Tien argumenten voor of tegen

De potpourri aan argumenten om voor of tegen te stemmen maakt het de kiezer niet gemakkelijk.

Daarbij verontrust het oneigenlijke gebruik. Michèle de Waard zet twee keer tien argumenten op een rij.

1 Meer democratie en transparantie

De 732 afgevaarden in het Europees Parlement krijgen meer bevoegdheden (op 42 terreinen). Het parlement wordt medewetgever en krijgt meer terreinen medebeslissingsrecht, zoals bij de begroting en justitie. Parlementariërs kunnen nu ook wetsvoorstellen op terreinen als landbouw en handel amenderen en verwerpen. Er wordt een stokje gestoken voor `achterkamertjespolitiek'. De besluitvormende (slot)vergadering van raden van ministers over wetgeving wordt openbaar.

2 Europa dichter bij burger

Burgers kunnen de Europese Commissie vragen een kwestie op de agenda te zetten, mits één miljoen handtekeningen (van de 450 miljoen EU-burgers) zijn verzameld. Dit is het `burgerinitiatief'. Ook kan een burger gemakkelijker naar het Europees Hof stappen. In de Grondwet zijn grondrechten opgenomen zoals het recht op leven, gelijke behandeling van man en vrouw, bescherming tegen onredelijk ontslag en bescherming van persoonsgegevens.

3 Sneller beslissen

De 25 regeringsleiders kunnen in meer gevallen met (royale) meerderheid beslissen omdat het veto wordt afgeschaft. De Europese Commissie (25) wordt kleiner. Het is de bedoeling dat vanaf 2014 een toerbeurtsysteem wordt ingevoerd, zodat ook Nederland regelmatig aan de beurt komt. Er wordt gedacht aan twee commissarisplaatsen per drie lidstaten. Om de efficiency te bevorderen, wordt afgestapt van het halfjaarlijkse voorzitterschap van de Europese Raad van Regeringsleiders. Een voorzitter wordt voor 2,5 jaar aangesteld. Herbenoeming is eenmaal mogelijk.

4 Meer greep op `Brussel'

Nationale parlementen krijgen meer greep op de Europese Commissie. Ze krijgen wetsvoorstellen van de Commissie meteen toegestuurd en kunnen binnen zes weken reageren. Als een kwestie beter nationaal kan worden geregeld, dan kunnen parlementariërs een `gele kaart' trekken en het voorstel terugsturen naar de Commissie. Als eenderde van de nationale parlementen meent dat een nationale oplossing de voorkeur verdient, moet de Commissie haar voorstel heroverwegen. Zet ze haar plannen toch door, dan kan een lidstaat naar het Hof van Justitie in Luxemburg.

5 Nationale identiteit gehandhaafd

Europa wordt geen superstaat. De Europese Grondwet vervangt ook niet de Nederlandse grondwet. In de Grondwet staat duidelijk waarmee de EU zich mag bemoeien en waarmee niet. Nationale staten houden zeggenschap over hun belastingen, sociale zekerheid en buitenlands beleid. Over samenwerking op strafrechtelijk gebied wordt bij meerderheid besloten. Maar landen kunnen aan de noodrem trekken zodra volgens hen `fundamentele aspecten' van het stelsel in het geding zijn. Cultuur, onderwijs, volksgezondheid en sport zijn geen competentie van de EU. In kwesties als softdrugs, euthanasie en abortus houdt Nederland het laatste woord.

6 Beheersing migratie

Asiel en migratie worden gemeenschappelijk beleid. Nu kan een asielzoeker gemakkelijk doorreizen naar een ander land met minder strenge regels. De Grondwet moet zorgen voor dezelfde regels overal in de EU. Er komt een Europees visum- en terugkeerbeleid. De meerderheidsbesluitvorming is al eerder vastgelegd, dus die komt er ook als de Grondwet wordt afgewezen.

7 Betere bestrijding misdaad

Bij internationale terreurbestrijding en georganiseerde criminaliteit wordt nauwere samenwerking mogelijk. Een oorzaak van de moeizame samenwerking bij terrorismebestrijding is de rigide unanimiteitsregel. Doordat het veto wordt losgelaten, zal zowel de grensoverschrijdende justitiële samenwerking in strafzaken, als de politionele samenwerking onder gewone wetgevingsprocedures vallen. De positie van Europol (politie) en Eurojust (openbaar ministeries) wordt versterkt. Ook komt er een Europees systeem ter controle van de buitengrenzen.

8 Socialer Europa

De rol van de sociale partners wordt op het niveau van de Unie erkend. De dialoog wordt bevorderd, maar uitdrukkelijk wordt rekening gehouden met verschillen tussen de nationale stelsels. In de Grondwet is het recht op informatie en raadpleging van werknemers in de onderneming vastgelegd, evenals het recht op collectieve onderhandelingen en collectieve actie. Coördinerende sociale maatregelen van de Unie hebben niet het doel de nationale stelsels te harmoniseren. Sociale zekerheid blijft een nationale zaak.

9 Sterkere economie, meer welvaart en banen

Het vrije verkeer van personen, diensten, goederen, kapitaal en de vrijheid van vestiging worden in de Grondwet gewaarborgd, zodat Europa economisch sterker wordt. Ondernemers lopen tegen minder regels aan, doordat de Grondwet duidelijk maakt wat de EU doet en wat lidstaten zelf doen. Nederland profiteert met zijn open economie volop van Europa; 80 procent van de Nederlandse export gaat naar andere EU-landen. In tien jaar interne markt (1992-2002) is de Nederlandse export verdubbeld. In de hele Unie zijn in dezelfde periode 2,5 miljoen banen geschapen en de welvaart is met 877 miljard euro gestegen.

10 Hand op knip Europese beurs

Landen houden een veto over hun financiële bijdrage aan de EU. Rijke landen betalen meer dan ze ontvangen en armere landen krijgen meer. Maar Nederland betaalt procentueel gesproken méér dan andere landen met een vergelijkbaar welvaartsniveau. De regering heeft derhalve in de Grondwet laten opnemen dat het pas zal instemmen met een Europees besluit over de meerjarenbegroting als er een `bevredigende oplossing' is gevonden voor zijn `buitensporige negatieve nettobetalingspositie'. De EU kan niet besluiten dat Den Haag plotseling meer moet betalen omdat over de meerjarenbegroting in unanimiteit moet worden besloten.