Cook vond niks gek

,,James Cook keurde niets af. Dat beviel mij'', stelde Anna Enquist vast. Ze schreef een roman met de ontdekkingsreiziger als uitgangspunt. Ze kwam uit bij zijn echtgenote.

Vijftien jaar geleden marcheerde Anna Enquist de Nederlandse literatuur binnen met haar Soldatenliederen. Sindsdien is ze er niet meer uit weg te denken, met haar rauwe manier van vertellen, haar altijd wat hoekige stijl en haar robuuste woordkeus. Over gebrek aan belangstelling had ze niet te klagen. Niet alles wat ze schreef werd met gejuich ontvangen, maar haar lezers trokken zich weinig aan van de soms kritische geluiden. De zes dichtbundels, de verhalen, de monologen, het boekenweekgeschenk en de twee romans die ze na Soldatenliederen schreef, werden goed verkocht.

Het moet al heel gek lopen als dat met haar nieuwe boek, De thuiskomst, niet ook het geval zal zijn, want het is haar beste, haar meest omvattende en meest ontroerende roman tot dusver, veel soepeler en losser van stijl ook dan we van haar gewend zijn. Het is een historische roman, gewijd aan Elizabeth Batts Cook, de vrouw van de zeevaarder en ontdekkingsreiziger James Cook. Een dappere, maar ook bepaald beklagenswaardige vrouw, zo blijkt uit de gloedvolle beschrijving die Enquist van haar leven geeft. Zij baarde zes kinderen, maar geen van de zes zou oud worden. Twee kinderen overleden al in haar kraambed of in de wieg. De andere vier hielden het langer vol, maar de arme Elizabeth werd met haar vierennegentig jaren veruit het oudst van iedereen. Haar echtgenoot overleefde ze ongeveer twee keer. Achterin het boek zien we haar beeltenis, van de hand van een onbekende schilder: een krasse oude dame, keurig rechtop, met een vage glimlach om de lippen en een ongebroken, heldere oogopslag.

Enquist deed voor haar doen nogal lang over deze roman. Er ging een uitgebreid en jaren in beslag nemend onderzoek aan vooraf. De eerste tekenen van haar belangstelling voor de verlichte reiziger Cook doken al op in de roman Het meesterstuk (1994) en in de dichtbundel Een nieuw afscheid (1994), waarin een afdeling aan hem was gewijd. Ruim tien jaar later zou ze de laatste hand leggen aan de roman waarin kapitein Cook wel veel voorkomt, maar dan meer indirect, als degene op wie node en uiteindelijk zelfs vergeefs wordt gewacht. Zijn thuiskomst, zou je kunnen zeggen, luidde een definitief afscheid in.

Het werken aan de roman over Cook was, vertelt Enquist, ook bedoeld om afgeleid te worden van het verdriet om haar in 2001 na een aanrijding door een vrachtwagen verongelukte dochter Margit. Haar concentratievermogen was zo pover, dat ze er niet in slaagde haar gebruikelijke methode te volgen: te schrijven volgens een strak plan, met kaarten en schema's. En daardoor bleef ze maar lezen en herlezen en gebeurde er verder niets. Marcel Möring deed haar, op precies het juiste moment, het idee aan de hand om ieder vooropgezet idee te laten varen en gewoon maar te gaan zitten schrijven. ,,Dat was een gouden advies'', zegt Anna Enquist, breed glimlachend. ,,Ik ben de volgende ochtend gaan zitten en met hoofdstuk een begonnen. Zonder enig plan. Dat heeft uitstekend gewerkt. Ik had blijkbaar allang een structuur in mijn hoofd, die alleen nog maar bevrijd hoefde te worden.''

Ze is blij en trots dat het boek er is en wil er graag over praten. ,,Ik heb het opgedragen aan mijn zoon Wouter, om te benadrukken dat het leven hoe dan ook doorgaat. Ik heb monologen geschreven over Margit, ik heb gedichten geschreven die allemaal over rouw gingen (De tussentijd, 2004), maar hij is er óók. Deze roman heeft iets toekomstigs in zich, iets feestelijks. Er mag nu ook wel weer eens iets zijn waar je blij van wordt.'' Toch zal de rouw om Margit steeds weer opduiken in het gesprek, als ijkpunt, als maat van alle dingen.

Ze heeft het druk, met promotionele activiteiten en enkele kleinere opdrachten. Gisteren ging bovendien in Rotterdam een toneelstuk in première waarvoor Enquist drie monologen schreef. Struisvogels op de Coolsingel gaat over het bombardement op Rotterdam, op 14 mei 1940.

Haar dagen zijn gevuld en dat is prettig, want toen het boek net af was, rond de jaarwisseling, nadat ze er anderhalf jaar dagelijks aan had gewerkt, inclusief vakanties en weekends, had ze ineens niets meer te doen en werd ze somber. ,,Ik heb mijn draai eigenlijk nog steeds niet gevonden. Ik heb ook erg veel moeite met afscheid nemen van dit boek. Ik heb er met veel plezier aan gewerkt. Anders dan mijn vorige romans, die ik tussen allerlei bedrijven door schreef, kon ik me hier helemaal op concentreren. Elke ochtend om een uur of half negen zat ik achter mijn blocnote.''

Ging u altijd meteen aan de slag, of deed u eerst een soort warming-up?

,,Nee hoor, ik begin altijd meteen, net als bij het pianospelen. Vroeger oefende ik eerst een half uur techniek, maar nu speel ik gewoon. Zo is het bij het schrijven ook. Ik weet dat echte schrijvers zoals Gerard Reve en Jeroen Brouwers eerst brieven schrijven voordat ze aan het echte werk beginnen. Dat zijn geen huisvrouwen. Je leert van die tijd dat je kinderen klein zijn dat je die halve uurtjes ertussen zo productief mogelijk moet maken. Al dat gezeur van in de stemming moeten komen, dat is zonde als je maar even de tijd hebt.''

Hoe kwam u op het idee om een roman te schrijven over James Cook?

,,Ik maakte eens een wandeling met een vriendin, in 2001 was het, in zijn geboortestreek Cleveland. Daar kwam ik hem als het ware tegen, in de kustplaats Whitby, waar een Cook-museum gevestigd is. Daarna wilde ik alles over hem weten. Een hele trieste streek is dat. Als je daar langs die kust loopt, zo tragisch en arm, met die steile klippen, dan kan je je helemaal voorstellen dat zo'n nieuwsgierige jongen als Cook zo die weidse zee inrolt. Hij moet wel hebben gedacht: die zee, daar moet je overheen, dan kom je ergens. Ik voelde mij erg aangetrokken tot het autonome, zelfstandige denken van die man. Godsdienst had hij niet nodig. Hij was nieuwsgierig en kon goed observeren. Hij vond niets gek, keurde niets af, dacht overal over na en probeerde te duiden wat hij zag. Dat beviel mij.''

En vervolgens ging u zich concentreren op zijn vrouw.

,,Over Cook is veel bekend, maar over zijn vrouw zijn alleen een paar droge feiten overgeleverd. Haar karakter kon ik zelf bepalen en via haar kon ik dan weer dingen over hem vertellen. Het was fijn om zo'n vergeten vrouw in de schijnwerpers te kunnen zetten. Dan is haar leven toch niet voor niks geweest. Het is natuurlijk onzin, maar ik heb al bedacht dat er, over een eeuw of zo, een schrijver opstaat die een mooie roman gaat schrijven over mijn dochter. Dat soort egocentrische gedachten spelen ook mee. Verder vond ik het ook echt sneu dat er over hem nog steeds wordt gepubliceerd, maar dat je nooit iets leest over haar en al die gestorven kinderen. Terwijl het gevoelsleven van die mensen natuurlijk het allerbelangrijkste is geweest.''

Was het moeilijk om al die rampzalige gebeurtenissen te beschrijven?

,,Ik heb lang getwijfeld of ik het wel kon. Het lag heel ingewikkeld. Ik moest iets te doen hebben en ik wilde het graag, maar ik vond het ook een handicap dat zij al die kinderen verloor. Als je zelf een roman zou verzinnen, dan zou je nooit zes kinderen laten doodgaan. Dat kreeg ik door de geschiedenis in de schoot geworpen. Ik heb het opgelost door twee van die kinderen eruit te lichten: het meisje Elly en het jongetje Nathaniel met de viool. De rest heb ik wat terloops behandeld, want het was gewoon veel te veel. Het idee van klap op klap krijg je toch wel. Waar ik nog steeds niets van snap is hoe die vrouw het al die jaren heeft uitgehouden. Waarom ging ze niet gewoon dood? Ik heb gehoopt dat ik daar achter zou komen, maar zo gaat dat natuurlijk niet. Elizabeth krijgt op het eind een soort berusting over zich. Haar dierbaren hebben bestaan en zij koestert haar herinneringen aan hen. Zo zou ik zelf ook graag willen denken.''

En zo werkt het dan niet?

,,Zo werkt het niet, nee. Misschien wel op heel lange termijn. Dus ik troost me nu met het idee dat ik dit heb kunnen bedenken en opschrijven. Het is in elk geval een aanzetje. En misschien help ik er wel anderen mee. Ik heb tenminste wel eens van lezers gehoord dat ze zich door mijn boeken gesteund voelen. Waarom dat zo is, weet ik ook niet precies.''

Misschien omdat er wel veel narigheid in beschreven wordt, maar de personages toch niet echt zielig zijn?

,,Ja, dat zou best kunnen. Er is veel ellende, maar in mijn boeken gaat het altijd om mensen die zich desondanks weten te handhaven, zij het ook op een verarmd niveau. Hun leven mislukt niet definitief. Hoopvol is het allerminst, maar het is wel zo dat mijn hoofdpersonen genoegen nemen met minder dan het beste. Dat is ook iets wat je patiënten tijdens psychotherapie probeert bij te brengen. Het is erg prettig als mensen kunnen aanvaarden dat het leven niet altijd perfect hoeft te zijn, dat ze niet belachelijk zijn als ze hun idealen opgeven. Het is een misvatting om te denken dat je recht hebt op van alles en nog wat. Op liefde, geluk, kinderen, een mooie baan. En als dat er dan niet in blijkt te zitten, dan ontsteken sommige mensen in narcistische woede. Wat een akelig leven! Als je kunt verdragen dat het leven minder is dan je ervan had verwacht – ja, hoor mij! – dan is dat mooi.''

Uw thematiek is wel omschreven als `het menselijk tekort', een poging tot beantwoording van `de grote levensvragen'.

,,Het gaat bij mij altijd om mensen die klappen oplopen en die zich dan afvragen hoe ze nu verder moeten. Op een bewust niveau wil ik vaak wat anders. Met Het geheim heb ik bijvoorbeeld een soort monumentje willen oprichten voor pianotechniek. Met De thuiskomst wil ik vooral de verlichtingsidee goed laten uitkomen. Dat is toch onze enige redding in het denken. Ik ben enorm antigodsdienstig. Altijd geweest ook. Toch kom je er niet alleen met dat rationele verlichtingsdenken. Er blijft een gebied waar je je onthand voelt. Het is nooit helemaal opgehelderd waarom Cook op zo'n gruwelijke manier aan zijn einde kwam. Hij werd vermoord door de Hawaianen, maar hoe moeten we dat duiden? Daarover verschillen de Cook-vorsers van mening. Het ene kamp houdt staande dat hij een humane geleerde was, met veel oog en respect voor de inlanders. Het andere kamp, een groep antropologen, beweert dat hij een wrede, koloniale overheerser was en dat het zijn eigen schuld is dat hij werd vermoord. Ik vermoed dat hij in zijn laatste maanden psychotisch was. Hij was wanhopig. Hij zag geen uitweg meer en voelde zich nergens meer thuis: niet aan de vaste wal bij zijn gezin en ook niet meer op zee. Zijn alertheid als navigator liet hem in de steek. Dat is een historisch feit. In mijn visie liet hij zich vermoorden, in de waan zo toch nog een of andere bestemming te bereiken.''

Elizabeth vat, tegen het eind van de roman de levensloop van haar man kort samen: `Alles gewonnen, alles verloren.' Alsof het eigenlijk allemaal voor niets is geweest. Een zinloze bedoening. Bent u het daarmee eens?

,,Zo zou je dat kunnen zien. Het leven heeft inderdaad geen zin, maar dat is natuurlijk geen reden om bij de pakken neer te zitten. Je kunt wel zin aan het leven géven. Iedereen moet het een beetje aardig zien te maken voor zichzelf. Wat aardig wordt gevonden, verschilt per persoon. De een ziet het in hard werken en beroemd worden, de ander in het aangaan van relaties.''

Is het prettig om beroemd te zijn?

,,Ik zie dat niet als iets waar je voor zou moeten leven. Maar ik zal niet zeggen dat het totaal onbelangrijk is. Ik denk dat het me wel goed doet om veel lezers te hebben. Ik voel me bevoorrecht dat ik een podium heb en dingen de wereld in kan sturen. Ik heb er ook herhaaldelijk gebruik van gemaakt. Ik heb gepleit voor inzichtgevende psychotherapie. Niet dat dat enig effect heeft gehad, trouwens. Die therapie is inmiddels zelfs uit alle verzekeringen geschrapt. Maar ik vond het toch goed om het gezegd te hebben. Ook vond ik het leuk om in mijn roman Het meesterstuk over de zwakzinnigenzorg te kunnen schrijven, een onderwerp dat mij na aan het hart ligt, maar waarvoor in deze maatschappij geen interesse is. En ik heb na de dood van Margit actie gevoerd voor die dodehoekspiegels. Dat schijnt ook zinloos te zijn geweest. Toevallig stond dat vorige week in de krant, dat er net zoveel van die ongelukken gebeuren als voor de invoering van die spiegels. Het helpt niet, omdat ze er niet in kijken.

,,Ach, beroemdheid is zeer betrekkelijk. Het zijn lege relaties die je dan hebt. Het is voor de meeste mensen veel prettiger om gekend te worden door hun gezin, hun vrienden, de mensen die weten hoe ze zijn. Ik heb de kinderen altijd als erg zinvol ervaren.''

Gaat u opnieuw afleiding zoeken in het schrijven van een roman?

,,Ik weet het niet. Om een roman te kunnen schrijven heb je een onderwerp nodig dat je jarenlang boeit. Toen ik begon met het schrijven van romans had ik drie onderwerpen. Ik heb ze alle drie afgehandeld. Het is klaar, ik hoef niet meer. Het kan best dat zich nog iets aandient, dat hoop ik ook wel, maar op dit moment heb ik helemaal geen ideeën.''

,,Had ik wel een onderwerp, dan zou het, in mijn huidige staat, een ongeconcentreerde troep worden. Een boek dat je maar zo'n beetje laat gebeuren. Misschien moet ik nog verder gaan en zonder enig plan beginnen aan een roman zonder onderwerp. Dat is pas echt gewaagd.''

Anna Enquist: `De thuiskomst', Uitg. De Arbeiderspers. 416 blz. €19,95.

Anna Enquist, Antoine Uitdehaag en Anne Vegter: `Struisvogels op de Coolsingel'. Theater Bonheur, 3 mei t/m 5 juni 2005.