Arabische homo's hebben dubbelleven (Gerectificeerd)

Vroeger waren er complimenten, maar nu wordt er gescholden of geslagen. Homo's hebben het lastiger in Amsterdam. Dat geldt ook voor de bezoekers van de Arabische homobar Habibi Ana.

Hassan (26) en zijn vriend Elias (22) drukken op de ritmes van Egyptische muziek hun kruisen tegen elkaar. Op dezelfde dansvloer bewegen enkele Marokkaanse meiden van nog geen twintig slangachtig met hun slanke lichamen. De billen zweven in de lucht. De jongens kijken elkaar verliefd in de ogen, de flirterige meiden gillen van plezier.

De erotiek hangt voelbaar boven de dansvloer van de Arabische homobar Habibi Ana in de buurt van het Leidseplein in Amsterdam. Sinds de oprichting in 2001 fungeert Habibi Ana, Arabisch voor `Mijn Lieve Schat', als de verzamelplaats voor Arabische homo's, lesbiennes en transseksuelen. ,,Je bent hier onder je eigen mensen'', zegt Hassan even later aan een tafeltje, waar hij de hand van zijn vriend vasthoudt en slurpt aan de slang van een waterpijp. De student maatschappelijk werk luistert hier naar Arabische muziek, flirten doet hij ook in zijn eigen taal.

Habibi Ana is het eerste en enige Arabische homocafé ter wereld, zegt eigenaar Atef Salib (44) trots. De bar vervult volgens hem een belangrijke rol in de emancipatie van Arabische homo's, meent eigenaar Salib. Hij gelooft dat jongens en meisje door zijn café hun seksuele geaardheid eerder accepteren. ,,Hier zien ze: hé, ik ben niet de enige Arabische of islamitische homo.''

Op een steenworp afstand van de bar werd onlangs de Amerikaanse homoactivist Chris Crain gemolesteerd door zes à zeven Marokkanen. De antihomosfeer baart Salib steeds meer zorgen. Kreeg hij vier jaar geleden nog alleen maar complimenten voor zijn bar, tegenwoordig roepen ook Nederlandse passanten `homo's!' naar hem en zijn bezoekers. ,,Maar het zijn bijna allemaal Marokkaanse jongens die agressief worden.''

Zo vaak als de vormen van agressie jegens homo's worden besproken, zo weinig is dergelijk gedrag onderzocht of bestudeerd. Zo is niet te achterhalen hoe vaak homo's worden gediscrimineerd. De Amsterdamse burgemeester J. Cohen schat dat jaarlijks tussen de tien en twintig homo's in zijn stad slachtoffer worden van geweld.

Een van de schaarse onderzoeken naar de omvang en achtergrond van geweld tegen homo's of lesbiennes werd eind 1998 uitgevoerd in Eindhoven. Daaruit bleek dat drie van de tien respondenten ,,een of meerdere malen slachtoffer werden van geweld op grond van hun (vermeende) seksuele geaardheid'', 15 procent werd systematisch gepest en uitgescholden, 7 procent werd slachtoffer van vernieling en 4 procent van geweld, mishandeling of bedreiging. Antihomogeweld was in Eindhoven niet toegenomen, zo bleek uit een vergelijking met een onderzoek van tien jaar eerder.

De daders zijn overwegend mannen. Als er geweld wordt gebruikt, zijn er vaak meerdere daders, overwegend jongeren, bij betrokken. In de helft van de gevallen kenden daders en slachtoffers elkaar. Over de etnische afkomst van de daders melden de Eindhovense onderzoeken niets.

Hoewel niet ondersteund door statistieken en harde cijfers, vinden veel geïnterviewden dat het geweld jegens homo's en lesbiennes toeneemt. Zo meent Martin Verbeet, voorzitter van de Amsterdamse stadsdeel Oost/Watergraafsmeer, dat er ,,absoluut'' een toename is. Dat baseert hij op een bijeenkomst die zijn stadsdeelkantoor in maart mede organiseerde. Van de tweehonderd aangeschrevenen kwam een kwart opdagen. ,,Men voelt zich in groten getale betrokken bij dit onderwerp.'' Volgens Verbeet trekken homo's weg uit de Amsterdamse stadsdelen vanwege toenemend geweld.

In het stadsdeel van Verbeet moesten in het recente verleden drie homoseksuelen noodgedwongen verhuizen omdat ze onophoudelijk werden bedreigd. Hij wijt het aan de polarisatie in de samenleving. ,,Onder het mom van `ik mag toch zeggen wat ik wil' denken mensen dat ze van alles mogen roepen. Dat leidt soms tot handgemeen.'' Ook autochtone Amsterdammers keren zich soms tegen hun homoburen.

Velen wijzen vooral in de richting van Marokkaanse jongens en mannen als plegers van antihomogeweld. De een meent dat ze worden opgehitst door haatdragende imams, de ander zegt dat ze hun eigen discriminatie projecteren op de homo's. Richtte de aandacht van Marokkaanse belagers zich eerst op moho's, moslimhomo's, tegenwoordig bespugen en bedreigen ze steeds vaker ook autochtone gays, vertelt stadsdeelvoorzitter Verbeet. Islamitische jongeren die op latere leeftijd naar Nederland zijn gekomen bezondigen zich zelden aan geweld jegens homo's, ervaart Marie-Jo Hermans, coördinator op een `zwarte' vmbo-school in Amsterdam-West. ,,Die jongens hebben een andere instelling. Ze willen een betere toekomst opbouwen. Anders dan de jongens die hier geboren en getogen zijn, hebben ze geen aversie jegens Nederland en Nederlanders.''

Ahmed Marcouch van de Marokkaanse moskeekoepel UMMON omschrijft plegers van antihomogeweld als asocialen die zich ook ,,vervelend'' gedragen tegenover bijvoorbeeld vrouwen. Hij meent dat moskeebezoekende jongeren zich niet schuldig maken aan zulke agressie. Zij zouden weten dat het gebruik van geweld niet mag, ook al zijn homo's volgens hen zondaars.

De klok moet nog elf uur 's avonds slaan als de uitbundige jonge lesbiennes Habibi Ana verlaten. ,,Ze moeten vroeg thuis zijn van hun ouders'', weet eigenaar Salib. De meiden hebben het driedubbel zwaar, zegt hij. Thuis is de sfeer vaak conservatief en tradioneel. Als ze uitgaan, moeten ze dat vaak geheim houden voor hun ouders. Hun homoseksualiteit komt bovenop hun dubbelleven. ,,Erg moeilijk.''

Hassan heeft zijn ouders ingelicht over zijn geaardheid. Sindsdien zwijgen ze er in alle talen over. Ze willen het gewoon niet weten, zegt Hassan. ,,Ze weten niets af van homoseksualiteit. Ze denken meteen aan anale seks bij homo's. Ze hebben geen oog voor de verliefdheid, de gevoelens die ook spelen.''

Zijn vriend Elias moet nog uit de kast komen. Zelf heeft hij nog niet zo lang geleden ,,zichzelf geaccepteerd''. ,,Ik heb heel lang gedacht: misschien gaat het vanzelf over.'' Hoewel Elias een Arabische christen is, en geen moslim zoals Hassan, ging het er bij hem thuis hetzelfde aan toe. Zijn vader roept nog steeds dat homo's ziek zijn als hij ze op tv ziet. ,,Ik geloof niet dat de antihomoseksualiteit met de religie te maken heeft. Het is meer de cultuur van het land.''

Het duurde jaren voordat Hassan zijn geaardheid kon accepteren. Op de middelbare school was hij verliefd op een jongen, maar hij kon zijn gevoelens niet thuisbrengen. ,,Dus stortte ik me op mijn school, muziek en de islam. Ik was zo geïsoleerd dat ik geen antwoorden op mijn vragen kon zoeken. `O mijn Allah, wat is er met mij aan de hand?' Ik kon ook niet terecht bij de imam, ik durfde niet.'' Hassan heeft zijn religie niet helemaal opgegeven, wel geminimaliseerd. Hij praktiseert niet meer. ,,Het kan niet zo zijn dat Allah mij zo heeft gemaakt terwijl hij mijn geaardheid afkeurt.'' De student: ,,Laat mij mijn geaardheid afrekenen met mijn god.''

Rectificatie

In het artikel Arabische homo's hebben dubbelleven (17 mei, pagina 3) wordt Ahmed Marcouch verbonden met de Marokkaanse moskeekoepel UMMON. Hij is echter bestuurslid van de Unie Marokkaanse Moskeeën in Amsterdam en Omstreken (UMMAO).