als je dit jaar mét peppil flipt?

Soms zit het LAKS er gewoon naast: ,,Kortom, examenvrees is misschien een ingebeelde ziekte, een psychisch verschijnsel.'' Waarmee het Aktie Komitee meteen alle psychische kwalen tot ingebeelde ziekten verklaart.

Sympathiek is het advies dat het LAKS over homeopathische geneesmiddelen geeft. Dat zijn middelen waarin medicinale stoffen zo sterk zijn verdund dat er vaak geen werkzame moleculen meer aanwezig kunnen zijn.

VSM en Vogel, de grote Nederlandse fabrikanten van homeopathische medicijnen en kruidengeneesmiddelen, verkopen allebei middelen tegen zwakke zenuwen en examenvrees. Over homeopathische middelen bestaat verwarring. Veel mensen noemen alle medicijnen op basis van planten en kruiden tegenwoordig homeopathisch. Alle producten van Vogel bijvoorbeeld, worden dan homeopathisch genoemd.

Maar een belangrijk principe van homeopathische medicijnen is dat er stoffen in zitten die de ziekteverschijnselen opwekken die het medicijn juist moet bestrijden. Die stoffen zijn dan vaak zo extreem verdund (soms wel vele miljarden keren) dat er chemisch gezien niets meer van de werkzame stof aanwezig kan zijn.

In veel van de producten van Vogel zitten echter volop actieve stoffen. Het Passifloracomplex van Vogel is daar een voorbeeld van. Er zit passiebloem in, maar ook weer valeriaan en citroenmelisse.

Concurrent VSM heeft zowel een kruidengeneesmiddel (Plantival, ook met passiebloem en valeriaan, maar ook met hop) als een homeopathisch geneesmiddel (Nervival). In dat homeopathische middel zit bijvoorbeeld een miljoen maal verdunde koffie. En inderdaad: van veel koffie krijg je trillende vingers. Van sterk verdunde koffie zou dat moeten overgaan.

Het LAKS adviseert om het homeopathische rustgevende medicijn niet in te nemen, maar het potje mee te nemen naar het examen. En alleen iets in te nemen als het echt nodig is. ,,Vaak blijkt dat je best zonder kunt.'' Dat is het placebo-effect in zijn ultieme vorm. Het flesje dat je meeneemt is dus meer een talisman. En een talisman kan iedereen wel gebruiken bij een examen.