Prikkelen met sterren

In het studiehuis overleggen leerlingen onderling niet over de stof. Met WisSter wel.

LAURAN VAN OERS is leraar wiskunde. Al 37 jaar. De invoering van het Studiehuis eind jaren '90, waarin havisten en vwo-ers zo veel mogelijk zelfstandig werken en docenten die zelfstandige werkhouding faciliteren, vond hij een prachtidee. Maar in de praktijk stuitte hij op dingen die de praktische invulling van dat prachtidee belemmerden.

In de lerarenkamer van Scholengemeenschap 't Rijks in Bergen op Zoom vertelt Van Oers wat hem opviel. ``Ik merkte allereerst dat leerlingen veel moeite hebben met vooruit kijken. Als ze over drie weken een toets hebben, kunnen ze slecht inschatten wanneer ze moeten beginnen met leren. Verder was door het zelfstandig werken moeilijk vast te stellen óf leerlingen nu werkelijk begrepen hoe het in elkaar stak. Als docent is het je taak om rond te lopen en schriften te controleren, maar je weet niet of wat er in die schriftjes staat hun eigen verdienste is. En als ze het al fout doen is er weinig reflectie: ze controleren hun antwoorden op een antwoordenblad, strepen aan wat fout is en gaan door. Maar wat mij het meest van alles tegenviel was dat de leerlingen onderling niet overlegden over de stof. Dat doen ze uit zichzelf niet.''

De bel gaat. Van Oers loopt naar zijn klas, 4-vwo. Zodra de les begint heerst er een werksfeer: gekras van pennen op papier, beweeglijke vingers op de toetsen van de rekenmachines, een zacht geroezemoes van leerlingen die overleggen en het gedempte getik van het toetsenbord van de vier computers die achterin de klas staan opgesteld. Van Oers heeft ze bij binnenkomst direct aangezet en ingelogd op WisSter: het computerprogramma dat hij heeft ontworpen als oplossingen voor de problemen die hij zag in het Studiehuis.

``Iedere rij leerlingen heeft één computer en de leerlingen spreken onderling af in welke volgorde ze er naar toe gaan'', legt Van Oers het systeem uit. Alexander Androulakis (16) wil wel uitleggen wat hij net heeft gedaan: ``Een toets over recursieformules. Je krijgt eigenlijk vragen over je huiswerk. Maar wel moeilijkere vragen dan die in het boek. Dus ik vind dit wel moeilijk, ja.'' Céline Timmersmans (15) denkt daar heel anders over. Ze heeft net een toets over meetkundige rijen afgesloten. ``Ik vind het wel leuk om te doen. Als je je huiswerk goed doet, dan is dit niet moeilijk en kun je er je proefwerken mee ophalen.''

``Het aantrekkelijke voor leerlingen is dat WisSter direct boter bij de vis biedt'', legt Van Oers uit. Ze doen thuis hun huiswerk, in hun eigen tempo, en als ze weer op school komen kunnen ze het aftoetsen met WisSter. Per paragraaf krijgen ze drie vragen. Daarvoor krijgen ze vier minuten de tijd. Maken ze de vragen goed, dan levert dat een sterretje op. Voor een hoofdstuk van vier paragrafen kunnen ze in totaal vier sterren halen, dat staat gelijk aan een tien. Die sterren tellen mee bij de eindbeoordeling. Ze kunnen zo vaak ze willen herkansen, totdat de deadline verstreken is, want voor elk hoofdstuk stel ik een termijn.''

De grootste winst van WisSter, vindt Van Oers, is de onderlinge discussie die het oproept. ``Als een leerling de toets maakt en een vraag niet weet, dan zie je dat hij of zij daar met anderen over gaat praten.'' Wat de boeken dus niet voor elkaar krijgen, lukt de computer wel. Datzelfde geldt voor de interactie met de docent. ``De toets roept vragen op bij leerlingen die ik dan weer klassikaal behandel.''

Van Oers is een jaar of vijf geleden gestart met WisSter. Informatica was altijd al zijn hobby. Desalniettemin kostte het maken van WisSter hem vele honderden uren, nog afgezien van de tijd die nodig was om de databases te vullen met vragen. Van Oers kreeg hier vanuit school geen uren voor. ``Het was allemaal liefdewerk oud papier.'' Maar de voordelen wegen ruimschoots op tegen die inspanning. ``Het levert mij meer arbeidsvreugde op. Het scheelt de helft in werkstress. Ik ben nu niet meer continu bezig de leerlingen bij de les te houden. Zelfs tijdens het achtste uur op donderdag wordt er nog gewerkt, zei een collega, die er pas mee begonnen is. En zo is het.''

Die collega is Mariëlle Geers, docente wis- en natuurkunde. ``Het principe van de sterretjes prikkelt ze om echt te werken. Want als ze hun huiswerk zomaar overschrijven halen ze het niet. Juist voor de zwakke leerlingen op wiskundegebied is het een uitkomst. Met hard werken kunnen zij zelf hun cijfer beïnvloeden. Het beloont ook nauwkeurig werken, want WisSter stimuleert nadenken over de stof. Leerlingen schrijven hun berekeningen nu uit, omdat ze daarmee de WisSter vragen kunnen beantwoorden en sterren verdienen.”

WisSter is ook een leerlingvolgsysteem. De computer zet verschillende gegevens om in statistieken. Per leerling zijn de resultaten te volgen, zodat knelpunten in één oogopslag zichtbaar worden. Datzelfde geldt per klas. Het programma houdt ook bij hoeveel pogingen een leerlingen doet om tot een goede afronding van een hoofdstuk te komen.

Op de school van Van Oers is inmiddels een werkgroep geïnstalleerd die zich bezig houdt met de ontwikkeling van het programma voor andere vakken. Bij Duits zijn de eerste schreden gezet. Vanuit andere scholen is er belangstelling voor WisSter, dat in licentie wordt verkocht, al loopt het (nog) geen storm. Van Oers begrijpt dat wel: ``Wij hebben de database gevuld met vragen die passen bij onze lesmethode, Netwerk. Als je met een andere methode werkt moet je zelf de vragen maken. Dat is tijdrovend, hoewel het meevalt als je het samen met collega's kunt doen.''

www.wisster.nl