Goed voor kind of samenleving

Onderwijswethouders moeten een sterke rol krijgen om segregatie tegen te gaan, zegt de Onderwijsraad. Maar in wiens belang is spreiding?

Hoe vertel je een ouder dat? ,,Het is in uw voordeel dat uw kind naar een andere school gaat, in een andere wijk.'' De hoogleraren A. van Wieringen en B. Vermeulen, respectievelijk voorzitter en lid van de Onderwijsraad, laten een stilte vallen. Vermeulen: ,,Niettemin weet ik het als ambtenaar beter, maar het lijkt mij buitengewoon moeilijk te verkopen.''

Vijf maanden heeft de Onderwijsraad erover gedaan om tot een advies te komen. Zijn leden raadpleegden onderwijskundigen, schoolleiders, juristen en koepelorganisaties. Ook ondervroeg de raad schriftelijk beleidsmakers in de Verenigde Staten en België.

Voordat hij tot zijn advies kwam, stuitte de raad op dilemma's. Opvattingen over wat goed is voor andermans kinderen tegenover opvattingen wat goed is voor eigen kinderen. En de autonomie van schoolbesturen tegenover de positie van gemeenten.

Een wachtlijst of spreiding op basis van nationale afkomst of etniciteit is volgens de raad juridisch onhoudbaar. Nederland is gebonden aan internationale regels die dat verbieden. Paradoxaal is dat deze regelgeving overheden tegelijkertijd de opdracht geeft discriminatie en segregatie in het onderwijs tegen te gaan.

Het onafhankelijke adviescollege ziet daarom, in tegenstelling tot de Commissie Gelijke Behandeling, wel ruimte om – dwingende – maatregelen tegen segregatie te nemen, zolang deze niet gebaseerd zijn op etniciteit of nationaliteit. Onder die voorwaarde is het volgens de raad mogelijk een wachtlijst te hanteren op basis van (taal)achterstanden.

In wiens belang de spreiding is valt moeilijk te beantwoorden. Geen enkel onderzoek toont aan dat mono-etnische scholen slecht zijn voor de ontwikkeling of leerprestaties van een kind. De raad vindt, los daarvan, dat onderlinge contacten tussen de verschillende bevolkingsgroepen nodig zijn in de samenleving.

De raad juicht het daarom toe dat gemeenten en ouders op zoek gaan naar mogelijkheden om verdere segregatie tegen te gaan. Van Wieringen, hoogleraar onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam: ,,Je kan denken aan een centrale aanmelding in een gemeente of op een school. Onze boodschap is dat er niet één oplossing is voor alle situaties.'' De voorzitter doelt op de tragiek van goede bedoelingen die zich heeft voorgedaan in de Verenigde Staten. Grootscheepse spreidingsmaatregelen met verplichte bussing (het per bus brengen van woonadres naar school) hebben de witte vlucht uit de grote steden versterkt en daarmee de segregatie juist vergroot.

De oplossing om de tweedeling tegen te gaan ligt bij het lokale bestuur, vindt de raad. En bij de actieve medewerking van groepen ouders.

Vermeulen, hoogleraar staats- en bestuurskunde aan de Vrije Universiteit: ,,Spreiding kun je niet landelijk sturen, want de consequenties zijn lokaal, ook de negatieve consequenties.'' Van Wieringen: ,,Wat goed is voor Rotterdam, kan bijvoorbeeld slecht uitpakken voor Driebergen.'' De eerste stap is dat gemeenten en scholen tot het gezamelijke inzicht komen dát er een probleem is. Daarna kunnen afspraken over spreiding en integratie worden gemaakt.

De politiek moet zich bezinnen op deze dilemma's, stelt de raad, want er is grote onzekerheid bij gemeenten en schoolbesturen. Hoeveel ruimte hebben en krijgen zij van de centrale overheid? De Onderwijsraad wil dat er wettelijke ruimte komt om lokaal maatwerk mogelijk te maken. De wetgever kan stellen dat sociale integratie een algemene ,,deugdelijkheidseis'' is voor alle scholen, en dat spreiding op basis van (taal)achterstand daarbij een instrument kan zijn. Ook kan de minister lokale initiatieven financieel stimuleren.

Vermeulen: ,,De vraag is of de minister kan blijven volstaan met het zinnetje `niet vrijblijvende afspraken' in de wet, waar gemeenten zich nu op baseren om met schoolbesturen om de tafel te gaan. Dat betekent dat schoolbesturen aan het gesprek deelnemen op basis van een `overlegverplichting' en niet op een `resultaatverplichting'. Als de partijen er niet uitkomen, heeft de wethouder soms meer bevoegdheden nodig. Daarmee voorkom je dat de gemeenten en scholen een half jaar praten en er nog geen resultaat is.''

De wet moet de regierol van de gemeenteraad weer mogelijk maken. Dat advies gaat in tegen de lijn die de minister voorstaat. Per 1 augustus vervalt die regierol van gemeenten en krijgen scholen, zonder tussenkomst van derden, middelen van het rijk om onderwijsachterstanden tegen te gaan. Vermeulen: ,,Het kabinet geeft scholen meer vrijheid, maar als scholen er niet uitkomen, moet de raad de knoop komen doorhakken.''