Aardbeien dessert

Er zijn nu volop aardbeien. Hier een recept waarin het fruit in drie gedaanten verschijnt: vers, gemarineerd en warm onder een kruimelig dakje en vergezeld van ijs.

Bewaar tien aardbeien en verdeel de rest in twee gelijke delen. Het eerste deel dient voor het marineren: maak die aardbeien schoon, snijd ze in vieren en doe ze in een kom. Schep er een lepel citroensap en 3 eetlepels likeur door. Minstens een half uur laten intrekken. Maak nu de tweede helft van de aardbeien schoon. Halveer ze en snijd grotere in kwarten. Vet vier ovenvaste souffléschaaltjes licht met de olie in. Schep het tweede deel van de aardbeien om met een lepel suiker en een lepel citroensap. Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius. Voor de crumble: smelt de boter en laat die wat afkoelen. Roer de bloem en de suiker door elkaar. Voeg al roerend met een vork de boter toe. Maak met de toppen van uw vingers kruimels van het deeg. Verdeel het tweede deel van de aardbeien over de schaaltjes en strooi er een laag deegkruimels over. Een overschot aan kruimels kan voor een volgende keer bewaard worden. Zet de schaaltjes in de oven en laat het deeg in ongeveer 25 minuten gaar worden. De aardbeien zijn dan heet. Klop intussen de slagroom met de laatste lepel suiker bijna stijf en klop er ook een lepel likeur door. Neem een ronde (koek)uitsteker of een rond vormpje van 6 tot 7 centimeter en plaats die op een bord. Snijd vier muntblaadjes fijn en schep die snippers door de gemarineerde aardbeien. Schep steeds een laag gemarineerde aardbeien in de vorm en vervolgens een laag slagroom. Neem de vorm weg om er ook op drie andere borden zo'n taartje mee te maken. Schep een bol ijs naast de taartjes en gebruik de bewaarde aardbeien (gehalveerd) als garnering rondom. Completeer de compositie door op elk bord een schaaltje met crumble te zetten. Garneer het gerecht met munt. Direct serveren.

Morgen: roergebakken rijst.