Brief uit Brussel voor Banca d'Italia

De Europees commissaris voor Interne Markt C. McCreevy heeft vandaag in een brief aan de Italiaanse centrale bank opnieuw om opheldering gevraagd over de overnamestrijd rond Antonveneta. De Europese Commissie heeft eerder brieven gestuurd richting Italië over de kwestie, omdat het ernaar uitzag dat de Italiaanse bank Lodi coulanter werd behandeld bij de overnamestrijd dan ABN Amro. De Italiaanse regering heeft twee weken de tijd om te reageren opde jongste brief.

McCreevy wil weten of Banca Popolare di Lodi, de Italiaanse concurrent van ABN Amro in het overnamegevecht, wel heeft voldaan aan de Europese verplichting om een verhoging van zijn aandelenbelang in Antonveneta officieel aan te kondigen. Bovendien wil Brussel weten of Lodi ondanks de aankoop van de aandelen nog altijd voldoet aan de Europese kapitaaleisen.

Een woordvoerder van McCreevy benadrukt dat Italië noch de Italiaanse centrale bank momenteel ergens van beschuldigd wordt. Het zou louter gaan om een verzoek tot informatie.ABN Amro bracht eind maart een bod uit op Antonveneta wat de bank ter waarde van 7,2 miljard euro. De Nederlandse bank heeft lang moeten wachten op toestemming van onder meer de Italiaanse beursautoriteit Consob en de centrale bank om het aandelenbelang in Antonveneta uit te breiden. Inmiddels heeft ABN Amro een belang in handen van 20,7 procent. Concurrent Lodi, die veel eerder toestemming kreeg aandelen bij te kopen, heeft al 29,5 procent van de aandelen in bezit.

Het bod van ABN Amro van 25 euro per aandeel loopt tot 22 juni en zal worden doorgezet als de bank meer dan 50 procent van de aandelen Antonveneta van andere aandeelhouders krijgt aangeboden. Woensdag deed ook Lodi een bod in contanten, ter waarde van 24,47 euro per aandeel. Eerder had Lodi met een verwarrend bod geschermd dat vooral uit aandelen en obligaties bestond. Er heerst grote twijfel of Lodi het bod kan financieren. De Italiaanse beurstoezichthouder Consob oordeelde eerder dat Lodi ontoelaatbare samenwerking had gezocht met andere aandeelhouders, waardoor het bijna 40 procent van Antonveneta zou controleren.