Te weinig transparantie bij referendum

In het grondwetsverdrag staat dat de EU-begroting in evenwicht moet zijn. Dat is ambigu. Beter was het de EU te verbieden schulden aan te gaan. Niet voor zichzelf, noch voor de door de EU beheerde fondsen en instellingen.

De gestage, forse, stijging van de afdrachten aan Brussel roept de vraag op die te limiteren. Dit is niet voorzien in het grondwetsverdrag. Evenmin is voorzien in de situatie die zich thans voordoet dat onduidelijk is wat met de afgedragen gelden is gedaan. Nieuwe afdrachten zouden moeten wachten tot `transparantie' over de vorige is verkregen. Vertrouwen is goed, maar controle is beter. Dit grondwetsverdrag lijkt een grote blanco cheque, die heel duur zal worden en de Unie zal opblazen óf via het kapotte Stabiliteitspact, óf via een golf van fraude en corruptieschandalen, die de Brusselse doofpot laat barsten.

Een lichtpuntje, dat snel zal doven, schuilt in de clausule dat het meerjarig financieel kader wordt vastgesteld bij Europese wet, waarover de Raad met eenparigheid moet beslissen. Die eenparigheid zal vervallen zodra de te hoge Nederlandse contributie is `opgelost'. Zo heeft Nederland nog even een vetorecht. De situatie in Brussel is aan het ontsporen, al ontkennen onze bewindslieden dat. Door dit verdrag klakkeloos aan te nemen, wordt de negatieve spiraal versterkt. Het verdrag afwijzen komt neer op het weggooien van het kind met het badwater.

Resteert het verdrag aan te houden tot financiële transparantie is bereikt en de meerjarenbegroting te bevriezen tot een betere beheersstructuur is gevonden. De Tweede Kamer zou intussen wellicht mevrouw Andreasen en de heer Muis en de vele, vele anderen die Brussel de rug toegekeerd hebben een `exit-interview' kunnen afnemen. De belanghebbende en belangstellende burger, die zich niet door Brussel de kaas van het brood wil laten eten, kan dit signaal stemming aanhouden tot transparantie is verkregen aan ons parlement afgeven door bij het referendum tegen te stemmen.