Vrees komt uit: campagne gaat niet over Grondwet

Het kabinet zou opgewekt en positief campagne voeren voor de Europese Grondwet.

Maar dat lukt nog niet.

De minister van Economische Zaken steekt zijn afkeer van het komende referendum over de Europese Grondwet niet onder stoelen of banken. ,,We houden nu een referendum over een zaak waar de bevolking niets over weet'', aldus Laurens Jan Brinkhorst in het vandaag verschenen blad Forum. Europa, meent de minister, gaat de burger vérgaand boven de pet. Het ware beter, zegt hij, referenda te houden over ,,zaken die mensen beter kunnen overzien, die over een nationaal, een Zuid-Hollands of een Amsterdams thema gaan''.

,,Minachting voor de kiezer'', vindt Kamerlid Frans Timmermans (PvdA) de uitlatingen van Brinkhorst. ,,Hij zegt eigenlijk dat de burgers te dom zijn om over de Europese Grondwet te oordelen!''

Het is maar een kleine aanvaring, tussen twee geheide voorstanders van het `ja' op 1 juni. Maar het laat zien hoe, minder dan twee weken voor de volksraadpleging, met name het kabinet nog in onzekerheid verkeert hoe de campagne voor het `ja' eigenlijk moet worden aangepakt. Nauwelijks is in de ministerraad afgesproken dat de leden van het kabinet er positief en opgewekt tegenaan zullen gaan bij dit referendum waarom zij niet hebben gevraagd, of de minister van Economische Zaken breekt de rijen.

En dit alles tegen een – volgens de peilingen – nog steeds groeiende nee-stemming in het electoraat. Die wordt, blijkt uit een vandaag door de bij de Geassocieerde Persdiensten (GPD) aangesloten kranten gepubliceerde peiling, in hoge mate gevoed door wantrouwen tegen de overheidsvoorlichting over de Grondwet. Maar liefst 53,2 procent vindt dat het kabinet geen betrouwbare inlichtingen geeft over de voors en tegens, slechts 19,2 procent meent dat dit wel het geval is.

Lichtend voorbeeld van de binnen het kabinet afgesproken benadering is het optreden van staatssecretaris Atzo Nicolaï (Europese Zaken). Ook hij stond in het verleden niet als een enthousiast voorstander van referenda te boek, maar betoonde zich eerder deze week tijdens een forum in Rotterdam een en al enthousiasme over zijn campagne-ervaringen: ,,Het is heel erg goed dat er nu eindelijk debat is over Europa, dat hebben we jaren gemist.''

Nicolaï toont zich in debatten in zaaltjes in den lande ook niet schuw bij het behandelen van bezwaren tegen Europa, die op 1 juni formeel niet ter discussie staan, zoals de eventuele toetreding van Turkije tot de Europese Unie, of zorgen over de toekomst van de sociale uitkeringen na de toetreding van grote aantallen armere landen in Oost-Europa. Hij gaat er gewoon op in, ook al gaat het op 1 juni dan eigenlijk aleen maar over de tekst van de Grondwet.

Dat het op 1 juni in de belevingswereld van de stemmende burger niet gaat waarover het zou horen te gaan – dat is van meet af aan de grote zorg geweest van veel leden van het kabinet. Ook Brinkhorst maakt zich in Forum weer tot tolk van deze bange voorgevoelens: ,,De discussie gaat steeds over de verkeerde dingen. Mensen weten niet wat er in staat. Dat is mijn grote zorg: dat het uiteindelijk om buikgevoelens gaat.''

Aanvankelijk leken deze zorgen, vanuit het standpunt van de regering, nog redelijk te overzien. Bezwaren als `zal in Europa Koninginnedag worden afgeschaft?' of `betekent Europa het einde van ons Nederlandse coffeeshopbeleid?' konden door de voorstanders van de Grondwet glimlachend worden afgedaan als `broodjes aap'. Maar toen viel de klap, uit onverwachte hoek: directeur van De Nederlandsche Bank Henk Brouwer.

[Vervolg CAMPAGNE: pagina 2]

CAMPAGNE

Euro achilleshiel in 'ja'-campagne

[vervolg van pagina 1]

Brouwer opperde onlangs de stelling dat de door veel burgers sowieso al geconstateerde, maar van overheidswege krachtig ontkende welvaartsvermindering na de invoering van de euro op 1 januari 2000 het gevolg was van het beleid van minister Zalm (Financiën): die zou de gulden te goedkoop hebben ingewisseld tegen de euro. Dat is tegen het zere been van Zalm, nu opnieuw minister van Financiën en vice-premier, die door een krachtige bestrijding van Brouwers bewering in hoge mate bijdraagt aan de algemene bekendheid van deze achilleshiel van de `ja'-campagne.

,,We hebben nu wel net voor anderhalf miljoen kleurige folders voor het `ja' laten drukken'', verzucht een Haagse functionaris, ,,maar zo'n Brouwer blijkt voor het `nee' in zijn eentje meer waard.'' Dat belooft weinig goeds voor de `ja'-campagne van het kabinet, waarvoor eind vorige week – op de valreep – 3,5 miljoen euro werd uitgetrokken, onder andere voor meer radiospotjes. Het electoraat lijkt al lang in de ban van de Europese onderwerpen waarvan het kabinet vindt dat ze niet ter zake horen te zijn. Volgens de GPD-enquête van vandaag wil meer dan de helft van degenen die zeggen `nee' te zullen stemmen daarmee protesteren tegen de gang van zaken bij de invoering van de euro en/of de toetreding van Turkije. Voor 26 procent blijkt een `nee'-stem een aantrekkelijke manier om onvrede met het kabinet-Balkenende te uiten.

Er is een `coup de théâtre' nodig om de tendens te keren, maar waar die dramatische ingreep vandaan moet komen is nog onduidelijk. Alle ogen gaan naar de premier, maar die maakt voorshands weinig aanstalten. Zeker is dat het kabinet niet zijn politieke lot gaat verbinden aan de uitslag van een referendum waar het niet zelf om heeft gevraagd – en hetzelfde geldt trouwens voor staatssecretaris van Europese Zaken Nicolaï. Liever laat men kopstukken uit het verleden de argumenten voor het `ja' vertolken: ex-premier Wim Kok is al volop actief in de media en naar verluidt zal ex-VVD-leider Frits Bolkestein ook nog ruim aan bod komen.

OPHEF over EURO pagina 2