Kunstenfestival met ontroerend theater

Een oude Brusselse Markthal biedt plaats aan een wajangpresentatie en fototentoonsteling over de Thaise hoofdstad die Bangkok, Bangkok heet. Op een andere locatie, in kleine studio's bij het Kaaitheater, bewegen de toeschouwers zich door vijf zalen waar Kris Verdonck, die architectuur, beeldende kunst en drama studeerde, zeer hermetische en complexe kunstuitingen brengt. En weer elders, in een buitenwijk, bevindt zich onverwacht een theater waar de regisseur en tekstschrijver Eric De Volder het melancholiek-grimmige sprookje Armarium mortis laat zien.

In Brussel beslaat het Kunstenfestival Des Arts de hele stad; van de `buik', de Markten dus, tot in zalen ver buiten de boulevards. Het festival telt zo'n veertig uitvoeringen, met onder meer ook de volledige Proust-cyclus door het Ro Theater. Dansgezelschap Rosas van Anne Teresa De Keersmaecker brengt A Love Supreme, op de muziek van jazzsaxofonist John Coltrane. Bovendien biedt het festival film, opera en beeldende kunst.

Installaties en performances nemen een betrekkelijk groot aandeel in beslag, maar wat is het toch dat installaties zo nodeloos maakt? Bij `Box' uit de installatie die kortweg II heet van Kris Verdonck worden toeschouwers opgesloten in een claustrofobische ruimte; ze krijgen een donkere zonnebril op en moeten tegen oogverblindend neonlicht inkijken. Uit de luidsprekers klinkt in het Duits een acteur die Verkommenes Ufer en Landschaft mit Argonauten van Heiner Müller zegt. Volgens Verdonck maakt dit licht nu blind dat anders ons de weg zal wijzen. Volgens mij is dat onzin. De helse lichtbron ontneemt de toeschouwer juist de aandacht voor de tekst, want irriteert en heeft geen inhoudelijke betekenis. Installaties zijn vaak omgeven met een waas van heiligeid, maar zelden met emoties. Bangkok, Bangkok toont foto's van een metropool op drift. Je raakt door de technische complexiteit onthutst maar niet betrokken. Dat komt door de keuze van het materiaal, waaruit geen dwingende noodzaak blijkt.

Bij de voorstelling Amarium mortis van Eric De Volder blijkt opeens hoe indrukwekkend en zuiver theater kan zijn dat `eerlijk' is. Leden van De Volders gezelschap Ceremonia spelen op een wit vlak allerhande sprookjes na, maar langzaam raken de verschillende verhalen verwisseld. Op klanken van cello en accordeon vertelt een in het wit geklede actrice, geschminkt als een filmpersonage uit La Strada van Fellini, haar verhaal over geluk en ongeluk. De woorden `Er was eens...' zijn voldoende om een groot noodlot af te roepen over de mens die haakt naar het geluk. De Volder maakte eerder onvergetelijke voorstellingen als Diep in het Bos en Zwarte vogels in de bomen. Wat hij heeft te zeggen is authentiek. Als de sprookjes-actrice doodgaat, dan wordt het heel stil in de zaal. Terecht. Dit poëtische theater ontroert met zoiets eenvoudig als de menselijke stem die een onopgesmukt verhaal vertelt over het verlies van dromen en sprookjes. Prachtig. Het is een van de bijzonderheden van het Brusselse Kunstenfestival dat naast al het technische, emotieloze vernuft een gezelschap als van Eric De Volder toneel met tekst, fantasie en warmte maakt. Het zogenaamd ouderwetse blijkt rotsvast en onverwoesbaar te zijn.

Voorstellingen: Kunstenfestival des Arts in Brussel. Te zien t/m 28/5. Inl. 0032-70-222199 of www.kunstenfestivaldesarts.be