Lege concertzaal komt echt niet door nieuwe muziek 2

Het gaat niet goed met de nieuwe, serieuze gecomponeerde muziek in Nederland, meent Ton Boersma. Het zou veel beter moeten gaan met de hedendaagse muziek, is ook mijn mening. En het kán ook beter gaan, het talent is aanwezig en de juiste instelling ook: veel componisten zijn geheel niet vies van publiekssucces. Natuurlijk moet er ruimte blijven voor experimentele, moeilijke muziek, gericht op professionals. Maar het is daarnaast inderdaad goed om componisten nog meer te stimuleren om contact te krijgen met een groter publiek.

Boersma's wens de subsidieverstrekking afhankelijk te maken van de opgebrachte recettes brengt, op de manier waarop hij het wil, een griezelige bureaucratie met zich mee.

Maar het heeft ook weinig zin: subsidieverstrekking houdt nu al sterk rekening met de publiekswaardering. En in het huidige klimaat, waarin de recettes steeds belangrijker worden, zullen de uitvoerders zeker rekening houden met de smaak van het publiek.

Ik zie veel meer in het toekennen van bedragen aan composities die op een vernieuwende manier zichzelf midden in de maatschappij willen plaatsen. Zulks naast, maar ongetwijfeld een beetje ten koste van de gebruikelijke subsidies. Ik kwam op dat idee toen ik enkele maanden geleden `Ville Passager' van Merlijn Twaalfhoven hoorde, een soort geluidssensatie met live musici op de Noordermarkt in Amsterdam. De muziek kwam van de kerktoren, uit een huis, vanaf midden op de markt. Het was een vreemde en geweldige ervaring, mensen met volle boodschappentassen keken verbaasd om zich heen.

Stel nu dat de subsidieverstrekker elk jaar een meer van dit soort ideeën ondersteunt. Een soort subsidies voor `muziek voor de mensen'. En stel dat er elk jaar een prijs komt voor de compositie of componist die het best het contact heeft gelegd met een groot publiek. Natuurlijk met een passende prijsuitreiking, mét muziek. Dan bereik je daarmee ongetwijfeld meer dan met het omgooien van het huidige subsidiesysteem, dat eigenlijk al best goed en efficiënt is. En daarnaast is het ook een stuk optimistischer en inspirerender dan nieuwe boekhoudersregels introduceren.