Middelste bonte specht

De stammen van de rode en groene beuken in het Zoniënwoud, Le Forêt des Soignes, ten zuidoosten van Brussel rijzen als pilaren van een kathedraal de hoogte in. Een zeldzaamheid hier is de verschijning van de middelste bonte specht, die aandacht trekt met zijn heldere, scherpe roep waarin ook iets klagends zit. In Nederland is deze spechtsoort, die zelden of nooit roffelt, een nog grotere bijzonderheid. De vogel, Dendrocopos medius, meet tweeëntwintig centimeter, drie minder dan de grote bonte specht. Hij is te onderscheiden aan de vuurrode kap over de kop, als een brandweerhelm. Ook moet de waarnemer letten op de zijkant van het gezicht, dat geheel wit is. De middelste bonte specht leeft hoog in de bomen. Daarom is het vroege voorjaar de ideale tijd om hem te spotten: de specht kan zich niet verschuilen tussen het groen. De middelste bonte specht klimt met zijn scherpe tenen en gesteund door de stugge staart langs de stammen omhoog, vliegt op en kiest een lager punt, en struint opnieuw de boomschors af naar insekten. Het zwart-witte beeld met de felrode kruin is opeens te zien, dan weer onvindbaar en kijk, daar zit'ie weer op een dorre tak. ,,Onmiskenbaar'', luidt het oordeel, ,,de middelste bonte...''

Illustratie:

Rein Stuurman (Zien is kennen!)

freriks@nrc.nl