Reken niet op Frankfurt

Het gaat niet goed met de euro-economie, maar kunnen ze dat bij de Europese Centrale Bank niet verhelpen? De geldmarktrente die Frankfurt nu voorschrijft staat op 2 procent. Dat is al niet veel, maar de roep om een verdere verlaging klinkt harder, onder meer in Italië en Duitsland, naarmate de economische statistieken verder teleurstellen.

De toestand op de rentemarkten heeft inderdaad veel trekken van een crisis. Op de markt voor staatsobligaties braken Europese tienjaars-obligaties gisteren hun zoveelste record. De Duitse tienjaarsrente is nu nog maar 3,27 procent. De Nederlandse tienjaarsrente valt op dit moment wat moeilijk in te schatten omdat er al een jaar geen nieuwe tienjaarslening is, maar hij zal ergens rond de 3,36 procent staan. De inflatie in de eurzone bedraagt nu 2,1 procent terwijl de kerninflatie, dus zonder wispelturige energie- en voedselprijzen, nog maar 1,4 procent is. Al met al zijn dat signalen dat de euro-economie op een bijzonder laag pitje draait. De conclusie ligt dan ook voor de hand dat de centrale bankiers het zich kunnen permitteren de geldmarktrente te verlagen. Maar willen ze dat ook?

Allereerst is het moeilijk uit te maken waarom de rente op de obligatiemarkt zo laag is. Voor een deel ligt dat aan lage inflatieverwachtingen, en dat is een teken dat er ook van de rente op de geldmarkt wellicht wat af kan. Maar de rentes op staatsobligaties zijn ook laag omdat er al enige maanden een vlucht naar kwaliteit aan de gang is, die recent is verhevigd. Er is angst voor de kwaliteit van bedrijfsobligaties, zeker nadat de Amerikaanse auto-industrie (General Motors en Ford) hun schulden richting junk-status hebben zien vertrekken. Bovendien bestaat er nervositeit over de snel groeiende markt voor kredietderivaten, contracten waarmee het risico van wanbetaling op leningen los van die leningen zelf wordt verhandeld. Het resultaat van al die zenuwen is een draai van beleggers in de richting van veilige staatsobligaties. Dat drijft de prijzen van die obligaties op, en hun effectieve rente dus omlaag.

Tel daarbij op dat de geldhoeveelheid in de eurozone nog steeds te snel toeneemt en dat de overheidsbegrotingen in de eurozone verder uit de hand dreigen te lopen. Het stabiliteitspact, dat die begrotingen in de hand had moeten houden, is twee maanden geleden in feite opgeschort.

De centrale bankiers van de ECB zien het met lede ogen aan. Het laatste dat zij zullen willen is het belonen van in hun ogen slecht overheidsgedrag met een verlaging van de rente. Tenzij de tekenen van verslechtering van de euro-economie zich blijven opstapelen, is er dan ook van Frankfurt weinig heil te verwachten.