Het leven is niet minder romantisch geworden 1

Het blijft moeilijk voor een mens om te bevatten dat genen ons gedrag bepalen. Maarten Frankenhuis (Opinie & Debat, 14 mei) wrijft het ons provocerend onder de neus: liefde en romantiek is niet meer dan berekening met een vleugje chemie. Alle waardering voor een knuppel in het hoenderhok, maar daardoor zijn biologische functies niet minder wonderbaarlijk: uit eenvoudige bouwstenen is een robuust, complex en diep ingrijpend systeem gebouwd.

Nadat Frankenhuis verklaart hoe seksuele trucjes de vreemdste soorten hebben opgeleverd, lees ik met verbazing dat hij het einde van `de man' voorspelt! Waarom zou een soort een snelle, ijzersterke selectiemogelijkheid verliezen, die van grote betekenis is voor z'n overleving? Elke generatie wijfjes zoekt sterke en gezonde mannetjes; mannetjes die zich blijkbaar goed aanpassen aan het milieu. Seksuele voortplanting (genenuitwisseling) is meerdere keren `uitgevonden' en komt voor in totaal verschillende organismen als een bacterie, een schimmel of een vlieg. Je hoeft ook maar even om je heen te kijken om te begrijpen dat de mensen juist actief op kenmerken van seksuele voortplanting selecteren.

Hoewel we meer weten over de biologische basis van de voorkeur van vrouwtjes, maakt dit het leven niet minder romantisch. Moeilijke beslissingen worden meestal niet rationeel genomen, hooguit achteraf beredeneerd. Beide seksen worden gedirigeerd door hormonen, ze sloven zich uit en bedotten elkaar. Ondanks genen en berekeningen is er gelukkig volop gelegenheid tot verwarring, huiveren, zwijmelen en kans om de verkeerde keus te maken.